‘Het gesloten koninkrijk’

Carmen Bin Ladin is de dochter van een Zwitserse vader en een Iraanse moeder en brengt in Zwitserland haar jeugd met haar moeder en vier zussen door.

Vaak gaat ze in de vakanties naar haar oma in Iran, die deel uit maakt van de hogere kringen. Als jong meisje ontmoet ze de familie Bin Ladin, die dikwijls in Genève hun vakantie doorbrengt.

Het boek verhaalt over het leven in Saudi-Arabië, een land dat de deur naar het Westen potdicht houdt. Carmen mocht er haar eigen auto niet besturen, kon zonder mannelijke begeleiding haar huis niet uit en diende haar kinderen naar een streng islamitische school te sturen. Ze kwam er al snel achter dat ze in een middeleeuwse maatschappij leefde, waar oude wetten van de woestijn nog golden.

Carmens grootste angst betrof haar drie dochters. Ze zouden geen goede opleiding kunnen krijgen, vanaf hun twaalfde gesluierd over straat moeten en nooit hun eigen man kunnen kiezen. Uiteindelijk wist Carmen bin Ladin haar man ervan te overtuigen naar Zwitserland te verhuizen, waar het huwelijk ten slotte strandde. Carmen en haar dochters leven weer in vrijheid – de gevangenschap is voorbij, maar de achternaam is gebleven.