Newage-symbolen

Samenvatting

Wat zijn newage-symbolen en waar staan ze voor? Word je occult besmet als je regelmatig met Chinese of Hindoe-tekens wordt geconfronteerd, zoals Yin-Yang of Mandala?

B&O magazine juni 2000 Door drs. R.H. Matzken

Vraagstelling

Het treft ons dat je tegenwoordig zo dikwijls newage -symbolen ziet: bijvoorbeeld het yin yang-symbool, zelfs bij christenen! Zouden die niet weten waar ze voor staan? Kan Bijbel & Onderwijs hier niet eens aandacht aan schenken?”

Het is niet de eerste keer dat ons zo’n vraag wordt gesteld. Daarom nemen wij die ook in dit magazine op, met de aantekening dat het hier om een heel moeilijke vraag gaat. Meestal wordt met een vraag als deze bedoeld: Word je occult besmet als je regelmatig met Chinese of hindoe-tekens wordt geconfronteerd, zoals yin yang, pentagram, mandala, lemniscaat of swastika?

Wij hebben deze vraag ook voorgelegd aan prof. dr. Franzke uit Hannover. Daarbij werd de vraag nog wat anders gesteld, een beetje meer wetenschappelijk:
Roept het fenomeen (bijv. een symbool) de context (een nieuw denken) op?

We hebben deze diepzinnige vraag voorgelegd aan een aantal docenten van de afdeling opvoedkunde van de Universiteit van Suid Afrika (UNISA) in Pretoria. Ons trof de reactie van verrassing en herkenning van deze nieuw-geformuleerde uitdaging, met name vanuit hun bezinning op het nieuwe kurrikulum-2005, waar dit ook aan de orde is.
Deze vraag wordt nog actueler sinds Pokémon de gemoederen (vooral van kinderen) heeft beroerd en dat nog wel zal blijven doen, misschien onder andere namen (zoals Magiccards). De kaarten waarmee de kinderen spelen, bevatten namelijk tekeningen van zgn.
sjintai of godlichamen, voorwerpen of dieren waarin de godheid (de kami uit het sjintoïsme) huist.

Wij zullen proberen om een voorlopig antwoord te geven op deze vraag, waarbij we ons oog gericht houden op de achterliggende vragen: “Kun je occult besmet raken door al die verschillende newage-tekens die je herhaaldelijk tegenkomt?” Of is het “allemaal onzin, als je er niet in gelooft, doet het je niets!”

C.G. Jung

Dit onderzoek is pionierswerk, want bij ons weten is deze vraag nog niet eerder zo nadrukkelijk behandeld. In eerste instantie kwamen wij terecht bij C.G. Jung, die als kundig vorser en psychiater een geheel eigen weg was ingeslagen. In 1909 kreeg hij een ‘verschijning’ van een ‘geest uit de diepte’ die hem de opdracht gaf om het gedachtegoed van de westerse en de oosterse religies te integreren in de psychologie en psychiatrie. Hiertoe heeft hij een heel arsenaal van termen ontwikkeld, die thans in de menswetenschappen vrij algemeen zijn aanvaard, zoals het collectieve onbewuste (in tegenstelling tot het persoonlijk onderbewuste) en zijn archetypen.) In mijn boek Charisma uit de diepte heb ik aangetoond dat we ons hier maar beter verre van kunnen houden. Deze zogenaamd wetenschappelijke begrippen vertegenwoordigen namelijk een spiritueel gedachtegoed dat in de Bijbel onder heel andere termen bekend is.

Wanneer wij hier Carl G. Jung aanhalen, moeten wij beseffen dat hij, volgen zijn eigen formulering, “als scheppend mens overgeleverd was, niet vrij, maar geboeid en gedreven door de demon”. Daarover moeten wij dus het licht van Gods Woord laten schijnen, wat wij nu in ‘t kort zullen doen. Jung beschrijft het symbool, evenals de droom, als drager van oergedachten (archètypen) uit het collectieve onbewuste ), door hem ook wel (de wereld van) de demon genoemd. Paulus spreekt in Ef 6:12 van de boze geesten in de hemelse gewesten, die wij, bekleed met de geestelijke wapenrusting, moeten weerstaan.

Nu zijn er symbolen die een beleefde werkelijkheid weergeven, bijvoorbeeld het christelijke symbool van het kruis. Wanneer die in onze samenleving geleidelijk hun betekenis verliezen, dienen zich andere symbolen aan. Dat kunnen seculiere symbolen zijn die de reclamemakers hanteren (zoals een frisse waterval). Andere symbolen maken ons vertrouwd met een spirituele werkelijkheid, bijvoorbeeld het yin yang-symbool. Als dragers (archètypen) van een andere werkelijkheid maken zij ons vertrouwd met een gedachtegoed dat haaks staat op onze westerse cultuur, bijvoorbeeld van de oosterse religies.

Beïnvloeding

Zulke symbolen uit de esoterische (naar binnen gerichte) wereld helpen de mens ‘overstappen’ van de verzwakte werkelijkheid van het christelijk geloof, naar een nieuw-spirituele werkelijkheid die zich met kracht aandient. De Bijbel heeft het gevaar onderkend dat de Israëlieten in het beloofde land de levende God zouden vergeten om in plaats van Hem de stomme afgoden te dienen. Daarom heeft God hen al direct in het Tweede gebod verboden om zich een gesneden beeld of gestalte te maken van de wereld der geesten die zich als afgoden laten vereren. Kennelijk roept het afgodsbeeld of -teken de wereld op van de Baäls en Astartes, die de Israëlieten zouden gaan nalopen.

Wanneer dit al geldt voor volwassenen, die vertrouwd zijn met Wet en Evangelie, hoeveel te meer staan onze kinderen dan open voor een wereld die door heidense symbolen wordt opgeroepen! Zij hebben nog nauwelijks weet van de openbaring van God door Zijn Woord. Erger nog, door het blootstellen aan heidense symbolen leren zij de Bijbel verstaan als een wereld van mythologie, waarzeggerij en magie.

Vandaar onze waarschuwing: laat u zich niet in met allerlei newage-symbolen om niet besmet te raken met de wereld die daarmee wordt opgeroepen:

  • yin yang als introductie in de polariteiten van de Chinese filosofie,

  • het pentagram als het vijfhoekige satansteken,

  • de mandala als het oerteken, zoals de mantra de oerklank is,

  • de lemniscaat als de verbinding van het geestelijke en het stoffelijke,

  • de swastika als symbool van de ongelijkheid van de rassen.

Als ze voorkomen, zoek dan de betekenis na en leg anderen uit wat ze oproepen. Zorg ervoor dat er, ook bij uw kinderen, geen ‘leegte’ ontstaat die hen voor al die spirituele namaak ontvankelijk maakt. Leer hen, net als Timotheüs, van kindsbeen af de heilige schriften te kennen, die hen wijs kunnen maken tot zaligheid door het geloof in Christus Jezus.