18 Veelgestelde vragen (FAQ’s) aan de islam

Voor een beknopte kennismaking met de islam worden de meestgestelde vragen hier kort opgesomd. Deze vragen zijn grotendeels afkomstig uit de publicatie van de Amerikaanse moslim Shahid Athar, aangevuld met enkele vragen van de Islamitische Charta van de Centrale Raad der Moslims in Duitsland.
Op iedere vraag worden twee antwoorden geformuleerd:

Het vriendelijke gezicht,
volgens de (Euro-)moslimorganisaties
Het grimmige gezicht, volgens de Bijbel en de bronnen van de islam

 

1. Wat is de islam?
Het woord islam betekent vrede en onderwerping. Vrede met jezelf en je omgeving en onderwerping aan de wil van Allah. Historisch gezien is de islam, naast jodendom en christendom, een van de drie monotheïstisch religies die in het Midden-Oosten zijn ontstaan. Het woord islam betekent slechts ‘onderwerping’. De islam pretendeert de enige ware religie te zijn. Het doel is dat heel de wereld zich onderwerpt aan Allah, Om dit te verwezenlijken is alles geoorloofd, van prediking, via misleiding tot omkoping en dwang.
2. Wie is Allah?
Allah is het Arabische woord voor ‘één God’
Zo is Allah de God van de joden, de christenen en de moslims, Schepper en Onderhouder van alle mensen.
Van zijn 99 titels zijn de twee meestbekende: ‘De Barmhartige’ en ‘De Genadevolle’.
Allah is een algemene naam voor God, net als het Hebreeuwse Elohim of het Griekse Theos. Historisch gezien is de Allah die de stam van Mohammed vereerde, de maangod. De beschrijving van Allah in de Koran klopt totaal niet met het karakter van de God van de Bijbel
3. Wat is een moslim?
Het woord moslim betekent iemand die zich in woord en daad onderwerpt aan de wil van Allah. Daartoe uit hij vijfmaal daags zijn geloof met de woorden: “Er is geen god dan Allah en Mohammed is zijn profeet.”
Ook alle profeten vóór Mohammed worden als moslims beschouwd, inclusief Mozes en Jezus.
De Bijbel stelt (onder meer in Psalm 96:5): “Alle goden der volken zijn afgoden.”
Joden en christenen houden vast aan het Sjema “Hoor Israël, de HERE (YHWH) is uw God;, de HERE is Eén” en de Tien Geboden met als eerste: “Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben.”

 

4. Wie was Mohammed?
Mohammed werd in 570 in Mekka geboren als afstammeling van Abrahams zoon Ismaël.
Op de leeftijd van 40 jaar kreeg hij een visioen dat hij later toeschreef aan de engel Gabriël, die hem gedurende de volgende 23 jaar de Koran heeft gedicteerdMoslims vereren ook Mozes (Moesa) en Jezus (Isa) als profeten, maar beschouwen Mohammed als ‘het zegel der profeten.’
Na zijn ervaringen in de grot van Mekka besloot Mohammed om de god (Allah) van zijn eigen stam (de Kuraisj) tot oppergod te verklaren.
In de strikte betekenis van het woord is dit geen monotheïsme maar henotheïsme: het verkiezen van één god uit velen.
De Bijbel verklaart nadrukkelijk (Op. 22:17-20) dat er na de Openbaring van Johannes (AD 95) geen verdere openbaring van God zou komen.
5. Wat is de Koran?
De Qur’an is de verbale openbaring van Allah. De naam betekent letterlijk ‘reciet’, want eigenlijk moet de Koran niet gelezen worden, maar (liefst in het Arabisch) opgezegd. Het zijn de ‘woorden van Allah’ die als ‘Welbewaarde Tafel’ naar Mohammed zijn neergedaald.
De Koran bevestigt de waarheid in de Taura van Moesa (Mozes), de Psalmen (Zabur) van Dawoed en het Evangelie (Indjil) van Jezus (Isa).
De Koran is een ongeordende verzameling uitspraken van Mohammed, die elkaar dikwijls tegenspreken. Zij zijn tijdens zijn leven en kort daarna opgeschreven en verzameld.

Reeds in de 19e eeuw werd aangetoond dat Mohammed geput heeft uit vóórislamitische bronnen zoals de Talmoed, apocriefe boeken, zoroastrische geschriften en het Egyptische dodenboek.

6. Is er een leven na dit leven?
De mens heeft een vrije wil. Hij is zelf verantwoordelijk voor zijn daden en moet daarover op de jongste dag verantwoording afleggen.
Allah is rechtvaardig en dus zullen zij die goed deden, beloond worden en zij die het verkeerde deden, gestraft worden. Het leven op aarde is tijdelijk en het is een test. Wie de test doorstaan, zullen voor altoos genieten in het Paradijs.
Geen enkele moslim, Mohammed incluis, heeft enige zekerheid dat hij na dit leven in het Paradijs zal belanden. Volgens de Koran gaan alle moslims naar de hel en daarna zullen sommigen daaruit worden gered. (Soera 19:68-72)
Johannes (5:13) schrijft: Dit heb ik u geschreven, die gelooft in de Naam van de Zoon van God, opdat gij weet dat gij eeuwig leven hebt.

 

7. Wat vinden de moslims van Jezus?
Moslims hebben een hoge dunk van Isa en van zijn moeder Marjam. Isa werd op wonderbaarlijke wijze geboren zonder tussenkomst van een vader. Hij was een groot profeet en deed veel wonderen, maar hij was niet meer dan Adam en mag niet vereerd worden als Zoon van God. “Allah is een enig god; ver is het van zijn lofprijzing dat hij kinderen zou hebben” (Soera 4:171). Isa is wel naar de hemel gegaan, maar werd niet gekruisigd. Hij zal wel terugkomen maar vervolgens sterven zoals ieder ander. Op tal van plaatsen kent de Koran goddelijke eigenschappen aan Jezus (Isa) toe, zoals „En ik genees de blinden en de melaatsen en doe de doden herleven.” (Soera 3:49).
Toch ontkennen de moslims zijn verzoenend en plaatsvervangend sterven, waardoor zij allemaal in hun zonden moeten sterven, want „niemand is belast met de last van een ander.” (Soera 17:15)
Het offer als genoegdoening en verzoening dat afleidt van vergelding en geweld, is bij de islam onbekend.
8. Wat zijn de vijf zuilen van de islam?
De vijf zuilen van de islam zijn:

  1. shahad: geloven in één God en dat Mohammed zijn profeet is
  2. salaat: vijf maal daags geknield bidden met het aangezicht naar Mekka
  3. sijam: vasten van zonsopgang tot zonsondergang gedurende de maand Ramadan.
  4. zakaat: geven van aalmoezen aan de armen
  5. Hadj: eenmaal in je leven een bedevaart maken naar Mekka.
De vijf zuilen vormen het cement dat alle moslims aan Allah en met elkaar verbindt. Met name de salaat zorgt ervoor dat de moslims tot één gedrag gedrild worden: hun persoonlijkheid wordt genegeerd en het vermogen om kritisch en zelfstandig te denken gereduceerd.
Op die manier blijven de tegenstrijdigheden van de koran en de ongerijmdheden van de islam voor de meeste moslims verborgen. Ook worden hiermee de verschillende geloofsrichtingen binnen de islam overbrugd.
9. Wat zijn de voornaamste moslimfeesten?
De belangrijkste moslimfeestdagen zijn
Udul Fitre, het eind van de Ramadan of Vasten
Idul Adha, het einde van de Haddj of Bedevaart.
Bij het eerste feest worden geschenken gegeven; bij het tweede feest wordt een lam of geit geslacht met verwijzing naar Ibrahims bereidheid om zijn zoon Ismaël aan God te offeren.
De Idul Adha staat haaks op het Oude Testament dat leert dat Abraham Ismaël wegstuurde en bereid bleek om Isaäk te offeren. Immers “door Isaäk zal men van uw nageslacht spreken.” Gen. 21:12.
Het invoeren van moslimfeestdagen als publieke feestdagen in Nederland is onverenigbaar met onze joods-christelijke culturele traditie.

 

10. Wat is de sjaria?
Sjaria is het geheel van de moslimwetten die afkomstig zijn uit de twee bronnen: Koran en Soenna. De sjaria regelt alle aspecten van het dagelijks leven, zowel voor het individu als voor de gemeenschap. Deze wetten van de islam zijn bedoeld om de basisrechten van de mens te beschermen en omvatten het recht op leven, eigendom, politieke en religieuze vrijheid. De sjaria wordt gekenmerkt door rechtsongelijkheid, met name tussen mannen en vrouwen en tussen moslims en niet-moslims.
De eisen die de sjaria stelt gaan op veel plaatsen in tegen de menselijkheid en het geweten. N.B. De basisrechten van de mens gelden alleen voor de moslims. In de Dar al-Islam gaat dit ten koste van de niet-moslims, die daar slechts de status van dhimmies hebben.
11. Wat is djihad?
Het woord djihad betekent strijd, of beter: het nastreven van de zaak van Allah. Daaronder valt iedere strijd in het dagelijks leven om Allah te behagen, met name de zelfbeheersing.
Een andere vorm van djihad is het opnemen van de wapens in een moslimland om de islam te verdedigen wanneer die wordt aangevallen.
De djihad is de plicht van elke moslim of, zoals Mohammed zei: “Hij die vlucht (= wegrent van het gevecht) hoort niet bij ons.” Djihad is niet defensief maar offensief, met als einddoel het vestigen van Dar al-Islam (Huis van Islam).
De klassieke djihad is de daad, een ‘uitnodiging’ tot da’wah, uitmondend in sjaria. Dit heeft niets te maken met religie, maar is puur ideologisch en politiek.
12. Maakt de islam gebruik van geweld en terrorisme?
Nee. De islam is de religie van vrede en onderwerping en legt de nadruk op de onaantastbaarheid van het menselijk leven. De Koran zegt (Soera 5:32): „Wie een mens doodt (behalve wegens het doden van anderen of het scheppen van wanorde in het land), het ware alsof hij het gehele mensdom had gedood. En voor hem, die iemand het leven schenkt, alsof hij aan het gehele mensdom het leven heeft geschonken.” Moslims worden van jongsaf aan vertrouwd gemaakt met de djihad om op die manier de Dar al-Salam naderbij te brengen Zij moeten leren dat iedere moslim leeft volgens de bevelen van de Koran, dus dat een echte moslim een djihadstrijder is. Uit Soera 4:74-77 blijkt dat onderwerping aan Allah niet alleen bestaat uit gebeden en aalmoezen maar ook uit gehoor geven aan het bevel te doden om de islam te verbreiden.

 

13. Is de islam tolerant jegens joden en christenen?
De islam erkent de rechten van minderheden. Joden en christenen genieten als dhimmies bescherming door islamitische overheid. Als tegenprestatie wordt hun een speciale belasting (djizia) opgelegd. De profeet Mohammed verbood moslimsoldaten om kerken en synagogen te verwoesten. In moslimlanden wonen christenen in welstand, staan in dienst van de overheid en kunnen hun kerkdiensten bijwonen. Ook mogen christenzendelingen daar hun scholen en ziekenhuizen gebruiken. Helaas worden in veel landen aan moslimminderheden zulke rechten ontzegd. Deze beweringen worden zowel door de bronnen van de islam als in de lange geschiedenis van geweld weersproken.
Met uitzondering van Soera 2 “Er is geen dwang in de godsdienst” rechtvaardigen de andere teksten in de Koran en de Hadith de verdrukking van joden en christenen. In alle tijden en op vele plaatsen heeft men dit in praktijk gebracht.
Het recht om van geloof te veranderen geldt alleen voor niet-moslims die toetreden tot de islam. Als een moslim van geloof verandert, verdient hij de doodstraf!
14. Worden vrouwen in de islam onderdrukt?
Nee, integendeel. De islam heeft de positie van de vrouw juist verheven. 1400 jaar geleden gaf Mohammed hen al het recht om te scheiden, financieel onafhankelijk te zijn en op straat andere mannen te hulp te roepen als zij belaagd wordt. N.B. Het heeft nog eeuwen geduurd eer vrouwen in andere landen, incl. Europa, zulke rechten bezaten! De vrouw heeft als ‘minderheid’ wel zekere rechten, maar dat zijn meestal halve rechten (zoals de helft van een erfdeel of een halve stem als getuige). De rechten van de man staan toe dat hij jegens zijn eigen vrouw soeverein en grillig mag optreden, bijvoorbeeld door hen te slaan. Het woord ‘liefde’ en ‘liefhebben’ komt slechts 38 maal in de Koran voor; in het Nieuwe Testament 193 maal.
15. Staat de islam voor een zuivere moraal?
De islam keurt het vrije omgaan tussen de seksen af en staat voor het huwelijk. Homoseksualiteit wordt beschouwd als zonde; abortus en euthanasie gelden als moord.
De islam propageert geen polygamie maar staat wel toe dat een moslimman meerdere vrouwen neemt tot een maximum van vier, mits hij hen goed verzorgt en de een niet voortrekt boven de ander.
Hier kunnen veel christenen op diverse punten instemmen met de moslims. Ook zij nemen afstand van de verdorvenheden van de seculiere samenleving.
Maar niet tot elke prijs! Het mag geen motief zijn om te streven naar een theocratische staat en de scheiding tussen kerk en staat op te heffen.

Toegevoegde vragen op grond van recente ontwikkelingen, uitspraken van ‘gematigde’ moslimleiders en documenten als het Duitse Islamische Charta

16. Wat is Euro-islam?
De term Euro-islam is afkomstig van Hassam Tibi en werd door hem in 1997 in het Spaanse Cordoba gelanceerd in het kader van de joods-christelijk-islamitische trialoog. Met deze term wordt het beeld van de islam aangepast bij de verwachtingen van hun ‘gastlanden’. Men denkt de gewenste integratie te bevorderen door de onderwerping aan Allah te verbinden aan het nastreven van gelijkheid, vrijheid, gerechtigheid, broederschap en welstand. Met alle respect voor de pogingen van dr. Hassam Tibi en de zijnen moeten wij toch wijzen op de parallellen met Mohammeds optreden in Medina. Daar werd hij vriendelijk ontvangen door de bevolking, die grotendeels uit joden en christenen bestond en die hij als ‘Schriftbezitters’ respecteerde. Maar toen hij zich later sterk genoeg achtte, liet hij joden en christenen vermoorden die weigerden om hem in de islam te volgen.
17. Wat is het verschil tussen islam en islamisme?
De Euro-islam neemt deel aan de verworvenheden van de Westerse democratische rechtsstaat, met behoud van hun eigen identiteit in geloof, ethiek, sociale orde en levenswijze. In zaken van de godsdienst wordt elke dwang afgewezen.
Het islamisme roept de moslims op zich te houden aan de heilige wetten van de islam (sjaria) en wijst elke invloed van buiten af (en daarmee is het de broedgrond voor het djihadisme)
Het onderscheid tussen islam en islamisten is een illusie, want in wezen maakt de oproep tot geloofsbelijdenis net zozeer het wezen van de islam uit als de oproep tot djihad.

Het eerste doelwit van de djihad zijn de liberale moslims (zoals de Euromoslims) en die moslimstaten die de djihad en de sjaria niet ernstig nemen. Daarna komen de joden, de christenen en de heidenen aan de beurt.

18. Zijn de meeste moslims gematigde moslims?
De islam is een gematigde godsdienst. Een moslim die Allah vereert kan geen fanaticus of extremist zijn. Het begrip ‘fundamentalist’ is verzonnen door de Westerse media om elke moslim te brandmerken die terug wil keren tot de basisprincipes van de islam en zijn leven hiernaar wil inrichten. Vrijwel iedere moslim acht het zijn religieuze plicht om geweld te gebruiken om medemoslims in het gareel te houden. Dat geldt zeker binnen de eigen familie.
Het is de religieuze plicht voor iedere moslim om zijn geloof met alle middelen te verbreiden. (zie 11).Wie dat niet doet is geen goede moslim.

 

Abrahams zonen: Ismaël en Isaäk (dl 1)

Abraham en Sara tot eindelijk hun zoon werd geboren. Zo kwam Abraham ertoe, op advies van Sara, om een kind te verwekken bij haar slavin Hagar: Ismaël, dat betekent`God hoort’. God zag naar Hagar om en vijftien jaar later hoorde Hij naar Ismaël, toen zijn moeder met hem naar de woestijn werd gestuurd.


 

Tenslotte kreeg Sara toch een zoon. Zij had het bijna niet kunnen geloven en moest er om lachen: “Wie hiervan hoort, zal ook wel lachen!” Daarom noemden zij hun zoon Isaäk, dat betekent: hij lacht.
Als Isaäk een tiener is geworden, wordt Abraham door God beproefd. God draagt hem op om zijn enige zoon als brandoffer offeren op een berg in de verte, de berg Moria. Als ze de berg beklommen hebben, stelt Isaäk ineens de vraag: “Vader, waar is het offer?” Abraham antwoordt: “God zal zelf voor een lam zorgen, mijn zoon.” Dan verschijnt een engel die Abraham tegenhoudt. Ze vinden een ram en die wordt het offerdier in de plaats van Isaäk. Daarom noemt Abraham die plaats Moria, wat betekent: “De HERE zal voorzien.”

Op grond van Jezus’ woorden aan Petrus (Matt. 16:18) vond de Kerk dat zijzelf de sleutels tot het hemelrijk had.

Excommuniceren (dl 4)

Op grond van Jezus’ woorden aan Petrus (Matt. 16:18) vond de Kerk dat zijzelf de sleutels tot het hemelrijk had. Aan hun opvatting van de sacramenten ontleende de Kerk haar echt en plicht om andersdenkenden, te excommuniceren, d.w.z. buiten de gemeenschap der Kerk te plaatsen. Daarmee werd zo iemand als ‘ketter’
. . uitgesloten van de kerkelijke en maatschappelijke verbanden waartoe men behoorde.
. . uitgesloten van de toekomstige hemelse vreugde.
De angst die deze handeling bij de ongeletterde mensen opriep, gaf de Kerk veel macht over hen.

Niet alle mensen waren blij met de wonderen die Jezus deed en de zieken die Hij genas. Vaak waren het de leiders van het volk die kritiek op Jezus hadden. De meeste Farizee?n en schriftgeleerden wilden niet naar Jezus luisteren zoals de discipelen deden.

Farizeeën (dl 2)

Niet alle mensen waren blij met de wonderen die Jezus deed en de zieken die Hij genas. Vaak waren het de leiders van het volk die kritiek op Jezus hadden. De meeste Farizee?n en schriftgeleerden wilden niet naar Jezus luisteren zoals de discipelen deden. Het was alsof hun oren en ogen dicht zaten. Wat Hij deed – bijvoorbeeld genezen op de sabbat – paste niet bij het geloof zoals zij dat zagen. Op het laatst zeiden ze zelfs dat Jezus de geesten uitdreef door de duivel!

Jezus noemde zulke mensen schijnheilig (hypocriet). Dat deed Hij in de Bergrede, voor mensen die van hun geloof een publieke zaak maken. Wie zijn geloof misbruikt om bij de mensen op te vallen, maakt er een toneelspel van en is een schijnheilige. De Het woord `hupokrit?s‘ is van oorsprong Grieks. Het betekende: toneelspeler. Op het klassiek Grieks toneel stond maar een man, een `hupokrit?s, die met maskers verschillende rollen vertolkte. Later kreeg het de betekenis van huichelaar, iemand die zich anders voordoet dan hij is.

 

Van de ballingschap zijn al vijfentwintig jaar voorbij als Ezechi?l een nieuwe serie visioenen krijgt.

Tempel van Ezechi?l (dl 3)

Van de ballingschap zijn al vijfentwintig jaar voorbij als Ezechi?l een nieuwe serie visioenen krijgt. Die gaan allemaal over de nieuwe tempel, de stad Jeruzalem en het land Isra?l. Wat hij hier te zien krijgt is een wonderlijk bouwwerk, zo groots en magnifiek als nog nooit op aarde is geweest.

De nieuwe stad Jeruzalem zal 2? km lang en breed zijn, dus in totaal 9 km in omtrek. Aan weerszijden van de stad ligt een parktuin die in totaal 4? km breed is.
Vanuit de tempel zullen alle volken gezegend worden. Dit wordt getypeerd door een riviertje (de tempelbeek) dat begint bij het altaar in de tempel. Die rivier wordt steeds dieper en stroomt in de richting van de Dode Zee. Overal waar de rivier komt, ontstaat er fris nieuw leven, zelfs in de Dode Zee.
Niets zal meer hetzelfde zijn als vroeger. God zal een nieuwe weg inslaan. Deze nieuwe tempel zal er zijn voor alle volkeren, die opnieuw zullen leren wat God met het LEVEN heeft bedoeld.

 

Een woord dat in de Romeinenbrief 19 keer terugkomt is het Griekse woord logizomai, dat betekent `(toe)rekenen’. Dat woord laat ons begrijpen hoe God rekent, want zó staat het in Zijn Testament.

Rekenen met God (dl 4)

Een woord dat in de Romeinenbrief 19 keer terugkomt is het Griekse woord logizomai, dat betekent `(toe)rekenen’. Dat woord laat ons begrijpen hoe God rekent, want zó staat het in Zijn Testament. Wij kunnen dat narekenen, zodat we het Testament gaan begrijpen en de erfenis gaan waarderen. Er wordt heel wat toegerekend aan de erfgenamen, waar zij dus op kunnen rekenen.

Romeinen Wat God de gelovige toerekent: Wat God de gelovige niet toerekent:
2:26
3:28
4:4 en 9
4:8
4:5-6
4:22-23
4:24
Onbesnedenheid geldt als besnijdenis
Door geloof alleen gerechtvaardigd
Geloof tot gerechtigheid

Gods gerechtigheid, zonder werken
Geloof in de belofte
Geloof in Jezus Christus

Onze zonde en ongerechtigheid

 

De kern van de eerste Corinthenbrief is hoofdstuk 13, het Hooglied van de liefde. Daarin wijsr Paulus de gelovigen de weg van de liefde tot elkaar. Hij zegt een aantal dingen die stuk voor stuk als belangrijke levenslessen kunnen gelden

Liefde (dl 4)

De kern van de eerste Corinthenbrief is hoofdstuk 13, het Hooglied van de liefde.
Daarin wijsr Paulus de gelovigen de weg van de liefde tot elkaar. Hij zegt een aantal dingen die stuk voor stuk als belangrijke levenslessen kunnen gelden

De liefde (agapè) is niet: De liefde (agapè) zoekt wel:
– uit op eigen roem
– vol van eigen inzichten
– jaloers op anderen
– uit op de mislukking van een ander
– haatdragend
– de eer van de ander
– geloofseenheid met anderen
– het goede voor anderen
– de weg van geduld en waarheid
– is mild en vergevingsgezind

Eigenliefde heeft als doel de zelfverwerkelijking. Daar tegenover staat agapè-liefde die zegt dat een mens pas tot zichzelf komt in het uitreiken naar anderen.
Waarheid staat niet tegenover liefde, maar het is de plaats waar de liefde gedijt. Ongerechtigheid is de plaats waar de valse liefde zich thuis voelt.

Onze cultuur kent drie verschillende woorden voor liefde:

Genegenheid (Filia) Erotiek (Eros) Geborgenheid (Storgè)
Vriendschap + Seksualiteit = Huwelijk

Huwelijk

+ Huis en haard = Gezin

Het eerste woord voor liefde, waarmee een relatie meestal begint, is filia. Daar gaat het om liefde in de betekenis van genegenheid en vriendschap, die wederzijds zijn: je bent een vriend en je hebt een vriend.
Het tweede woord voor liefde is eros. In het Nederlands is hiervan afgeleid het woord `erotiek’, dat staat voor de lichamelijke liefde. Seksualiteit hoort bij het menszijn en is alleen goed wanneer die gericht is op de ander en samen gaat met filia.
Wanneer filia en eros beide aanwezig zijn, is het normaal dat deze ook leidt tot storgè.Wanneer mensen ernaar verlangen hun leven met elkaar te delen, leidt dat tot een wederzijdse geborgenheid in het huwelijk, dat kan uitgroeien tot een gezin.

 

In de tweede helft van de lijdensweek is er veel gebeurd. Johannes besteedt hieraan maar liefst acht hoofdstukken (13 t/m 20) van zijn evangelie. Hieronder zie je de gebeurtenissen op een rij:

Lijdensweek van Jezus (dl 2)

In de tweede helft van de lijdensweek is er veel gebeurd. Johannes besteedt hieraan maar liefst acht hoofdstukken (13 t/m 20) van zijn evangelie. Hieronder zie je de gebeurtenissen op een rij:

Woensdag Donderdag
Voorbereiding
vrijdag
Grote Sabbat
zaterdag
Gewone sabbat
zondag
Paasmaaltijd
Gethsémané
Verhoren
Veroordeling
Kruisiging
Begrafenis
In het graf In het graf Opstanding
Pasen

In deze week lijkt het wel alsof het met het Evangelie helemaal verkeerd afloopt, terwijl het toch zo mooi was begonnen. Zoveel mensen hadden gehoopt dat het Jezus was die Israël zou verlossen. De discipelen hadden Hem helemaal vertrouwd en alles achtergelaten. En nu… allemaal voor niets!
Dan komt, voor iedereen volkomen onverwacht, de grote dag van de Opstanding, precies zoals Jezus aan de discipelen had voorzegd. Want na Goede Vrijdag komt Pasen: een Nieuw Begin.

 

donderdag, 13 maart 2008

 

Na de periode van de richters kwamen de koningen van Isra?l. In de zes boeken van Samu?l, Koningen en Kronieken staan hun goede en hun slechte daden, en dus ook hun goede en hun slechte eigenschappen, helder beschreven. Dat is heel uniek.

Koningen van Isra?l (dl 3)

Na de periode van de richters kwamen de koningen van Isra?l. In de zes boeken van Samu?l, Koningen en Kronieken staan hun goede en hun slechte daden, en dus ook hun goede en hun slechte eigenschappen, helder beschreven. Dat is heel uniek. Meestal is een boek over een koning vleiend voor die koning of juist voor zijn tegenstanders. Maar de profetische schrijvers waren geen vleiers, zij noteerden wat ze zagen en hoorden.
De eerste koning, Saul, liet het land in een chaos achter. Onder zijn opvolgers David en Salomo steeg de ster van het koningschap steeds hoger totdat het ten slotte een vallende ster werd. Omdat het koningschap zo hoog gestegen was, was de val daarna ook zo diep.

Vaak zit er achter de gebeurtenissen en verhalen in de Bijbel een diepere betekenis. Zo leer je uit de goede eigenschappen van de koningen iets van het koninklijk karakter van de Messias kennen. Dat is bijvoorbeeld zo met het herderschap van David en de wijsheid van Salomo. Dat zijn eigenschappen die bij de Messias horen en die verwezen lang van tevoren naar Jezus Christus, de grote Koning Die eenmaal zou komen.

 

De Protestantse kerken komen voort uit de Hervorming of Reformatie.

Protestant (dl 4)

De Protestantse kerken komen voort uit de Hervorming of Reformatie.

De oorspronkelijke betekenis van de term pro-testare is: getuigen voor (de waarheid).
Pas hiervan afgeleid komt de tweede betekenis: protest aantekenen tegen al wat tegen de waarheid ingaat, zoals Luther dat deed toen hij zijn 95 stellingen timmerde aan de slotkapel van Wittenberg in Duitsland.

De belangrijkste Protestantse kerken in Nederland zijn
– De Nederlands Hervormde kerk, vanouds de ‘volkskerk’
– De Gereformeerde kerken: Christelijk, Synodaal, Vrijgemaakt en Nederlands
– De Gereformeerde gemeenten, die uitgaan van de theocratie-gedachte.