Het volk van Judea, of wat daarvan over is, wordt weggevoerd en leeft zeventig jaar in gevangenschap in Babel.

Ballingschap (dl 3)

Het volk van Judea, of wat daarvan over is, wordt weggevoerd en leeft zeventig jaar in gevangenschap in Babel. De profeten Jesaja en Jeremia leefden vóór de ballingschap en Ezechiël en Daniël leefden midden in de ballingschap. De mensen in Juda en Jeruzalem worden van tevoren gewaarschuwd dat de ballingschap eraan komt. Wanneer de Joden naar Babel zijn weggevoerd en Jeruzalem is verwoest, volgt de belofte van de terugkeer.

In Babel begonnen de Joden in te zien dat zij niet hadden geluisterd naar de Torah en de profeten. Daar ontstond het besef dat zoiets nooit meer mocht gebeuren en dat de Torah en de profeten steeds weer gelezen moesten worden. Zo werden die boeken tot het nationale geweten van het Joodse volk.

In de Bijbel wordt hier het woord `ban’ gebruikt, bijvoorbeeld `onder de ban liggen’. Toen iemand van de Israëlieten zich vergrepen had aan wat voor God bestemd was (het gebannene),

Ban (dl 3)

In de Bijbel wordt hier het woord `ban’ gebruikt, bijvoorbeeld `onder de ban liggen’. Toen iemand van de Israëlieten zich vergrepen had aan wat voor God bestemd was (het gebannene), viel de bescherming weg en kwamen het volk onder de ban te liggen. Nadat zij de zonde hadden weggedaan, werd de ban opgeheven en konden zij verdergaan.

 

Veel mensen hebben zich het hoofd gebroken over de betekenis van alle woorden en symbolen die in het boek Openbaring worden gebruikt.

Beeldende taal (dl 4)

Veel mensen hebben zich het hoofd gebroken over de betekenis van alle woorden en symbolen die in het boek Openbaring worden gebruikt. Sommigen noemen het zelfs een boek vol raadselen. Toch is het met de symbolen van Openbaring net als met de gelijkenissen van Jezus. Die werden aan Jezus’ volgelingen gegeven om duidelijk te maken waar het om ging.

Bij al die beeldende taal is het als met het verschil tussen een boek en een schilderij. Een boek heeft alleen maar woorden om uit te drukken wat de schrijver te zeggen heeft. Maar een schilder kan veel meer dan een schrijver, die maar over zesentwintig letters beschikt. Zo is het met de Bijbel ook. De Heilige Geest heeft Johannes zulke geweldige dingen laten zien, dat hij als het ware schrijver en schilder tegelijk moest zijn. In woorden heeft hij uitgedrukt wat hij heeft gezien en zo is dat wonderbare boek ‘Openbaring’ tot stand gekomen.

Voor zonsondergang moet er nog heel wat gebeuren, want morgen is het grote Feest. Op de heuvel Golgotha moeten de mensen van het kruis worden gehaald, want voor de komende Grote Sabbat moeten alle lijken begraven zijn.

Begrafenis van Jezus (dl 2)

Voor zonsondergang moet er nog heel wat gebeuren, want morgen is het grote Feest.
Op de heuvel Golgotha moeten de mensen van het kruis worden gehaald, want voor de komende Grote Sabbat moeten alle lijken begraven zijn.

Als ze bij Jezus komen, blijkt Hij reeds gestorven te zijn. Voor alle zekerheid steken ze een speer in Zijn zij: er komt bloed en water uit en dat is voor hen het bewijs dat Hij gestorven is. Zij geven Hem aan twee vrienden: Jozef van Arimathea en Nicodemus. Die wikkelen het lichaam van hun Meester zorgvuldig in linnen en leggen Hem in een nieuw graf dat in de rots is uitgehouwen.

De keerzijde van de verzoeking is de beproeving. Een verzoeking komt van de duivel die je ertoe brengt (jezelf en anderen) schade toebrengen door kwaad te doen. Verzoeking komt niet van God, beproeving wel.

Beproeving (dl 2)

De keerzijde van de verzoeking is de beproeving.
Een verzoeking komt van de duivel die je ertoe brengt (jezelf en anderen) schade toebrengen door kwaad te doen. Verzoeking komt niet van God, beproeving wel.

Soms laat God toe om je te leren Hem trouw te blijven, dan is het een beproeving of test.
Paulus zegt hierover: De beproevingen die u hebt ondergaan, zijn niet ongewoon. God is trouw; Hij zal ervoor zorgen dat de beproevingen niet te veel worden. Hij zal ook een uitweg uit de beproevingen geven, zodat u er tegen opgewassen bent. God wil je dus sterk maken, zodat je weerstand kunt bieden en niet weerloos en willoos doet wat verkeerd is.

 

Het woord `Bijbel’ komt van het Griekse woord biblia, dat is het meervoud van biblion of boekrol.

Bijbel (dl 1)

Het woord `Bijbel’ komt van het Griekse woord biblia, dat is het meervoud van biblion of boekrol. Het woord Bijbel betekent dus: boekrollen, boeken. In Byblos (Libanon) werden veel papyrusrollen aangevoerd vanuit Egypte en over het Midden-Oosten verspreid. Naar deze havenstad in Libanon werden de boekrollen genoemd.

De Bijbel bestaat uit twee delen: het Oude Testament en het Nieuwe Testament.
Het Oude Testament bestaat uit 39 boeken. Die gaan over de belofte:

de Messias zal komen!

Het Nieuwe Testament bestaat uit 27 boeken die vertellen hoe die belofte is vervuld:

de Messias is gekomen!

Jezus Christus is de centrale Persoon in de Bijbel. Alle bijbelboeken getuigen van Hem.

 

In het heilige der heiligen stond de ark van het verbond. Dat was een houten kist die met goud was overtrokken.

Ark van het verbond (dl 1)

In het heilige der heiligen stond de ark van het verbond. Dat was een houten kist die met goud was overtrokken. Op die kist lag een verzoendeksel van massief goud en daarboven stonden twee engelenfiguren: troonengelen of cherubs. Die hielden als het ware de wacht over:
– de tien geboden in de ark
– de verzoening op het verzoendeksel

De ark heette ook wel: de troon van God. Op deze twee dingen: zijn geboden en zijn verzoening, is zijn troon gevestigd.

De eerste christenen kwamen uit minstens zestien verschillende landen maar vormden een hechte gemeenschap.

Apostolische gemeente (dl 4)

De eerste christenen kwamen uit minstens zestien verschillende landen maar vormden een hechte gemeenschap.
Er waren vier dingen kenmerkend voor deze eerste gemeente en deze gelden nog steeds:
1. Het onderwijs van de apostelen. In de brieven van de apostelen blijkt hoe de apostelen de gemeenten onderwezen toen Jezus was weggegaan. Voor hun onderwijs gebruikten zij het Oude Testament, de Bijbel dus.
2. De gemeenschap. Natuurlijk was hun gemeenschappelijk geloof het belangrijkste. Velen kwamen met vrijwillige gaven voor degenen die te weinig hadden. Samen delen was de praktische uitwerking van hun saamhorigheid.
3. Het breken van het brood, zie Avondmaal.
4. De gebeden. In het gebed stemt de gelovige zich af op God en leert hij welke dingen hij aan God mag vragen. Daarnaast is er dankzegging en aanbidding van God voor wie Hij is en voor wat Hij heeft gedaan, individueel en gezamenlijk.

 

Abraham en Sara tot eindelijk hun zoon werd geboren. Zo kwam Abraham ertoe, op advies van Sara, om een kind te verwekken bij haar slavin Hagar: Ismaël, dat betekent`God hoort’. God zag naar Hagar om en vijftien jaar later hoorde Hij naar Ismaël toen zijn moeder met hem naar de woestijn werd gestuurd.

Abrahams zonen: Ismaël en Isaäk (dl 1)

Abraham en Sara tot eindelijk hun zoon werd geboren. Zo kwam Abraham ertoe, op advies van Sara, om een kind te verwekken bij haar slavin Hagar: Ismaël, dat betekent`God hoort’. God zag naar Hagar om en vijftien jaar later hoorde Hij naar Ismaël toen zijn moeder met hem naar de woestijn werd gestuurd.

Tenslotte kreeg Sara toch een zoon. Zij had het bijna niet kunnen geloven en moest er om lachen: “Wie hiervan hoort, zal ook wel lachen!” Daarom noemden zij hun zoon Isaäk, dat betekent: hij lacht.
Als Isaäk een tiener is geworden, wordt Abraham door God beproefd. God draagt hem op om zijn enige zoon als brandoffer offeren op een berg in de verte, de berg Moria. Als ze de berg beklommen hebben, stelt Isaäk ineens de vraag: “Vader, waar is het offer?” Abraham antwoordt: “God zal zelf voor een lam zorgen, mijn zoon.” Dan verschijnt een engel die Abraham tegenhoudt. Ze vinden een ram en die wordt het offerdier in de plaats van Isaäk. Daarom noemt Abraham die plaats Moria, wat betekent: “De HERE zal voorzien.”

 

In Genesis 12 gebeurt er iets nieuws in de geschiedenis. Het gaat om een heel nieuw volk, Israël, dat zal voortkomen uit één man: Abraham, die toen nog Abram heette.Met Abram wilde God een volk op aarde brengen dat Hem kende.

Abram – door God geroepen (dl 1)

In Genesis 12 gebeurt er iets nieuws in de geschiedenis. Het gaat om een heel nieuw volk, Israël, dat zal voortkomen uit één man: Abraham, die toen nog Abram heette.Met Abram wilde God een volk op aarde brengen dat Hem kende. Zo zou iedereen op aarde herinnerd kunnen worden aan Gods bedoeling met de mensen. Maar dan moest hij wel weggaan uit zijn familie en uit zijn omgeving.

Eerst trok Abram met zijn vee vanuit Oer in het zuidoosten naar Haran in het noordwesten van Mesopotamie of Tweestromenland. Na het overlijden van zijn vader braken zij weer op voor de tweede etappe, totdat zij kwamen in het `Land van Belofte’, in Kanaän. Via Bethel reisde hij naar Hebron, om te gaan wonen bij de terebinten van Mamré. Het Nieuwe Testament vermeldt hierover: En zelfs toen hij in het land kwam dat God hem beloofd had, woonde hij in tenten als een vreemdeling, evenals Isaäk en Jakob, aan wie God dezelfde belofte deed.