Halloween, mij niet gezien

Halloween, mij niet gezien

(zie webshop)

Halloween: onschuldige folklore of herleving van Keltisch heidendom? Oude symbolen en rituelen kunnen een sfeer oproepen van angst en geweld, tenzij deze wordt geneutraliseerd. Met adviezen aan ouders en leraren en verwijzing naar andere websites.

Inhoud folder: 

    * “Wat kan een pompoen ons nu doen?”
    * Symbolen die iets ‘be-tekenen’
    * De Keltische kalender en andere gebruiken
    * Adviezen
    * Rodiek de Frank

Inleiding

Het wordt in ons land een bekend beeld: kinderen lopen op de 1e november met een pompoen met daarin een brandende kaars en dragen daarbij een masker. Halloween! In landen als de Verenigde Staten is dit een jaarlijks terugkerend feest. Is dit een onschuldige folklore? Moet je er iets achter zoeken? Of is het een ‘ritueel’ en hoe is dat ontstaan?

Zij verwekten Hem tot naijver door vreemde goden, met gruwelen krenkten zij Hem;
zij offerden aan boze geesten, die geen goden zijn, aan goden die zij niet hebben gekend,
nieuwe goden, die kort tevoren opgekomen waren, voor welke uw vaderen niet gehuiverd hadden.”
(Deut 32:16-17)

“Wat kan een pompoen ons nu doen?”
Nee, een pompoen zal u niets doen! Het is een gewone vrucht, ook als die helemaal is uitgehold en er lichtjes in branden. Maar lach niet te vroeg, want de pompoenen van Halloween staan voor iets heel anders. De verlichte, doorschijnende pompoen (de Engelsen spreken van ‘Jack-O-Lantern’, Jaap-met-de-Lamp) is het symbool van een dolende ziel. Vroeger holden bijgelovige mensen pompoenen of knolrapen uit en plaatsten er kaarsen in. Zij deden dat om de boze geesten van hun huizen weg te jagen. Een andere bron vermeldt: de verlichte pompoen of doodskop diende als een signaal om aan te geven dat de bewoners van deze boerderij of dit huis sympathiek stonden tegenover de satanisten, zodat de terreur van de nacht (Halloween) eraan voorbij ging.

Opvallend is wat de newage-vorser John Ankerberg schrijft. Hij wijst op de Ierse legende van ‘Ierse Jack’, die gaat als volgt:

Er was eens een gierige dronkaard, genaamd Jack, die de duivel uitdaagde om in een appelboom te klimmen. Toen deze in de boom zat, kerfde Jack snel het teken van het kruis in de stam, zodat de duivel nooit meer naar beneden kon komen. Daarop liet Jack de duivel zweren dat deze nooit zijn ziel zou opeisen, wat hij met tegenzin deed. Uiteindelijk stierf Jack, maar bij de hemelpoort werd hij weggestuurd vanwege zijn dronkenschap en egoïsme. Daarna kwam hij bij de duivel terecht, die zich aan zijn belofte hield. Nu Jack nergens meer heen kon, was hij veroordeeld om alsmaar op aarde te dolen. Toen hij de hel achter zich liet, at hij toevallig een knolraap en de duivel wierp hem een brandende kool achterna. Jack deed de kool in de knolraap om voortaan als ‘Jaap-met-de-lamp’ voor altijd rusteloos over de aarde te zwerven.

“Dat is nieuw voor mij,” zullen velen nu zeggen, “maar is dit nu een reden om niet meer met Halloween mee te doen? Het is toch maar een symbool, en een pompoen is maar een gewone vrucht!”

Hiermee komen we tot de kern van de zaak, namelijk dat symbolen iets anders duiden of ‘be-tekenen’ en daarmee dan ook die betekenis oproepen. Natuurlijk doen wij niet doen aan symboolbestrijding, maar wel aan symboolontmaskering. Wij zijn geen Don Guichottes die tegen windmolens vechten! Dat deden ook Gods profeten niet, wanneer zij profeteerden tegen de altaren van de Asjera’s en deAbaäls op hoogten van Israël.

Symbolen die iets ‘be-tekenen’

Tijdens de Golfoorlog was het Amerikaanse vliegtuigen verboden over Mekka te vliegen, omdat anders de ‘schaduw van het kruis’ op de heilige stad zou vallen. Enkele jaren geleden werd op verzoek van één ouder besloten om het kruisbeeld te verwijderen van de openbare scholen in Beieren. Aanhangers van new age hebben het kruis omgebouwd tot het gebroken of vertrapte kruis. Hitler gebruikte de swastika (hakenkruis) als Arisch teken in zijn campagne voor ‘etnische zuivering van alle minderwaardige rassen’

Zouden al deze niet-christenen begrijpen, dat het kruis het symbool is van het offer dat Jezus Christus bracht om de zonde en schuld van de mensen weg te doen? Aan dat kruis heeft Hij de overheden en machten ontwapend en Zijn victorie over hen uitgeroepen (Col 2:14-15). Daarom kan Paulus ook roemen in het kruis van de Here Jezus Christus, “door wie de wereld mij gekruisigd is en ik aan de wereld” (Gal 6:14).

Nu is de vraag: “Roepen symbolen de werkelijkheid op?” Met andere woorden, kunnen alle symbolen van Halloween, zoals dodenmaskers, doodskoppen, vampiers, weerwolven, gnomen, dwergen, heksen met punthoeden, zwarte katten op de schouder, spookbeelden, duivelsgestalten, enz. kinderen in aanraking brengen met de wereld van de boze?
Het antwoord is:
“Ja, tenzij deze worden geneutraliseerd”. Wij zullen dit op drie manieren toelichten: vanuit de Bijbel, vanuit het denken van Carl G. Jung en vanuit de praktijk die wij allen kennen.

In Exodus 23:13 houdt Mozes de Israëlieten voor om “de naam van andere goden niet te noemen; hij zal uit uw mond niet gehoord worden.” Halloween doet de Keltische goden voor een nieuwe generatie herleven, zoals Samhain (de vorst van het dodenrijk) en Brigid (moeder der natuur, naar wie zowel de Britten als de Bretons zijn genoemd). Alle optochten, vuren op de heuvels, verkleedpartijen en dodenherdenking zijn symbolische handelingen gericht op het oproepen van de doden, het vertroosten van de dolenden en het bezweren van het dodenrijk, zaken die de Bijbel nadrukkelijk verbiedt.

Volgens Jung stelt het symbool het resultaat voor van de samenwerking tussen het menselijk bewustzijn en het (collectieve) onbewuste, het terrein van de archetypen (Herinneringen, Dromen, Gedachten, pag. 288). Jungs voornaamste symbool is de mandala, “die zich spontaan aan de verbeelding aanbiedt om de tegenstellingen, hun strijd en hun verzoening in ons uit te beelden.” In de Bijbel betekent ‘verzoening’ echter het wegnemen van de schuld door middel van een offer; in het heidendom staat het voor het ontkennen van tegenstellingen en biedt het de toegang tot de geestenwereld.

Tenslotte blijkt de kracht van het symbool uit onze afkeer wanneer (Joodse) graven besmeurd worden met hakenkruisen. Toen in de bekende film ‘The Sound of Music’ in Salzburg de hakenkruisvlag werd gehesen, was dat voor de familie Von Trapp het signaal: wegwezen, want hiermee werd de periode van nazi-dictatuur ingeluid. Zouden wij dan onze kinderen blootstellen aan al die symbolen van het rijk der duisternis en zo zijn macht over deze generatie helpen versterken? De vraag stellen is haar beantwoorden.

De Keltische kalender en andere gebruiken

Halloween brengt het oude Keltische wereldbeeld weer terug in onze kalender en onze agenda’s. De naam ‘halloween’ is een verbastering van All Hallow’s Eve of Allerheiligen, een mislukte poging (volgens de r.-k. Encyclopedie) om de Keltische voorouderverering op 1 november te kerstenen. De oude naam is ‘Oidhche Shamna’, de Wake van Samhain (spreek uit: So-wein), Dit brengt ons op de oude Keltische (maar ook Nordische en Saksische) jaarcyclus, die bepaald wordt door het achtvoudige zonnerad:

31 okt. Samhain

21 sept. Mabon 21 dec. winterzonnewende

1 aug. Lammas 1 febr. Imbolic

21 juni zomer- 21 maart Ostara-zonnewende

30 april Beltane

In een recente nieuwsbrief schrijft dr. John MacArthur over kinderen die zich verkleden als heksen, geesten of kabouters. Hij vindt het ondenkbaar, als christen-ouders toestaan of zelfs aanmoedigen dat hun kinderen zich met zulke duivelse machten bekleden, al is het maar ‘voor de grap’ of ‘als uiting van folklore’. Volgens hem geven zij daarmee aan dat zij de geestelijke strijd, waarover Paulus spreekt in Efeziërs 6:10, helemaal niet serieus nemen, want:

 

Op de avond van 31 oktober droegen de druïden (Keltische priesters) alle mensen op hun haardvuur te doven. Dan legden zij nieuwjaarsvuren aan van (heilige) eikentakken en daarin verbrandden zij (delen van) de oogst, maar ook dieren en mensen, als offer voor hun goden en godinnen (vandaar de Engelse naam bonfire of bonefire, vuur van beenderen).

Tijdens dit duivelse ritueel waren de mensen bekleed met koppen en huiden van dieren en deden aan waarzeggerij en wichelarij. Zij sprongen over de vlammen, dansten en zongen, allemaal om de boze geesten weg te jagen. Samhain zou dan die geesten in dezelfde nacht naar iedereen sturen die niet, zoals zijzelf, als boze geesten waren verkleed.

 

Ook het gebruik om met Halloween vrijgevig te zijn (Engels: Trick or Treat) heeft een heidense oorsprong. Stel dat je was vergeten om je te verkleden, dan kon je alsnog de geesten ontlopen door een schaal met vruchten klaar te zetten om de ronddolende geesten voedsel en onderdak te geven. Je mocht dan hopen dat de demon daar genoegen mee nam (trick), anders zou zijn vloek je treffen om onheil over je huis te brengen (treat).

Een voormalige heks die Christus leerde kennen, legt dit gebruik zó uit:

 

Met Trick or Treat wordt een oud gebruik der Druïden in ere hersteld. Hoewel het snoepgoed in plaats is gekomen van de vroegere mensenoffers, is het nog steeds een gebaar naar de boze geesten. Volgens de traditie mag je degenen die niets geven, beetnemen. Maar pas op: wie met Halloween snoepjes uitdeelt, brengt in feite een offer aan de afgoden en komt in contact met boze geesten! (zie ook 1 Cor 10:20)

 

Adviezen

Christen-ouders en – leraren zijn in de eerste plaats geroepen om hun kinderen ‘goede gaven te geven’. Een folder als deze biedt geen ruimte voor een pedagogische verhandeling en daarom geven wij hieronder enkele praktische trefwoorden voor onderwijs en opvoeding naar Gods Woord:

  • De vreze des Heren is het begin van kennis en wijsheid.

  • Elk kind is een unieke schepping: dat wekt creativiteit en verwondering.

  • In het gezin leert het kind waarachtigheid en ervaart het geborgenheid.

  • In de relaties met ouderen krijgt het kind begrip voor gezag en leert het discipline.

  • Op school ontvangt de leerling ethische én esthetische vorming.

  • Van jongsaf wordt onderscheiding, waakzaamheid en weerbaarheid bijgebracht.

  • Een christenkind heeft begrip voor de zin en het doel van het leven.

  • Er is vergeving voor ieders feilen en falen, geplaatst in het perspectief van de hoop.

Het behoeft geen betoog dat bijna al deze begrippen door Halloween met de voeten worden getreden. Maar om dit aan kinderen te kunnen leggen, is het noodzakelijk dat opvoeders eerst op de hoogte zijn van de belangrijkste Bijbelse begrippen, vandaar dat wij u de volgende adviezen geven:

  1. Leer kinderen, dat de Bijbel de betrouwbare bron van waarheid is en help hen met het ontmaskeren van alles wat daar tegen in gaat, evenals elke nabootsing ervan.

  2. Leg kinderen de achtergronden uit van Halloween en creëer een ‘afstand’ met de zaken die zo sterk op hen afkomen, zoals dat vroeger gebeurde met sprookjes en folklore en vooral door na te gaan wat de Bijbel over deze praktijken zegt.

  3. Maak de achtergronden van Halloween duidelijk aan elke instantie waardoor het gedachtegoed van Halloween naar ons toekomt, zoals de school en de supermarkt.

  4. Als kinderen met maskers aan de deur komen, geef ze dan geen snoepgoed, maar deze folder om die aan hun ouders te geven en met hen te bespreken.

  5. Tenslotte, als u merkt dat uw kinderen alleen komen te staan, omdat iedereen met Halloween meedoet, biedt hun dan een verantwoord alternatief, zoals enkele goede kinderboeken of bespreek met hen het verhaal over Rodiek de Frank en laat ze het als toneelstuk opvoeren!

Rodiek de Frank

 

Niet iedereen weet dat de vroegste evangelisten niet uit het Zuiden kwamen, maar uit het Westen. Lang voordat Willibrord en Bonifacius de leer der kerk naar de Lage Landen brachten, hadden de Kelten hier al het zaad van het Evangelie geplant.
Daarom is het goed om ook deze kant van het Keltendom te belichten: volgelingen van Jezus Christus die het zendingsbevel serieus namen waardoor heidendom en bijgeloof verdwenen als schaduwen voor de zon!

 

Rodiek woonde in een gebied dat nu Vlaanderen heet. Als jonge Frank had hij al belangrijke vergaderingen bijgewoond, zoals die keer toen de legers van de koning der Franken waren gekomen met het bevel dat de heidense gebruiken moesten worden veranderd. Veel veranderde er echter niet en de meeste gebruiken kregen alleen een andere naam.
Nu waren er geruchten dat er mensen van over de zee naar de Lage Landen waren gekomen. Hadden die wapens bij zich, en zouden zij zich moeten verdedigen? Besloten werd om Rodiek er als verkenner op af te sturen.

De ontmoeting met de Kelten verliep anders dan hij had gedacht. Toen hij op een morgen wakker werd, stonden twee jonge mannen naar hem te kijken. Rodiek greep meteen naar zijn wapen, maar dat was niet nodig. “Hallo, wij zijn Angus en Marco. Wie ben je en waar kom je vandaan? Kom mee, dan kun je ons dorp bekijken!”

In het kamp van de Kelten keek Rodiek zijn ogen uit. Overal heerste grote bedrijvigheid. Ieder had zijn taak en scheen dat ook heel gewoon te vinden. De huizen waren heel anders dan die van de Franken en ze hadden voorwerpen die Rodiek niet kende. In het midden van het dorp was een kapel gebouwd en daarom heen lagen de lokalen voor de school. “Een school, wat is dat?” vroeg Rodiek. “Bewaren jullie daar je wapens?”
Marco en Angus begonnen te lachen: “Onze wapens zijn heel anders dan die van jullie. Het zijn de wapens van de geest. Wij leren de mensen Gods woord te lezen. Dan leren ze God kennen en begrijpen hoe wij Hem kunnen dienen, want in dat Boek heeft Hij zich aan de mensen bekend gemaakt. Wij hebben Bijbels in onze eigen taal en willen graag dat de Franken ook het Woord van God kunnen lezen. Het zal je hele leven veranderen. Niet van buitenaf omdat de koning beveelt dat iedereen een gedoopte christen moet zijn. Jezus Christus wil Heiland en Heer zijn: van de Kelten en ook van de Franken. Wanneer je Hem echt leert kennen, verandert je leven van binnenuit.”

Vlak voor volle maan was Rodiek terug in zijn eigen dorp. De Kelten hadden geschenken meegegeven. Nuttige voorwerpen, die voor de Franken nieuw waren, maar ook dingen van kunst die alleen gemaakt waren om mooi te zijn. En… een paar kolommen tekst uit het Boek van God, die hij op de school uit het hoofd had geleerd. Het had hem een vreemd blij gevoel gegeven en hij kon haast niet wachten tot het donker werd.
Toen het vuur eenmaal brandde en de maan vol aan de hemel stond, gaf de leider een teken dat Rodiek met zijn verhaal kon beginnen. Ze konden maar moeilijk geloven dat de vreemde mannen niet kwamen om hen te veroveren, maar om hen te vertellen van de God van hemel en aarde. Een oude man, Magieck de Wiccan, wilde er niets van weten. “Geloof ze maar niet, mannen, allemaal leugens,” riep hij. “Die Kelten zijn net als alle andere vreemdelingen die ons tot hun slaven willen maken. Alleen doen zij het veel slimmer.”
Met die woorden bracht hij sommigen aan het twijfelen, maar toen begon Rodiek de woorden op te zeggen die op de bladen van het boek stonden. Doodstil werd het rond het vuur en de woorden van Jezus drongen diep door in hun hart.

Uit: De Bijbel in de Basis, deel 4B APOSTELEN, uitg. NijghVersluys, Baarn


Enkele aanbevolen websites:

Zeer informatief (Engels) is www.logosresourcepages.org/idx_halloween
Op deze pages kunt u veel meer informatie lezen, zoals over de relatie tussen Druïden met Nimrod en met de Baäl-goden, die de Israëlieten deden struikelen.
Zie ook de website van Christian Research Institute
www.equip.org. Zoek bij ‘Search’ en vul in ‘Halloween’ voor twee belangwekkende artikelen.
Voor een Engelse folder zie
www.christian-teachers.org. Klik ‘ACT Briefings’ en u vindt de tekst van de Hallowe’en folder.