Homeopathie – een christelijke geneeswijze?

 

Deze studie wat betreft homeopathie van de Oostenrijkse arts, dr.Herwig Kunze, is eind jaren tachtig van de vorige eeuw door de werkgroep “Schepping” uit  Hengelo vertaald en uitgegeven. Het fenomeen homeopathie blijft ook nu de aandacht bepalen. Telkens is er de vraag of je als christen geneesmiddelen uit deze denkrichting kunt gebruiken. De auteur Kunze gaat in vier hoofdstukken na en dat soms op pittige wijze, wat niet alleen homeopathie inhoudt, maar ook welke denkbeelden de bedenker, dr. Samuel Hahnemann, heeft. Door de vele citaten wil hij het homeopathisch denken en handelen ontmaskeren.

Kunze, komend uit een alternatieve denkwereld, leert de Here Jezus kennen en daardoor ziet hij het als zijn taak dit fenomeen te toetsen. Juist in het laatste hoofdstuk, Homeopathie, een christelijke geneeswijze?, komt hij tot een persoonlijke Bijbelse afweging. 

cover brochure Homeopathie

Homeopathie staat tegenover allopathie (= geneeswijze waarbij tegenwerkende geneesmiddelen worden gebruikt). Bij de homeopathie heb je bepaalde begrippen die kenmerkend zijn voor de doeltreffendheid van de genezing. Kunze gaat deze alle na en komt aan het eind van hoofdstuk 1 tot de conclusie dat ze vanuit wetenschappelijk oogpunt onhoudbaar zijn.

Wat Hahnemann persoonlijk voorstaat, wordt in hoofdstuk 2 aan de orde gesteld. Je huivert van zijn opmerkingen over de Here Jezus en je verbaast je over zijn verering van Confucius.

Vrijmetselarij en genezingsmagnetisme hebben ook zijn denken gevormd. Kunze komt tot de stelling dat de homeopathie niet los te denken is van de persoon Hahnemann.

In hoofdstuk 3, De tegenwoordige homeopathie, worden christelijke homeopaten en artsen die van homeopathie gebruik maken, onder de loep genomen. Kunze constateert, dat het doorgaans niet bij homeopathie blijft, maar dat ook andere alternatieve geneeswijzen gepraktiseerd worden.

In het laatste hoofdstuk wordt weerlegd, dat het homeopathisch denken een Bijbelse basis heeft. “Wat zal onze Here bedroefd zijn, als wij omwille van onze lichamelijke gezondheid wegen bewandelen die Hem niet welgevallig zijn en waarop tenslotte ook ons vermogen verloren gaat om rein van onrein en heilig van onheilig te onderscheiden.” (Kunze)