De eerste van de vier grote profeten was Jesaja (de andere drie zijn Jeremia, Ezechiël en Daniël.
Jesaja (dl 3)
De eerste van de vier grote profeten was Jesaja (de andere drie zijn Jeremia, Ezechiël en Daniël. Hj is wel genoemd de Koning van de profeten of de Evangelist van het oude verbond. Zijn woorden gaan steeds over de majesteit van God, zijn gerechtigheid en genade. Vijftig jaar lang heeft Jesaja de woorden van God gesproken en geschreven. Onbevreesd voor de mensen, zelfs voor koningen. Want hij kende het geheim: Wie de HERE vreest, hoeft voor mensen niet te vrezen.
Jesaja heeft geprofeteerd over drie perioden, die hijzelf en zijn tijdgenoten niet meegemaakt hebben:
1. de ballingschap van Juda in Babel (ongeveer 100 jaar later) en de terugkeer van een restant (ongeveer 150 jaar later).
2. de komst van de Messias, Jezus Christus (ongeveer 700 jaar later).
Heel bekend is het gedeelte over de geboorte van de Verlosser:“Want een Kind is ons geboren, een Zoon werd ons gegeven en de heerschappij zal op Zijn schouders rusten. Dit zullen Zijn koninklijke titels zijn: Wonderbare Raadgever, Machtige God, Vader der eeuwen, Vorst van de vrede. Aan Zijn groeiende en vredevolle bewind zal nooit een einde komen. Vanaf de troon van David zal Hij met volmaakte eerlijkheid en rechtvaardigheid regeren.”(Jes. 9:5-6)
3. de komst van de Messias als Koning van Israël, die zijn volk zal brengen tot zijn bestemming, wat zal uitmonden in de nieuwe hemel en de nieuwe aarde: “Hun zwaarden zullen zij omsmeden tot ploegscharen en hun speren tot snoeimessen. Nergens zal meer oorlog worden gevoerd en niemand zal meer worden opgeleid tot militair.” (Jes. 2:4)
Immanuel deel 2
De komst van Jezus betekent iets heel moois. Jozef kreeg van de engel van God over Maria te horen: “De maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal hem de naam Immanuel geven.
Immanuel (dl 2)
De komst van Jezus betekent iets heel moois. Jozef kreeg van de engel van God over Maria te horen: “De maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal hem de naam Immanuel geven.” Hiermee werd de profetie van Jesaja vervuld, want Immanuel betekent: `God met ons’. Het zegt iets van Gods barmhartigheid, want dat was de drijfveer van God om zijn Zoon naar de aarde te laten komen.
Alle landen die de Euro gebruiken, kunnen dit lezen, want het randschrift van de Nederlandse twee-euromunt luidt: God * zij * met * ons.
Israëls stamvaders
Dit zijn de namen van de twaalf stammen van Jakob, de twaalf stamvaders van Israël.
Israëls stamvaders (dl 1)
Dit zijn de namen van de twaalf stammen van Jakob, de twaalf stamvaders van Israël.
Simeon
Levi
Juda
Naftali
Gad
Aser
Zebulon
Jozef
Benjamin
Aan het einde van zijn leven, roept Jakob zijn zoons bij zich. Voor elk heeft hij een woord voor de toekomst, als hun nakomelingen in het beloofde land zullen wonen: “Kom om mij heen staan, dan zal ik jullie vertellen wat met jullie zal gaan gebeuren. Luister naar mij, zonen van Jakob. Luister naar Israël, jullie vader.” Zo werden Jakobs zonen tot de stammen van Israël; ieder zegende hij met een eigen zegen.
Juda kreeg een bijzondere zegen. Hij was bereid geweest om Benjamins plaats in te nemen om slaaf te worden in Egypte. Zijn stam krijgt de leiding boven de andere stammen. Uit zijn stam zal eens de Verlosser komen: “Hem zullen de volken gehoorzaam zijn.”
Jakob, de derde aartsvader
De geschiedenis van Jakob begint in Genesis 25 en loopt door tot Genesis 50. Dat is bijna de helft van het boek Genesis.
Jakob, de derde aartsvader (dl 1)
De geschiedenis van Jakob begint in Genesis 25 en loopt door tot Genesis 50. Dat is bijna de helft van het boek Genesis. Met Jakob begint Israël, want dat is de naam die hij later krijgt. Abraham, Isaäk en Jakob vormen samen de drie aartsvaders van Israël.
De twaalf zonen van Jakob vormen met hun nakomelingen de twaalf stammen van Israël. Zij zijn de twaalf stamvaders.
Esau was Jakobs oudere tweelingbroer. Hij verkocht zijn eerstgeboorterecht aan Jakob om een schotel linzen. Jakob bedroog zijn vader en pakte Esau de zegen af.
Later werd Jakob door zijn oom Laban bedrogen, die hem eerst Lea en later Rachel als vrouw schonk. Bij zijn terugkeer naar Kanaän ontmoet hij een Man die met hem worstelt, de engel van God, die hem bij zijn heup aanraakt. Voortaan zal Jakob blijvend mank lopen en steunen op een stok.
Maar daar wordt hij ook gezegend en krijgt een nieuwe naam: Israël, dat betekent: God strijdt. De plaats waar dit gebeurde heet Pnuel of Pniël, wat betekent: Gods aangezicht.
Jeremia deel 3
De profeet Jeremia woonde in een dorpje niet ver van Jeruzalem, Anathoth. Het is de plaats waar verbannen priesters moesten leven.
Jeremia (dl 3)
De profeet Jeremia woonde in een dorpje niet ver van Jeruzalem, Anathoth. Het is de plaats waar verbannen priesters moesten leven. Jeremia leefde wat later dan Jesaja en heeft de tijd meegemaakt dat Jeruzalem werd ingenomen en verwoest door Nebukadnezer, de legendarische koning van Babel.
Jeremia gold als onheilsprofeet, want hij durft tegen de koning te zeggen dat hij zich aan de belegeraars moet overgeven. Maar nadat Gods oordeel is voltrokken, mag hij van God over een nieuwe toekomst spreken:
– de ballingschap niet eindeloos. Nog voordat de ballingschap begint, weet Jeremia precies te zeggen hoelang die zal duren: zeventig jaar.
– in Babel moeten de mensen werken aan het welzijn van het nieuwe land, want als daar voorspoed is, zullen zij in die voorspoed delen.
– na de ballingschap zal Juda opnieuw bevolkt zal worden door teruggekeerde Joden.
– eenmaal zal de Messias komen. Dan zal God een nieuw verbond sluiten met zijn volk en zal er een volmaakte nakomeling van David optreden, een rechtvaardige koning die God zal geven. Hij zal heten HERE, onze gerechtigheid.
Jericho deel 3
De stad Jericho werd door de Israëlieten veroverd zonder dat ze ervoor hoefden te vechten.
Jericho (dl 3)
De stad Jericho werd door de Israëlieten veroverd zonder dat ze ervoor hoefden te vechten. Het enige wat ze moesten doen, was zeven dagen om de stad lopen. Zij mochten onderweg niet praten, alleen werd er door zeven priesters op de ramshoorn geblazen. Pas bij de laatste keer juichten zij en vielen de muren van de stad.
Dichtbij Jericho lag het stadje Ai. Zo’n klein stadje als Ai was nu een peulenschil om in te nemen. Maar dat pakte heel anders uit. Eén man, Achan, had gestolen van de buit van Jericho. Die buit was in zijn geheel aan God gewijd en aan de tabernakel geschonken. Vanwege die diefstal beschermde God hen nu niet meer en verloren zij van het stadje Ai. Toen alles aan het licht kwam en Achan gestraft was, kon ook de stad Ai ingenomen worden.
Jeruzalem deel 3
Jeruzalem (dl 3)
De naam Jeruzalem betekent: stad van de vrede. Maar voor die vrede is erg veel gebeden en gestreden. Tienmaal werd de stad veroverd en vijfmaal verwoest. Hier volgt de geschiedenis in een notedop.
1. De oudste naam van de stad was Salem, of Uru-salem, stad van vrede. In de dagen van Abram was Melchizedek koning over de stad. Hij was een priester van de Allerhoogste God en zijn naam betekent: koning van gerechtigheid.
2. Bijna duizend jaar later (omstreeks 1000 v. Chr.) veroverde David de stad op de Jebusieten en later bouwde Salomo er een prachtige tempel.
3. De Babyloniërs verwoestten in 586 v. Chr. Jeruzalem en de tempel, maar na de ballingschap van zeventig jaar werd alles weer opgebouwd.
4. In 332 v. Chr. nam Alexander de Grote de stad in en bezette die. In 175 v. Chr. werd de tempel ontwijd doordat koning Antiochus Epifanes varkens liet offeren in de tempel. In deze periode speelt het optreden van de Makkabeeën (zie les 18).
5. In de jaren voor het begin van onze jaartelling zocht Herodes de Grote, door de Romeinen als koning aangesteld, de gunst van de Joden door de tempel uit te breiden en te verfraaien.
6. Wat niemand verwachtte, maar wat Jezus voorspelde, was de tweede verwoesting van de tempel, die in het jaar 70 ook is gekomen. Het enige dat ervan overbleef, is de Klaagmuur. Dit is de eeuwen door de plaats geworden waar Joden (en niet-Joden) bidden voor de vrede van Jeruzalem.
7. In 638 veroverden de Arabieren de stad en bouwden op het oude tempelplein een grote moskee, op de plaats waarvan Mohammed volgens hen ten hemel is gevaren. Daarom is Jeruzalem voor Moslims de derde heilige stad (na Mekka en Medina).
8. De kruisvaarders veroverden de stad in 1099, maar hielden er nog geen honderd jaar stand. De Turken beheersten de stad van 1517 tot 1914, toen de Britten de macht overnamen.
9. Na de Tweede wereldoorlog namen de Jordaniërs de oude stad in bezit, maar in 1967 namen de Joden de stad in en lijfden die in bij de staat Israël die in 1948 was gesticht.
10. Eenmaal zullen de voeten van Jezus staan op de Olijfberg en zal Hijzelf Vredevorst zijn. Dan zal hij zitten op de troon van David en heersen in recht en gerechtigheid.
Jesaja deel 3
De eerste van de vier grote profeten was Jesaja (de andere drie zijn Jeremia, Ezechiël en Daniël.
Jesaja (dl 3)
De eerste van de vier grote profeten was Jesaja (de andere drie zijn Jeremia, Ezechiël en Daniël. Hj is wel genoemd de Koning van de profeten of de Evangelist van het oude verbond. Zijn woorden gaan steeds over de majesteit van God, zijn gerechtigheid en genade. Vijftig jaar lang heeft Jesaja de woorden van God gesproken en geschreven. Onbevreesd voor de mensen, zelfs voor koningen. Want hij kende het geheim: Wie de HERE vreest, hoeft voor mensen niet te vrezen.
Jesaja heeft geprofeteerd over drie perioden, die hijzelf en zijn tijdgenoten niet meegemaakt hebben:
1. de ballingschap van Juda in Babel (ongeveer 100 jaar later) en de terugkeer van een restant (ongeveer 150 jaar later).
2. de komst van de Messias, Jezus Christus (ongeveer 700 jaar later).
Heel bekend is het gedeelte over de geboorte van de Verlosser:“Want een Kind is ons geboren, een Zoon werd ons gegeven en de heerschappij zal op Zijn schouders rusten. Dit zullen Zijn koninklijke titels zijn: Wonderbare Raadgever, Machtige God, Vader der eeuwen, Vorst van de vrede. Aan Zijn groeiende en vredevolle bewind zal nooit een einde komen. Vanaf de troon van David zal Hij met volmaakte eerlijkheid en rechtvaardigheid regeren.”(Jes. 9:5-6)
3. de komst van de Messias als Koning van Israël, die zijn volk zal brengen tot zijn bestemming, wat zal uitmonden in de nieuwe hemel en de nieuwe aarde: “Hun zwaarden zullen zij omsmeden tot ploegscharen en hun speren tot snoeimessen. Nergens zal meer oorlog worden gevoerd en niemand zal meer worden opgeleid tot militair.” (Jes. 2:4)
jezus deel 2
De naam Jezus betekent: God redt. Het is de Griekse vorm (Iesous) van de Hebreeuwse naam Jeshua, Verlosser, Zaligmaker.
Jezus (dl 2)
De naam Jezus betekent: God redt. Het is de Griekse vorm (Iesous) van de Hebreeuwse naam Jeshua, Verlosser, Zaligmaker. Dat had de engel Gabriël tegen Jozef gezegd: “Maria zal een zoon krijgen, die u Jezus moet noemen. Want Hij zal Zijn volk redden van hun zonden.”
job deel 3
Job moet lang vóór Mozes geleefd hebben, waarschijnlijk in de tijd van Abraham. De Bijbel is heel duidelijk over
Job (dl 3)
Job moet lang vóór Mozes geleefd hebben, waarschijnlijk in de tijd van Abraham. De Bijbel is heel duidelijk over
– Jobs vroomheid. Hij was eerlijk en godvrezend.
– Jobs rijkdom. Hij was de rijkste man van zijn tijd.
Dan gebeurt er iets waar niemand op gerekend had: Job verliest al zijn bezittingen. Zijn kinderen komen om. Job wordt ziek en zijn vrouw keert zich van hem af. Hoe moet je dat nu verklaren? Wat zou daar nu achter zitten?
Dat wordt verteld aan het begin van het boek Job. Drie zogenaamde vrienden van Job komen met hun menselijke verklaringen, waarmee zij hem nog verder de put in drukken. Als ze allemaal zijn uitgesproken, spreekt Elifaz als scheidsrechter namens God de verlossende woorden.
Hof van Eden
God plaatste de mens in de hof van Eden en zei: “Die mag je bewerken (in cultuur brengen, daar moet je goed voor zorgen.” De mens mocht van alle bomen de vruchten eten, hij hoefde ze maar te plukken.
Hof van Eden (dl 1)
God plaatste de mens in de hof van Eden en zei: “Die mag je bewerken (in cultuur brengen, daar moet je goed voor zorgen.” De mens mocht van alle bomen de vruchten eten, hij hoefde ze maar te plukken. Maar van één boom mocht de mens niet eten. Dat was de boom van kennis van goed en kwaad, en daarmee werd de mens op de proef gesteld. Achter die boom ging iets schuil wat de mens nog niet wist: kennis uit een verkeerde bron, occulte kennis. Die komt niet van God en de mens kan die ook zelf niet met zijn verstand ontdekken. Die boom stond voor de wereld van het boze en God wil niet dat de mens met die wereld in contact treedt: Verboden toegang!
Er was nog een andere boom midden in de hof. Die heette: de boom van het leven. Wanneer de mens daarvan zou eten, zou hij in eeuwigheid leven. Maar dat kon pas als hij de proef had doorstaan. Toen de mens faalde, heeft God hem dan ook van die boom weggehouden.