Ons woord Pinksteren is afgeleid van het Griekse pentakostes en betekent ‘vijftig’ (dagen na Pasen).

Pinksteren – christelijk feest (dl 4)

Ons woord Pinksteren is afgeleid van het Griekse pentakostes en betekent ‘vijftig’ (dagen na Pasen). Het is het derde grote christelijke feest en betekent: God wil bij de mensen wonen. Christenen gedenken en vieren dat God heeft dit gedaan door het zenden van de Heilige Geest.

 

Leraars hebben de gave om de Schrift uit te leggen, zodat Schriftgedeelten die zonder hun hulp onduidelijk zouden zijn, met hun hulp tot het hart gaan spreken.

Leraars (dl 4)

Leraars hebben de gave om de Schrift uit te leggen, zodat Schriftgedeelten die zonder hun hulp onduidelijk zouden zijn, met hun hulp tot het hart gaan spreken. Door het woord dat zij spreken kan de Heilige Geest Zijn werk doen in de toerusting van de gelovigen.

 

Ieder volk kent zijn eigen prehistorie, dat is de tijd die voorafgaat aan de (geschreven) geschiedenis.

Prehistorie (dl 1)

Ieder volk kent zijn eigen prehistorie, dat is de tijd die voorafgaat aan de (geschreven) geschiedenis. Voor Nederland is het eind van de prehistorie slechts tweeduizend jaar geleden. Toen pas begonnen de mensen vast te leggen wat zij zelf hadden meegemaakt. Voor de Grieken en de Romeinen ligt dat punt verder in het verleden, omdat hun (geschreven) geschiedenis veel vroeger begon.

Over de tijd die ligt vóór de zondvloed tasten alle volken in het duister. Dat komt doordat er bij de volken alleen (geschreven) geschiedenis van na de zondvloed bekend is. De tijd daarvoor wordt de voortijd genoemd.
Over die tijd is bijna niets bekend, alleen wat Noach hierover heeft doorgegeven en in de Bijbel bewaard is gebleven. De meeste mensen moeten het doen met de mythen, sagen en legenden die bij allerlei volken bestaan over die `oertijd’.

De Bijbel geeft ons informatie over de vroegste tijd. Zij spreekt van toledots, dat betekent: geschiedverslagen. In Genesis 5 lezen we (in de Hebreeuwse grondtekst) de toledot van alle geslachten, van Adam tot Noach, en in hoofdstuk 6 lezen we de toledot van de zondvloed. Hierdoor kennen wij dus de menselijke geschiedenis vanaf het begin!

 

De priesters bekleedden de hoogste functies in Israël (tot de tijd van de koningen). Zij gingen het volk voor in de eredienst.

De priesters bekleedden de hoogste functies in Israël (tot de tijd van de koningen). Zij gingen het volk voor in de eredienst. De eredienst van Israël was een dienst van verzoening. Deze verzoening wordt uitgebeeld in de offers. De priesters brachten die offers voor God en zo vormden zij de schakel tussen God en zijn volk.

Vanaf het boek Samu?l treden profeten op om namens God tegen koningen de waarheid te zeggen.

 

Vanaf het boek Samu?l treden profeten op om namens God tegen koningen de waarheid te zeggen. Profeten schrokken er niet voor terug om Gods wil bekend te maken hoewel ze beseften hoeveel weerstand hun woorden opriepen. Omdat de koningen in naam van God regeerden, moesten ze zich ook aan Gods wetten (Torah) houden. Als dat niet gebeurde, begonnen de profeten hen daarop te wijzen. Zij spraken de koning aan vanuit Gods waarheid. Dikwijls hadden de koningen hun eigen waarheid, dat wil zeggen, zij zagen alle dingen door hun eigen gekleurde bril. Dan kwam de profeet naar hem toe met een woord van God en plaatste dat tegenover het woord van de koning.

Wanneer een profeet iets over de toekomst verkondigt, dan moet dat ook uitkomen, anders is hij een valse profeet.

De Hebreeuwse titel van het boek der Psalmen is tehillim, dat betekent lofprijzingen, lofzangen, in het Engels `praise’.

Psalmen (dl 3)

De Hebreeuwse titel van het boek der Psalmen is tehillim, dat betekent lofprijzingen, lofzangen, in het Engels `praise’. In het boek Psalmen zijn 150 liederen opgenomen en vele daarvan zijn door David gemaakt. De psalmisten waren geen gewone dichters, maar profeten die liederen maakten over God of liederen tot God waarin Hij rechtstreeks wordt aangesproken.

De psalmen worden wel genoemd naar de thema’s die erin voorkomen:
– Hallel- of lofpsalmen: God wordt geëerd om wie Hij is.
– Boetepsalmen: hierin worden ernstige misstappen erkend.
– Wraakpsalmen (beter gerechtigheidspsalmen): er wordt gesmeekt dat God recht zal doen over groot onrecht.
– Bedevaartsliederen (120-134): die gaan over Sion, de tempelberg.
– Messiaanse psalmen: liederen over de eeuwige Messiaanse Koning.

Een kenmerk van de psalmen als Hebreeuwse poëzie is het zogenaamd parallellisme. Daarbij wordt in de tweede regel de boodschap van de eerste regel herhaald, versterkt of verklaard; soms is de tweede regel de tegenstelling van de eerste regel.

Het boek Esther vertelt ons over Haman’s plan om alle Joden in het hele koninkrijk van Ahasveros om te brengen.

Purimfeest (dl 3)

Het boek Esther vertelt ons over Haman’s plan om alle Joden in het hele koninkrijk van Ahasveros om te brengen. Daartoe werd het pur of poer (het lot) geworpen om te bepalen wat de geschikte dag zou zijn. Het werd de dertiende van de twaalfde maand en toen ging zijn decreet (wet) om alle Joden op die dag uit te roeien, maar God zorgde ervoor dat zijn voornemen werd verijdeld.

Om dit te gedenken, vieren de joden ieder voorjaar het Purimfeest (spreek uit: poerimfeest). Tijdens de viering van dit lotenfeest wordt in de synagoge de wetsrol van Esther voorgelezen. Wanneer de chazan (voorlezer) leest, slaan de kinderen, telkens wanneer de naam Haman wordt genoemd, op de bank of stampen op de grond. Op die manier wordt zelfs de naam Haman niet meer gehoord. Iedereen is blij dat Haman zijn zin niet gekregen heeft. Maar zij denken niet alleen aan Haman. Zij denken aan alle mannen die zich opstelden tegen het volk van God.

 

Er zijn 39 boeken in het Oude Testament opgenomen. Christenen volgen deze indeling:

Oude Testament – indeling (dl 1)

Er zijn 39 boeken in het Oude Testament opgenomen. Christenen volgen deze indeling:

Historisch: 5 + 12 Dichterlijk: 5 Profetisch: 5 + 12
(Wet, Torah)
Genesis
Exodus
Leviticus
Numeri
Deuteronomium
(Wijsheid en poëzie)
Job
Psalmen
Spreuken
Prediker
Hooglied
(Grote profeten)
Jesaja
Jeremia
Klaagliederen
Ezechiël
Daniël
Volk en
Jozua
Richteren
Ruth
1 Samuël
2 Samuël
1 Koningen
land
2 Koningen
1 Kronieken
2 Kronieken
Ezra
Nehemia
Esther
  Kleine 
Hosea
Joël
Amos
Obadja
Jona
Micha
profeten
Nahum
Habakuk
Zefanja
Haggaï
Zacharia
Maleachi

In Griekenland stond de tempel van Apollo met het orakel van Delphi. Bij een diepe bergkloof zat een oude vrouw als priesteres van Apollos.

Orakel van Delphi (dl 4)

In Griekenland stond de tempel van Apollo met het orakel van Delphi. Bij een diepe bergkloof zat een oude vrouw als priesteres van Apollos. Uit de spleet steeg damp op, waardoor de vrouw bedwelmd raakte en klanken ging uitstoten. Die werden door priesters tot `orakels’ vertolkt en vervolgens in versvorm weergegeven. Allerlei mensen met problemen kwamen naar haar toe om raad, zelfs staatslieden en koningen!

Sommige van deze orakelpraktijken kwamen ook in Corinthe voor. Daarom legt Paulus uit hoe de mensen zelf kunnen onderscheiden en vaststellen hoe God werkt:
– Alles wat in de gemeente gebeurt, staat onder de belijdenis: Jezus is Heer!
– Niets gebeurt onder trance; wie zingt, bidt of spreekt, heeft zijn verstand er helemaal bij.
– Ieder heeft het recht en de plicht om aan de Schrift te toetsen wat er plaatsvindt.

 

Heel bekend is de geschiedenis van de barmhartige Samaritaan. Jezus vertelde deze geschiedenis toen een wetgeleerde Hem had gevraagd: “Wie is mijn naaste?”

Naastenliefde (dl 2)

Heel bekend is de geschiedenis van de barmhartige Samaritaan. Jezus vertelde deze geschiedenis toen een wetgeleerde Hem had gevraagd: “Wie is mijn naaste?”

Een Joodse man is beroofd en ligt gewond langs de weg ergens tussen Jeruzalem en Jericho. Dat is een gevaarlijke weg met weinig verkeer; daardoor kunnen rovers makkelijk iemand overvallen en beroven. Een priester en een Leviet, beide tempeldienaren, komen voorbij de gewonde man maar laten hun volksgenoot liggen. Een Samaritaan stopt; hij verbindt de wonden, zorgt voor onderdak en betaalt zelfs voor verdere verzorging.

De barmhartige Samaritaan liet zien wat naastenliefde is. Iedereen zal zich wel eens in moeten zetten voor iemand die anders geen hulp krijgt. Jezus zegt niet: Wie is je naaste?Maar: Van wie ben je de naaste? Je gedraagt je als een naaste als je hulp geeft aan iemand die echt hulp nodig heeft. Die naaste ben je zelf.