Muziek is niet neutraal.

“Ophitsende klanken van een elektronisch versterkte gitaar, een hectisch staccato van het slagwerk doen de zenuwen vibreren, schakelen elke gedachte uit: beat- en rockmusici veranderen hun meestal jeugdige publiek in een krijsend monster. Het gevolg is dat velen flauwvallen.” (Walter F. Hiss in “Medizin heute”, uit “Rockmusik – Daten – Fakten- Hintergründe”, Roger Liebi. Uitg.Beröa)

rock“Rockmuziek is vanwege haar stijl niet neutraal en dan laten we de tekst buiten beschouwing. Deze muziek op zichzelf stimuleert extase en erotiek. Zij kan zelfs, als men er intensief naar luistert, leiden tot een passiviteit van de geest en daarmee een deur openen voor demonische invloeden.” (Hete hangijzers, Norbert Lieth. pag. 176, uitg. Middernachtsroep)

“Het hoge geluidsvolume veroorzaakt een gehoorstress, waardoor de bijnieren in verhoogde mate een stresshormoon produceren, dat niet meer in een aanvaardbare periode door het lichaam afgebroken kan worden.” “Hierdoor kan iemand zonder meer in een toestand raken, die met ‘high’ omschreven kan worden, zodat je de controle over jezelf verlies en ‘stoned’ raakt”. (Hete hangijzers, pag.169,170) “Het heeft letterlijk de kracht om de controle over te nemen en je in de wereld van de geesten te brengen.” (B&O, juni 2011, pag. 14)

Overdreven? Luister naar wat de rockmusici zelf zeggen: “In spirituele termen is deze muziek een magisch instrument, een middel om te communiceren met de goden.” (Michael Moynithan, B&O) En ook: “Rock is voor 99% seks” (rockzanger John Dates. (Hete hangijzers, pag.171) “Aleister Crowley (1875-1947) wordt de grootste satanist van de 20e eeuw genoemd. Hij stelde in de jaren ’20 een programma op hoe men de jeugd kan misleiden en ontvankelijk maken voor het demonische:

  1. door muziek, die gebaseerd is op een stevig ritme en herhaling,
  2. door drugs,
  3. door het propageren van vrije seks.

“Aan de vruchten zult u ze herkennen” (Hete hangijzers, pag.168). Deze citaten maken duidelijk wie achter deze muziek staat (satan, de mensenmoordenaar van de beginne) en om wie het hem te doen is: onze jeugd!  “Het is de vertwijfelde, hopeloze noodkreet van een jeugd in een stervende eeuw. Het is een jeugd, die op zoek is naar het leven en in de ban is van de wereldgeest.

Maar dat is niet wat Jezus wil. Hij geeft leven in overvloed, een leven dat zin heeft en een doel. De psalmist zegt in Psalm 16:11: “Gij maakt mij het pad des levens bekend; overvloed van vreugde is bij Uw aangezicht, liefelijkheid is in Uw rechterhand ,voor eeuwig” (Hete hangijzers”, pag.178).

Informatie hierover op een rij:

  1. Bijbel en Onderwijs magazine juni 2011 (bijbelenonderwijs.nl);
  2. Hete Hangijzers, Norbert Lieth (www.middernachtsroep.nl);
  3. Rockmusik – Daten – Fakten – Hintergründe, Roger Liebi (uitverkocht);
  4. Rock-, Pop- und Technomusik und ihre Wirkungen, Eine Wissenschaftliche und Biblische Untersuchung, Adolf Graul,  (www.mitternachtsruf.com);
  5. Feiten over rockmuziek, John Ankerberg & John Weldon, 4 euro, (www.middernachtsroep.nl).


Nonky Blok-Schutze

rock2Terecht vermeldt mevr. Blok het waardevolle boek over deze muziek: Rock-, Pop- und Technomusik (2004) van Adolf Graul. De auteur gaat in 332 blz. consciëntieus op wetenschappelijke en Bijbelse wijze na wat de achtergrond van dit fenomeen is, dat sinds de zestigerjaren van de vorige eeuw sowieso de wereld, maar ook in toenemende mate kerk en gemeente beheerst. Nee, Graul heeft het niet zozeer over de teksten, maar benadrukt het ritme met de overheersende beat. De kenmerkende offbeat en de syncope, waardoor een onregelmatigheid in het ritme optreedt,  bewerkstelligen een innerlijke verandering bij de luisteraar. Op blz. 81 stelt Graul: “De via het zenuwstelsel opgewekte lichamelijke reactie bij sterk ritmisch georiënteerde muziek wordt bijzonder versterkt als door syncopen en offbeats  ritmische gevoelsniveaus van het lichamelijke zenuwstelsel beïnvloed worden. Daardoor wordt de scheppingsbalans van geest, ziel en lichaam van de mens verstoord en komt het accent op  lichamelijke ervaringen te liggen. De opname van geestelijke boodschappen wordt dan heel moeilijk en meestal volkomen geblokkeerd.” (accentuering door redactie)

Redactie 

 

Groepen kinderen met donkere kleding en met verlichte pompoenen   onder begeleiding van volwassenen bellen eind oktober weer aan. Halloween, een oud Amerikaans “feest”,  verovert steeds meer terrein. Naast de bekende folder Halloween mij niet gezien? (zie webshop, € 0,50) is onderstaand overzicht van Halloweensymbolen weer een raadgever voor de achtergronden van het heidense feest.

Halloweensymbolen & occulte ingevingen

Halloween is meer dan onschuldig vermaak. De bijbehorende symbolen en praktijken blazen de duistere rituelen en symbolen van voorbije beschavingen nieuw leven in. Veel van die symbolen zijn universeel, in veel gebieden ter wereld zijn mensen ermee vertrouwd. Toch ziet elke culturele groepering de afbeeldingen vanuit haar eigen perspectief.

  1. Voor de ene groep symboliseren ze verschillende vormen van dood: fysiek, spiritueel, angstaanjagend of bevestigend.
  2. Voor een andere groep verwijzen ze naar de onschuldige sensaties en prikkelingen die horen bij iets waarvan zij geloven dat het niet veel meer dan een leuke fantasiewereld is.
  3. Voor een derde groep representeren ze een zuiver kwaad: lokmiddelen van een occult wereldbeeld gemanipuleerd door hem die zich nu en altijd voordoet als “een engel des lichts”. Met andere woorden, de betekenis hangt af van iemands overtuiging  en wereldbeeld. Zie eventueel http://www.crossroad.to/charts/temptation.htm

De symbolen hieronder zijn afkomstig uit Azteekse religieuze kunst, Magic the Gathering-kaarten, een Japans Sailor Moon-stripboek, een Dungeons & Dragons-handboek en uit verschillenden advertenties voor Halloweensnoepgoed en – kostuums. Deze mix laat ons de wereldwijde populariteit van deze symbolen zien en herinnert ons eraan dat, hoewel Halloween botst met de richtlijnen van God, het heel goed past bij de wereld en de menselijke natuur.

Daarom blijft het meesterbrein achter deze geestelijke strijd door de eeuwen heen gebruik maken van dezelfde tactiek. Het is altijd de belangrijkste strategie van de duivel geweest om mensen zo te verleiden dat ze houden van wat God haat, hen ertoe aanzetten dat ze zijn verleidelijke weg volgen en hen zo te misleiden dat ze denken dat deze “nieuwe” weg goed of zelfs beter is dan de oude wegen die God ons heeft laten zien. Omdat zijn strategie niet verandert, is Gods waarschuwing in Spreuken 14:12 nog net zo relevant als in de tijd van koning Salomo:  “Er is soms een weg die iemand recht schijnt, maar het einde ervan zijn wegen van de dood.”(Spreuken 14:12)

De meeste mensen volgen de massa en de massa volgt de media, vooral als die sensaties en avonturen die het verlangen naar verboden verschijnselen voeden, promoot. Het occulte heeft zich altijd gericht op bloederige afbeeldingen van geweld, dood en vernietiging. We zien het vandaag de dag in de media, muziek en films. Naar gelang mensen ongevoeliger worden voor occult geweld en horror, worden de beelden in het populaire vermaak steeds verschrikkelijker en onbeschrijfelijk kwaad. Eigenlijk is dit oud nieuws. Duizenden jaren geleden waarschuwde God ons:  “Allen die mij haten, hebben de dood lief.” (Spreuken 8:36)

VLEERMUIZEN: Ze eten muggen en doen weinig kwaad, maar deze kleine nachtdieren hebben een slechte reputatie vanwege hun beruchte neefje, de vampiervleermuis. Het enige zoogdier dat zich voedt met bloed, is afkomstig uit Midden- en Zuid-Amerika en gebruikt scherpe snijtanden om gaatjes te prikken die hij nodig heeft om bloed uit zijn slachtoffer te zuigen. Geen wonder dat vleermuizen in verband zijn gebracht met dood, vampiers en occulte rituelen in het Westen. Maar in het Oosten representeren ze vaak geluk.
BEZEM: Vanwege Harry Potter en zijn hoogvliegende Firebolt-bezemsteel nu opwindender dan ooit. Bezems worden al eeuwenlang in verband gebracht met hekserij en magie.
ZWARTE KAT:Dit plaatje uit een Sailor Moon (manga)-stripverhaal dient als herinnering aan de wereldwijde vermenging van symbolen. Zowel Japans als westers bijgeloof brengen de zwarte kat in verband met zowel de wereld van “witte” betoveringen als met duister occultisme. Kijk maar eens naar het maanvormige symbool van spiritualiteit  van godinnen op het voorhoofd van de pratende kat van Sailor Moon.
BLOED:De bloederige messen, slachtoffers en vampiers die vandaag de dag voorkomen in populaire games, films en op Halloweenfeestjes laten de tijdloze bekoring van bloed en geweld zien. De Kelten geloofden, net als veel andere culturen, dat de goden die de natuurkrachten beheersten, hunkerden naar bloedoffers, dierlijk of menselijk. Deze afbeelding toont een Azteekse priester die het hart opheft dat hij zojuist uit de borst van een levend offer heeft gesneden. Het had evengoed een Maya-priester kunnen zijn of een andere toegewijde aan de wrede machten van de wereld van het occulte.
OOG:Als je na middernacht bij je plaatselijke boekhandel hebt gewacht op het vierde Harry Potterboek, heb je misschien ook een spookachtig oog gekregen dat leek op dit Halloweenkoekje. Misschien heeft het toebehoord aan Dwaaloog, de leraar “Zwarte kunst” aan de Zweinsteins HogeoHoHschool voor hekserij en tovenarij. Soortgelijke ogen werden al gebruikt in spookverhalen, horrorfilms en de religieuze kunst van talloze culturen lang voordat Harry Potter op het toneel verscheen.
VUUR symboliseert zowel warmte en bescherming als dood en vernietiging in culturen over de hele wereld. Tijdens Samhain gebruikten de druïden het als bescherming tegen boze geesten en voor rituele offers (zowel menselijk als dierlijk) aan hun goden. Deze Magic the Gathering-kaart stelt: “Opgeroepen uit het binnenste van de hel, vormen de vurige muren een onneembare barrière, die elk schepsel dat probeert te passeren verschroeit…” Niet echt een prettige gedachte.
SPOKEN: Een universeel symbool voor geesten van doden en occulte bezoekingen. Deze koekjes, net als de spookvormige snoepjes die ze in Mexico uitdelen op de “Dag van de Doden”, dragen bij aan het minimaliseren van de realiteit van de geestelijke strijd in postchristelijk landen. De decoratiespoken zijn misschien wel schattig, maar voor de talloze slachtoffers van demonische gebondenheid en onderdrukking, is de geestelijke wereld geen grapje.
GRAFSTEEN: Christenen mogen het dan zien als een herinnering aan hen die gestorven zijn, maar anderen zien het als een opwindend symbool van de dood en als de plaats waar de wereld van de levenden de wereld van de geesten van de doden ontmoet. Omdat Halloween, net als de Mexicaanse “Dag van de Doden”, draait om bezoek uit de geestenwereld, passen deze grafsteenkoekjes bij beide feesten.
POMPOEN: Op de Britse eilanden werd het griezelige gezicht van de Halloweenpompoen gebruikt om boze geesten af te schrikken en een “beschermingsformule over het huishouden” uit te spreken. De Kelten kerfden de angstaanjagende gezichten in kalebassen of rapen.
SCHEDELS, BOTTEN & SKELETTEN: Symbolen voor dood, ziekte en voor hoe kort het leven op aarde is. De schedel en de gekruiste botten, of ze nu zijn afgebeeld op een fles gif, of geschilderd op de zwarte vlag van een piratenschip, wekten angst voor de dood op. Op dit detail van een Tibetaans schilderij staat Yama, de boeddhistische god van de dood met vijf schedels boven zijn hoofd. (Denk aan de hindoe-god Kali die een ketting van schedels droeg onder haar bloederige tanden en tong.) Kijk naar de uitpuilende ogen en de gebogen lijn die de bovenrand van een boeddhistisch wheel of life (kringloop van wedergeboorten) verbeelden.
SPIN en WEB: Voor veel aardsgeoriënteerde culturen symboliseren de spin en zijn web het weven van het leven en de cyclische gangen van de natuur. Maar in de context van Halloween verwijzen ze naar donkere, enge plaatsen waar het spookt en zijn de webben verborgen voor licht en bezems.
HARRY POTTERS BLIKSEMSCHICHTVORMIGE LITTEKEN: Van de Noorse Vikingen tot de Japanse shintoïsten hebben heidenen van over de hele wereld goden van de donder aanbeden met ontzag en vrees. De bliksemschicht blijft mysterieuze en beangstigende krachten vertegenwoordigen. Het bliksemschichtvormige litteken op Harry’s voorhoofd markeert hem als een tovenaar met buitengewone krachten en stuurt hem waarschuwingen, als er gevaar dreigt. Bij de aankoop van het vierde Harry Potterboek ontvingen vele fans bliksemschichtstickers voor hun eigen voorhoofd, waardoor ze werden gemarkeerd als informele leden van Harry Potters wereldwijde fanclub.
HEKS: De betekenis en implicatie van heksen en hekserij is met de eeuwen mee veranderd. Voor velen is het nog steeds een ouwe kol (= gemene vrouw)  met wratten en wild haar die boze spreuken uitspreekt over kinderen en die in silhouet afgebeeld wordt voor een volle maan met haar bezemsteel. Maar een meer realistisch beeld toont feministen of milieuactivisten (mannen of vrouwen) die wijsheid en zelfverzekerdheid zoeken in een eigentijdse mix van de aardsgeoriënteerde religies: hindoeïsme, indiaanse spiritualiteit, Europese hekserij, enz. Of ze nu deelnemen aan groepen zoals de Bay Area Pagan Assemblies (vereniging van heidenen in Bay Area) in Californië of the Pagan Federation (federatie van heidenen) in Engeland, ze zijn er trots op heiden, heks of wicca genoemd te worden. Ze delen een gemeenschappelijke interesse in betoveringen, magie (“witte”, geen “zwarte”) en volle maanrituelen en dat alles in een raamwerk van een nieuwe kosmologie gebaseerd op een persoonlijke of onpersoonlijke pantheïstische godin. Zie ook de webshop voor de folder Wicca …. gaaf of gevaarlijk? (€ 0,50)
TOVENAAR: Een meester in occulte kennis en krachten die tijdloze en universele rituelen, magische formules en betoveringen gebruikt om in contact te komen met de geestenwereld en de krachten daarvan manipuleert. Zijn rol en prestige corresponderen met die van de sjamaan of toverdokter bij animistische stammen, de priester of goeroe van new agers of de druïde die de Kelten leidde in geestelijke zaken als hij advies gaf over politieke zaken. Deze afbeelding laat de hedendaagse mix van culturen zien. Als een indiaanse medicijnman draagt de tovenaar ceremoniële veren in een cluster om zijn middel, terwijl zijn hand een staf vasthoudt die lijkt op een vredespijp en die versierd is met veren.

Bron: crossroad.to  (met toestemming)

 

Thuisonderwijs, onbekend maakt onbemind.

Eén van de vragen die je als ouders regelmatig krijgt, is: “Waar gaat je kind naar school?” Voor sommige ouders is het antwoord op die vraag: “Naar geen school, want wij geven thuisonderwijs.” Dan blijkt dat er veel vooroordelen zijn: Mag dat wel? Heb je daar geen opleiding voor nodig? Hoe zit het dan met de sociale ontwikkeling?

Mag dat wel?

In Nederland bestaat sinds 1969 de schoolplicht. Er zijn echter uitzonderingen, volgens artikel 5b van de leerplichtwet ben je vrijgesteld van de inschrijfplicht als er geen school van jouw levensovertuiging is binnen redelijke afstand. (Dit artikel wil staatssecretaris Dekker van onderwijs afschaffen.) Er is dus geen wettelijke grond voor thuisonderwijs, maar als je vrijgesteld bent van de inschrijfplicht, heb je de vrijheid om thuisonderwijs te geven.

Kan dat wel?

In Spreuken 22:6 staat: “Leer den jongen de eerste beginselen naar den eis zijns wegs; als hij ook oud zal geworden zijn, zal hij daarvan niet afwijken.” In de KJV staat hier voor “leer”  “train up” wat duidt op een intensieve allesomvattende training. Deuteronomium 6:6,7 vermeldt: “En deze woorden, die ik u heden gebiede, zullen in uw hart zijn. En gij zult ze uw kinderen inscherpen, en daarvan spreken, als gij in uw huis zit, en als gij op den weg gaat, en als gij nederligt, en als gij opstaat.” We zien hier dat God de verantwoordelijkheid voor het opvoeden en onderwijzen van de kinderen bij de ouders legt. Je kunt opvoeden en onderwijzen niet van elkaar scheiden, m.a.w. er bestaat geen neutraal onderwijs. Je leert je kind al dingen vanaf de geboorte en dat gaat door tot ze de deur uitgaan. Je bent dus eigenlijk al bezig met onderwijzen vanaf de geboorte en gaat daar gewoon mee door als het kind de leerplichtige leeftijd heeft bereikt. Je probeert als ouders van alle situaties een leermoment te maken. Daarnaast zijn er allerlei methodes of zelfs complete programma’s om te gebruiken. Je gaat op zoek naar wat het beste past bij je kind. Omdat het één op één is, kun je onderwijs op maat aanbieden en ben je niet afhankelijk van de “one size fits all”-methodes die op scholen vaak worden aangeboden. Uit onderzoek blijkt dat kinderen die thuisonderwijs krijgen het minstens zo goed, of zelfs beter doen dan hun leeftijdsgenoten op school.

Sociaal geïsoleerd?

Kan het kind zich wel goed genoeg sociaal ontwikkelen? Allereerst zou ik willen opmerken dat je hier natuurlijk geen exacte wetenschap op kunt toepassen, iedereen heeft min of meer zijn eigen idee over wanneer een kind goed sociaal ontwikkeld is. Dit wordt ook in sterke mate gekleurd door iemands wereldbeeld. Je kunt je afvragen wie de beste invloed heeft op kinderen, evenwichtige volwassenen of leeftijdsgenoten. Hoe vaak zien we niet dat kinderen door groepsdruk de vreemdste dingen doen. Daarnaast zijn er natuurlijk buiten school genoeg contacten met leeftijdsgenoten en mensen van alle leeftijden en lagen van de maatschappij. Uit het onderzoek van Henk Blok  “Is school echt zo belangrijk voor de sociaal-emotionele ontwikkeling?” blijkt wel dat school niet per se een “must” is voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. Zie  http://www.jsw-online.nl/assets/documentenservice_zen/jsw/archief/2004/01_september_2004/jrg89-september2004-blok-isschoolechtzobelangrijkvoordesociaalemotioneleontwikkeling.pdf

Uit de praktijk blijkt dat thuisonderwijs zeker een volwaardig alternatief is. Het zou alleen bij wet geregeld moeten worden. Wij pleiten zeker niet voor afschaffing van scholen, maar om ouders de vrijheid te geven om zelf een weloverwogen besluit te nemen in overeenstemming met hun geweten tegenover God.

 

 

L. van Iwaarden

 

Liefde stelt grenzen.

Christenouders behoren hun kinderen op te voeden zoals de Heere Zijn kinderen opvoedt. M.a.w. de wijze waarop de hemelse Vader Zijn kinderen opvoedt, is het model tot navolging van de opvoeding van onze kinderen.

De liefde van de Heere voor Zijn kinderen noodzaakt Hem om grenzen te stellen.

Hieraan weten wij dat wij de kinderen van God liefhebben, wanneer wij God liefhebben en Zijn geboden bewaren. 3 Want dit is de liefde tot God, dat wij Zijn geboden in acht nemen; en Zijn geboden zijn geen zware last. (1 Joh 5:3)Het gaat hier om de liefdesrelatie tussen God, de Vader, en Zijn kinderen. Die liefdesrelatie verplicht Hem om grenzen te stellen aan hun gedrag.

Oefen de jongeman overeenkomstig zijn levensweg ook als hij oud geworden is, zal hij daarvan niet afwijken. (Spr 22:6)

Het woord “oefen” (train) betekent primair insluiten, inperken, omheinen, begrenzen. Uit zichzelf weten onze kinderen niet welke weg zij moeten gaan. Daarom dat wij als ouders een heg of omheining plaatsen aan beide kanten van de weg. Als wij dit in hun jonge jaren consequent doen – hun weg afbakenen met hoge sterke omheiningen – dan lijkt de Heere hier te zeggen, dat zij tot aangepaste gedisciplineerde volwassenen zullen opgroeien.

De zegeningen van Gods opvoedingsmethode zijn velerlei:

  1. grenzen geven een kind rust en veiligheid;
  2. grenzen leren een kind om zich te onderwerpen aan gezag; (Rom 13:1; Jac 4:7; Ef 6:1)
  3. grenzen ontlasten zowel de ouders als de kinderen.

Wat hebben onze kinderen dus nodig? Ouders die ouder durven te zijn en die zo zeker zijn van wat ze willen voor hun eigen leven, dat ze ook weten wat ze willen voor het leven van hun kinderen. En die dat ook van hun kinderen blijven vragen, hoe moeilijk dat soms ook is.

Houd bij het vaststellen van regels twee dingen in gedachte.

  1. Probeer de regels tot een minimum te beperken en houd ze redelijk en uitvoerbaar. (1 Joh 5:3; Matt 11: 29 en 30; Ef 6:4; Klaagl 3: 20)
  2. Verzeker jezelf ervan dat de kinderen de regels en het waarom van de regels begrijpen. (zeker als ze groter zijn) Ook de hemelse Ouder vertelt er dikwijls bij waarom Hij iets van ons vraagt:
    En verlang vurig als pasgeboren kinderen, naar de zuivere melk van het Woord, opdat (motivatie) u daardoor mag opgroeien. (1 Petr 2:2) Door melk groei je.
    Vorm geen ongelijk span met ongelovigen, want (motivatie) wat heeft gerechtigheid gemeenschappelijk met wetteloosheid, en welke gemeenschap is er tussen licht en duisternis? (2 Cor 6:14)

Toen mijn kinderen klein waren, moesten ze soms getuchtigd worden  (De Bijbel kent verschillende vormen. Zie Hebr 12: 7 – 11 en 1 Cor 11: 30),  maar ik heb er altijd bij verteld waarom ik dat deed. Zij hadden

  • gejokt/ gelogen, of
  • ze waren brutaal en/of opstandig geweest, of
  • ze waren ongehoorzaam aan papa en mama.

Deze regels dienen:

  1. het geestelijk, emotioneel en lichamelijk welzijn van ons kind;
  2. het recht van anderen te beschermen;
  3. het harmonieus functioneren van het gezin te waarborgen.

 

Ds. M.Ezinga

 

 

 

Op verjaardagspartijtjes komt het onderwerp wel eens ter sprake: ufo’s of vliegende schotels. Ze hebben een hoog giechelgehalte. Sommigen geloven er in, anderen niet. Vaak is het een welles-nietes discussie. De media besteden er weinig of geen aandacht aan. Voor heel veel mensen geldt, wat niet in de krant staat, is niet gebeurd, bestaat niet en is dus niet waar. Ufo’s zijn de afgelopen decennia door de media ongeloofwaardig en belachelijk gemaakt. Maar feit is dat ufo’s wel degelijk bestaan.

In de wetenschappelijke wereld, maar ook binnen de z.g. grenswetenschappen, is men diep verdeeld over de vraag hoe het ufo-fenomeen ufobeoordeeld moet worden. Er is een patstelling tussen gelovigen en niet-gelovigen. Er zijn wetenschappers die buitengewoon sceptisch waren tegenover het ufo-fenomeen, maar door jarenlang onderzoek hebben zij naderhand moeten toegeven dat deze dingen gewoon bestaan.

Een duik in de enorme hoeveelheid serieuze literatuur laat maar één conclusie toe: ufo’s zijn geen mythes, bedrog of hallucinaties. Je ontkent een gevaarlijke werkelijkheid, als je beweert dat deze dingen niet bestaan. Wereldwijd hebben inmiddels miljoenen mensen ufo’s of vliegende schotels in allerlei vormen gezien. Deze gebeurtenissen zijn bij diverse autoriteiten wereldwijd gemeld. Er is grondig wetenschappelijk onderzoek naar gedaan, vooral in de Verenigde Staten en met name bij de Amerikaanse luchtmacht, maar ook in andere westerse landen. Bij slechts 10% van alle meldingen gaat het om echte ufo’s, maar dan nog gaat het om grote aantallen.

Ufomeldingen
Veel (ex-)premiers, (ex-)staatshoofden, (ex-)ministers, politici, diplomaten en hoge legerofficieren uit tal van landen, tot en met diverse secretarissen-generaal van de Verenigde Naties hebben in het openbaar verklaard dat deze dingen bestaan. Er zijn inmiddels duizenden filmfragmenten en foto’s die, na minutieus wetenschappelijk onderzoek aantonen dat ufo’s wel degelijk bestaan.

De verklaringen van wereldwijd honderdduizenden ooggetuigen, van mensen uit tal van landen over een periode van pakweg zeventig jaar, mensen die elkaar niet kennen, mensen die onmogelijk met elkaar in contact kunnen zijn geweest, mensen van verschillende talen en culturen, van diverse afkomsten, van diverse beroepsgroepen, in de meest uiteenlopende woongebieden, van verschillende leeftijden, van jong tot oud, al die verklaringen komen iedere keer weer verbluffend overeen. Het is iedere keer hetzelfde verhaal, tot en met de meest bizarre details.

Die mensen werden hiermee ongevraagd geconfronteerd. Ze zijn vaak heel terughoudend. Ze doen hun verhaal en verdwijnen dan vaak weer in de anonimiteit. De meesten willen al helemaal geen publiciteit. Natuurlijk zullen er aandachtszoekers en bedriegers tussen zitten, maar die vallen gauw door de mand. Het is uitgesloten dat dit toeval of grootschalig georganiseerd bedrog zou zijn. Wereldwijd gaat het om zo’n 75.000 meldingen per jaar.

Overigens, mensen die psychisch kerngezond waren en die geconfronteerd werden met deze ‘buitenaardsen’ krijgen last van angststoornissen en depressies en verdwijnen vervolgens jarenlang in de hulpverlening.  In de medische literatuur worden talloze gevallen besproken. Sommigen gaan er helemaal kapot aan,  maar er zijn er ook die de totaal andere kant opgaan. Ze worden spiritueler, humaner, begripsvoller, krijgen andere interesses of gaan paranormale begaafdheden vertonen. Dat is al een teken aan de wand.
Ufo’s zijn realiteit, het is naïef om te ontkennen dat ze niet bestaan.

Waar komen ufo’s vandaan?
Maar waar komen die ufo’s vandaan? Volgens velen afkomstig van buitenaardse beschavingen die miljoenen jaren op ons vooruit zijn, gelegen ver buiten ons zonnestelsel. Deze overtuiging houdt nauw samen met het geloof in evolutie en de evolutietheorie. Deze beschavingen zouden veel hoger staan dan de onze. De vertegenwoordigers van deze beschavingen, de z.g. aliëns, de buitenaardsen, zouden ons bezoeken om ons te waarschuwen voor de rampen die de mensheid te wachten staan, maar ook om ons te helpen en te leiden naar een betere wereld, een hogere vorm van bewustzijn, een totaal nieuw tijdperk in de evolutie der mensheid. Zo niet goedschiks, dan kwaadschiks. Dat is altijd hun spirituele boodschap. En dat is ook vaak de thematiek van Hollywoodfilms van de afgelopen zestig jaar die gaan over ufo’s en buitenaardse beschavingen.
Maar de Bijbel laat geen mogelijkheid open voor hoger geëvolueerde beschavingen die bevolkt worden door een soort humanoïden die door middel van interstellaire reizen ons komen vereren met hun bezoekjes.

ufo1Psalm 115: 16: “De hemel is de hemel van de HEERE, maar de aarde heeft Hij aan de mensenkinderen gegeven.” De aarde is het middelpunt van het heelal inzake intelligent leven. Nergens staat in de Bijbel dat God tegelijkertijd of miljoenen jaren voor Zijn schepping nog elders leven heeft gecreëerd of dat er op de zesde dag elders mensen of humanoïden op andere planeten zijn geschapen. God heeft de mens naar Zijn beeld geschapen, op de aarde. Er staat geschreven: God schiep de hemelen (shamayim) en de aarde. Psalm 33:9: “Want Hij spreekt en het is er, Hij gebiedt en het staat er. ” En dat wordt talloze keren herhaald en bevestigd in de rest van het Oude en  het Nieuwe Testament door Christus zelf en de apostelen. En ook God schiep, dus geen leven op aarde als gevolg van allerlei buitenaardse interventies en uit de hand gelopen bio-experimenten van aliëns, zoals te lezen is in allerlei fantasierijke lectuur.

Buitenaards leven?
We kunnen al die verhalen in de media over (mogelijk) leven op andere planeten met een hele grote korrel zout nemen. Al deze theorieën en gedachtenspinsels kunnen we daarom vanuit de Schrift afwijzen. Maar daarmee is het fenomeen nog niet verklaard. Want ufo’s, zoals de naam al zegt, zijn ongeïdentificeerde vliegende objecten. Velen hebben ze  gezien, maar nog niet is verklaard waar deze objecten en aliëns’ vandaan komen. Alle theorieën hieromtrent zijn buitengewoon speculatief, hoogst ongeloofwaardig en volstrekt onwetenschappelijk en kunnen dus nooit bewezen worden. De exobiologie of de astrobiologie die zich met deze vragen bezighoudt, is dan ook geen wetenschap, maar pure sciencefiction. Als je in het bestaan van buitenaardse beschavingen gelooft, kun je niet in de schepping geloven. Je moet dan wel in de evolutie geloven. Grote vraag is dus nog steeds, wat is de herkomst van deze verschijnselen? Eigenlijk is er maar één mogelijkheid voor handen. Maar dat is een verklaring die door de grotendeels (atheïstische) wetenschap wordt afgewezen. Bij de beoordeling van dit fenomeen zijn juist levensbeschouwing en wetenschappelijke vooronderstellingen van doorslaggevend belang.

Als we verklaringen als buitenaardse beschavingen e.d. kunnen uitsluiten, komen we op het paranormale vlak terecht. En daar zijn vele aanwijzingen voor. Als je kijkt naar de verschijningsvormen en de manieren van communicatie van deze buitenaardsen, komt dit meer overeen met occulte verschijnselen.

Het verschijnen uit het niets, dematerialisatie, telepathische communicatie, aliëns die zich zonder problemen door muren, deuren en ramen kunnen bewegen. Dit wijst erop dat we hier niet te maken hebben met humanoïden, maar met geestwezens, demonische verschijningen, die ook een fysieke gestalte kunnen aannemen. En dit beweren overigens ook sommige niet-christelijke wetenschappers, alleen noemen ze deze geen demonen, maar paranormale entiteiten uit andere dimensies.

Demonenwereld
Er zitten trouwens nogal wat sinistere aspecten aan dit aliëns-gedoe. Want als deze wezens van andere planeten zouden komen, zouden ze grote problemen moeten hebben met onze zwaartekracht op aarde, met het ademen van onze zuurstof, met hun immuunsystemen. Ze zouden zeer vatbaar moeten zijn voor bacteriologische infecties, gevoelig moeten zijn voor de zonnestraling en moeite moeten hebben met onze atmosferische densiteit (= dichtheid). Dat blijkt uit niets. Ze ademen gewoon onze lucht in en vertonen soms ‘emoties’. Deze wezens zien er redelijk ‘menselijk’ uit.  En overal waar ze optreden, blijken ze de taal van de mensen ter plekke te begrijpen. Alhoewel veel communicatie via telepathie verloopt. Hoe hebben deze humanoïden dan de talen die hier op aarde gesproken worden, geleerd?

Deze demonen zijn in staat fysiek te kunnen verschijnen aan mensen en kunnen objecten creëren. Ze hebben hun oorspronkelijke krachten om mensen wonderbaarlijke verschijnselen te kunnen laten zien, niet verloren. Openbaring 12:9 zegt dat de demonen op de aarde geworpen zijn. Ze zijn niet meer in de hemel en ook niet op andere planeten of sterren.

Gevaarlijk terrein
We komen hier op zeer gevaarlijk terrein. Hoe meer je je erin verdiept des te bizarder het wordt.
In Efeziërs 6:12 worden we er ernstig tegen gewaarschuwd. Wij moeten de wapenrusting Gods opnemen ‘want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten‘. Je kunt hier lacherig over doen, maar de mensen die direct met ufo’s en aliëns zijn geconfronteerd, houden hier voor de rest van hun leven de psychische littekens aan over.
De enorme aandacht en interesse voor het occulte en het paranormale in het algemeen en ufo’s in het bijzonder is een kenmerk van de eindtijd. Het maakt deel uit van de grote misleiding en de voorbereiding voor de antichrist zoals die beschreven staat in de Bijbel. De vele films over deze thematiek zijn daar, misschien een klein, maar wel een belangrijk onderdeel van. Satan doet zich voor als een engel van het licht.

Een Amerikaanse ufo-onderzoeker en ex-medewerker van de NASA zei in 1989: “Door de geleidelijke, maar doelgerichte verspreiding van ufo-informatie en de productie van sciencefiction- films en boeken worden wij heel langzaam op het contact met een buitenaardse intelligentie voorbereid.” De misleidende heilsboodschappen van deze ruimtewezens, deze aliëns, space-brothers, ancient- astronauts of hoe ze in allerlei boeken ook worden genoemd, zijn een en al leugen, omdat hun bron, de satan, de vader der leugen is. In hun boodschappen is de Bijbelse waarheid onwaar en achterhaald.

Matteüs 24:24:  “Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en wonderen doen, zó dat zij – als het mogelijk zou zijn – ook de uitverkorenen zouden misleiden.

Je bezig houden met ufo’s en aanverwante zaken, leidt je uiteindelijk van God en Zijn Woord af. Onderzoek naar dit fenomeen geeft je niet het definitieve antwoord. Deze aliëns/demonen houden zich altijd op de vlakte en doen buitengewoon vaag en raadselachtig over hun herkomst. Zij beliegen de mensen ook.
Jesse Penn Lewis, evangeliste uit het begin van de vorige eeuw, schreef in haar boek Oorlog tegen de Heiligen dat demonen er een enorme hekel aan hebben als er minutieus onderzoek naar hen gedaan wordt. Wij hoeven en mogen ons niet met de demonenwereld bezighouden. Laten we ons beter met het Woord bezighouden.  “Hij (Christus) heeft de overheden en de machten ontwapend, die openlijk te schande gemaakt en daardoor over hen getriomfeerd” (Kolossenzen 2: 15).

 

 

Drs. R.J.Bleeker

 

De auteur studeerde Oost-Europese talen en politicologie.

 

 

Spelen we een rol?
Als kinderen spelen, heb je er geen kind aan. Ze hebben er zelf veel aan. Ze spelen de grote mensenwereld na en we zien soms hoe we zelf functioneren in hun spel. Ze beelden het een en ander uit en laten zien hoe mensen met dingen en met mensen omgaan. Soms confronterend, meer dan eens onderwijzend, nog het meest heel plezierig. Jezus nam het kinderspel in Zijn onderwijs op door te vertellen dat kinderen een bruiloft en een begrafenis spelen, levensecht.
Kinderen bereiden zich spelend voor op hun toekomstige taken. Je kunt daarvan niet eens zeggen: het is maar kinderspel. Deze kinderen spelen geen rol, maar oefenen zich in hun spel al voor later.

Toneelspel
Op meer dan één moment hebben we met toneelspel te maken. Het zijn de aardige ogenblikken op een bruiloft, wanneer het bruidspaar op een goede wijze in het zonnetje wordt gezet en spelenderwijs wordt aangetoond wie bruid en bruidegom zijn. Uiteraard moet je dan in dit spel een ander niet beschadigen. Dan gaat het aardige er echt af. Christelijk feestvieren is ook een kunst!
Bij het toneelspel kruip je in de huid van de ander. Sommigen kunnen de rol van een ander op een voortreffelijke wijze spelen. We kunnen van een goed spel genieten en er veel van leren.
Toch zijn er duidelijk grenzen aan te wijzen. Vandaar dat in het verleden nogal eens bezwaar werd aangetekend tegen toneelspel. Farel vond dat er karakterbederf optrad door de dienst van schijn, Cop vond het zinnen prikkelend en de zedigheid rovend en Calvijn had bezwaren vanwege de kledingverwisseling van man en vrouw. Toneelbestrijding treffen we aan in boeken van Nolthenius Van de Schouspelen en Voetius Disputatio de Comoediis. Later wijst Kuyper op de schade voor het leven van een christen. Hij acht toneelspel voor een christen ongeoorloofd. Als voornaamste bezwaar gold dat je in wezen die ander moet worden bij een goed toneelspel en niet meer jezelf kunt zijn. Het belangrijkste wat men aanvoerde tegen toneelspel is, dat je het heilige niet uit kunt spelen en de zonde niet mag uitbeelden.

Rollenspel
Sinds Moreno heeft het rollenspel zijn intrede gedaan. Wil je op een goede wijze gevormd worden voor het werk dat je gaat verrichten, is training hard nodig. Je moet je van tevoren niet alleen verplaatsen in de rol van een ander, maar deze rol spelen en je zo oefenen in het de ander metterdaad kunnen zijn. Voortdurend spreekt men over ‘rol’, zonder dat daarmee nu wel zo duidelijk wordt, wat je daaronder moet verstaan. Laat ik het met een citaat van Goffmann aangeven:
‘In de sociologie zijn weinig begrippen gebruikelijker dan “rol”, zijn er weinig waaraan meer belang wordt toegekend en weinig die zo onscherp worden als men ze nader bekijkt.’
De ene rol is de andere niet, maar in wezen moet je wel de ander worden, wil je goed toegerust zijn voor je taak. Het probleem is namelijk, zo meent men, dat je niet echt bent. Je bent al zo misvormd door de maatschappij waarin je geboren bent, dat het nodig is eerst tot jezelf te komen. En dat kan slechts door de ander. Door je medemens word je pas mens. Want jij was er in de wieg toe geprest om te lachen en je werd gedwongen om niet te huilen. Nu moet je eerst jezelf gaan vinden via zelfontdekking, om vervolgens te komen tot zelfontplooiing. Het rollenspel van en in de groep zorgt voor de nodige zelfverwerkelijking.
In de groep zal men je opvoeden tot het jezelf worden. Je moet je vrij spelen! Want zo bevrijdend is het rollenspel, beweert men.
Als een groep bijeen is, welke groep dan ook en zeker niet een te grote groep, moet je getraind worden in openheid. Je moet een spel spelen en in dit spel moet je ertoe gebracht worden je binnenste te laten zien. Vervolgens zal de groep aangeven wat jouw zwakke en wat jouw sterke punten zijn. En zo leer je met jezelf om te gaan en met de ander. Wanneer de hele groep jou prijst, vanwege jouw kwaliteiten is het gevaar niet denkbeeldig dat je hoogmoed wordt gevoed. Anderzijds, wanneer iedereen in de groep van mening is en dat ook zegt dat je het helemaal niet goed doet, is er het gevaar mismoedig of moedeloos te worden. Zo kreeg een groep tenslotte, met heel veel aandrang, ‘het geheim’ van iemand eruit, maar even later pleegde deze man zelfmoord. Een meisje werd ertoe gedwongen om negatieve dingen te zeggen over haar opvoeding. Toen ze ’s avonds het een en ander aan de Heere beleed in haar gebed, was het haar vaste voornemen bij haar thuiskomst dit ook aan haar ouders te vertellen en vergeving te vragen. Haar vader was zo ernstig ziek, toen ze thuis kwam dat ze dit niet meer met hem kon bespreken en er nu een probleem bij heeft gekregen. Vooral zwakken hebben nogal eens te lijden onder de ‘openheid’ die de groep bewerkt.
Vooral wanneer je de stervende of de gelovige moet spelen bij een oefening in het rollenspel, sta je voor onmogelijkheden. In de eerste plaats, omdat je je niet werkelijk kunt inleven wat sterven is en dat je met name de stervende nooit kunt spelen. Nog het meest is het onmogelijk om de zonde van de opstand te spelen en niet minder om het leven uit genade te spelen. Om het kort en goed te zeggen: wie met de zonde speelt, wordt een speelbal van de zonde en wie met de genade speelt, verspeelt de genade!
Zo zijn er ernstige bedenkingen tegen het zogenaamde rollenspel, zoals ik breder heb aangetoond in mijn boekje Welke rol speelt rollenspel?
De vraag is of rollenspel in wezen zo veel anders is dan toneelspel.
De volgende onderscheidingen zijn aan te brengen:

  1. Rollenspel is een groepsgebeuren, toneelspel niet; men kijkt er naar.
  2. Rollenspel is improviseren, toneelspel is instuderen.
  3. Rollenspel is identiteitsverlies, toneelspel is imitatie (men speelt ‘slechts’ een voorgeschreven rol).
  4. Rollenspel is confrontatiemethode, toneelspel is ten dele vrij.
  5. Rollenspel is therapie, toneelspel blijft spel.
  6. Bij rollenspel zijn de ‘toeschouwers’ spelers, bij toneelspel zijn de toeschouwers slechts kijkers, ook al steken zij er wat van op.
  7. Bij toneelspel moet je de ander inleven, bij rollenspel in de ander leven om zo jezelf te worden en te zijn. De ander is je alter-ego. Vandaar dat men spreekt van rol en tegenrol en van rolverwisseling.

Simulatiespel
Om je op je taak in de maatschappij voor te bereiden wordt meer dan eens een echte situatie gesimuleerd. Een piloot krijgt dan op de grond een hele training. Stijgen en landen vooral worden zó in de cockpit ‘beleefd’ dat je geen idee hebt dat je niet de lucht ingaat en op de landingsbaan terecht komt. Bij de politie en de brandweer worden regelmatig oefeningen gehouden om de werkelijkheid van een calamiteit zo dicht mogelijk te benaderen. Zo gaan stagiaires mee op pad om te leren, hoe je met mensen behoort om te gaan.
Dit simulatiespel is iets geheel anders dan het bovengenoemde rollenspel. Het rollenspel is meer aan karakters gebonden, het simulatiespel aan regels en structuren, zo heeft iemand het onderscheiden. Het rollenspel richt zich meer op personen, het simulatiespel is doorgaans probleemgericht.

Rol of roeping
Al te veel wordt gesproken over een rol die we hebben te vervullen. Zo zou ik telkens een andere rol spelen, dan die van vader, dan die van catecheet, dan die van pastor, dan die van voorzitter, etc. Op alle terreinen van het leven heeft God me een taak gegeven. God roept me ertoe op om mijn werk zo trouw te doen als de engelen in de hemel. Ik ben vooral mijn doen en laten in de eerste plaats verantwoording schuldig aan God, Die mij geschapen heeft en mij een plaats toebedeeld heeft. In heel mijn manier van leven gaat het erom God lief te hebben én de naaste. Ik hoef de naaste niet lief te vinden en ook is het niet mijn opdracht lief te doen, al moet mijn vriendelijkheid (en inschikkelijkheid) alle mensen bekend zijn, zegt God in Zijn Woord. Ik word ertoe geroepen om de naaste metterdaad lief te hebben, zoals dit onder andere wordt aangegeven in 1 Korinthiërs 13. Jezus leert ons in de Bergrede: Wat u wilt dat u de mensen doen, doe hen evenzo!
Dat is een hele les, levenslang. In wezen is deze liefde vrucht van de Heilige Geest, zoals Paulus daarover schrijft in Galaten 5. Hoe meer ik verbonden ben aan God en hoe meer de Heilige Geest in mij werkt, word ik gevormd om mijn taak te verrichten. De meest wezenlijke vorming ontvangen we van boven. Dat wil niet zeggen dat mensen geen vormende invloed op mij hebben. Zeg mij wie uw vrienden zijn en ik zal zeggen wie u bent! Thuis, in de veilige omgeving van het gezin, leren we het meest. Daar kunnen we elkaar corrigeren en stimuleren, zonder elkaar te ‘raken’, al moet je ook thuis weten wat je (in liefde) tegen elkaar zegt. Een man die God vreest, kan heel veel leren van zijn godvrezende vrouw, die als een tegenover fungeert heel dichtbij, dag en nacht. Samen bidden en samen leren, vooral door het lezen van het Woord van God, vormt ons om onze roeping te vervullen. In sommige Bijbelboeken treffen we veel wijze woorden aan. Met name is te denken aan de boeken Spreuken en Prediker. Salomo was de wijste man. Jezus zegt: meer dan Salomo ben Ik. Met andere woorden: van Hem Die dé wijsheid is, kunnen we nog het meest leren. Hij leert ons wie God is en wie Hijzelf is. Hij leert ons echter niet minder wie wij zijn en ook hoe we met onze naaste hebben om te gaan. De oude mens in een kind van God moet dagelijks afsterven en de nieuwe mens moet dag in dag uit opstaan in een nieuwe levenswandel. Dat is een levenslang proces.
Maar zo ontvang je hemels onderwijs, vooral als je dagelijks bidt: Leer mij Uw weg.
Want mensen kunnen je geweldig in je werk vinden, terwijl God je werk afkeurt.
Daartegenover kunnen mensen jou en je werk afwijzen, terwijl God je werk goedkeurt.
Uiteindelijk, hoe belangrijk het oordeel van mensen is, hebben we uiteindelijk te maken met het oordeel van God.
Jezus zegt: wie Mij volgt zal in de duisternis niet wandelen, maar het licht des levens hebben.
Zo hebben we een ‘voorbeeldfunctie’ in onze eigen omgeving.

Ds. J. van Amstel

 

Een bijzondere, geheimzinnige denkrichting

De aanleiding
Wat geheimzinnig is, vind ik interessant en aangezien de vrijmetselarij onlosmakelijk verbonden is met geheimen, was mijn interesse in dit mysterieuze genootschap al snel gewekt. Toen ik een scriptie moest schrijven om af te kunnen studeren, was het dan ook geen verrassing dat ik voor een onderwerp koos dat gerelateerd is aan de vrijmetselarij. Mijn onderzoeksvraag was: In hoeverre heeft de vrijmetselarij bijgedragen aan het verspreiden van de idealen van de verlichting ten tijde van de Amerikaanse revolutie? Op basis van de gelijkenissen tussen de idealen van de vrijmetselaars en de verlichtingsdenkers wilde ik weten of loges[i] als platform werden gebruikt voor het verspreiden van de verlichtingsidealen. Gedurende het onderzoek  werd ik me ervan bewust hoe invloedrijk de vrijmetselarij was en hoeveel  kopstukken van de Amerikaanse revolutie hierbij waren aangesloten. Dat de vrijmetselarij een machtige organisatie was, werd voor mij tijdens het schrijven van mijn scriptie bevestigd evenals het feit dat de broederschap bol staat van geheimen. Toen ik hoorde dat christenen zich aansloten bij de vrijmetselarij, was ik erg verbaasd. Wat heeft een christen binnen een dergelijke organisatie te zoeken? De manier waarop vrijmetselaars God zien, wijkt af van wat er in de Bijbel staat. Naar mijn mening wordt de gedachtegang en macht van de vrijmetselarij onderschat en moeten mensen eerst weten waar ze aan beginnen alvorens ze zich aansluiten bij deze organisatie.

Controversieel genootschap
De vrijmetselarij heeft veel voor- en tegenstanders.  Het genootschap wordt door velen als een moreel systeem gezien dat gehuld is in allegorie en dat geïllustreerd wordt door symbolen. Op de één of andere manier houdt de vrijmetselarij mensen erg in hun greep en zijn ze geïntrigeerd in dit geheime genootschap. Dit is een gevolg van alle geheimen waarin de organisatie is gehuld. Er zijn velegeheimen die louter worden gedeeld met de leden. Het is lastig om zin en onzin van elkaar te scheiden omtrent alle theorieën over de vrijmetselarij die gedurende de jaren bekend zijn geworden. Enkele voorbeelden zijn: theorieën over een nauwe samenwerking tussen de vrijmetselarij en de Illuminatie, maçonnieke symbolen die verstopt zitten in de architectuur van Washington en de duivelsaanbidding. Het is niet alles zuiver wat over deze organisatie geschreven wordt en het is moeilijk om erachter te komen wat hiervan klopt vanwege alle geheimen binnen de organisatie. Deze denkrichting lijkt zo ver van ons af te staan, maar is dit ook zo? Het zou namelijk goed kunnen dat uw buurman of broeder in de gemeente ook lid is van de vrijmetselarij.

Geschiedenis van de vrijmetselarij
1Over het ontstaan van de vrijmetselarij zijn gedurende de eeuwen verschillende theorieën ontstaan. Voor het allegorische verhaal over het ontstaan van de vrijmetselarij moeten we terug naar de dagen van koning Salomo. Hiram Abiff was de meester-architect van koning Salomo en hij was verantwoordelijk voor de bouw van de tempel. Hij was een zeer begaafd man die alle kennis en vakmanschap bezat om elk werk in koper te verrichten. Drie van zijn werkers smeedden samen een plan om van de geheime wijsheid die hij bezat meester te worden en besloten hem aan te vallen. Hij werd door de drie mannen opgewacht en één voor één vielen ze hem aan. Uiteindelijk stierf hij aan zijn verwondingen. Dit allegorische verhaal wordt niet gezien als het officiële begin van de vrijmetselarij, omdat er geen bewijs van is.

In de 18e eeuw zijn de eerste activiteiten van de vrijmetselarij waar te nemen. Vier loges in London vormden samen de eerste Grand Loge of England in 1717. Kort daarna –  in 1725 -werden  loges gebouwd in Frankrijk en een paar jaar later in andere delen van Europa. In 1725 en 1736 kwamen ook loges in Ierland en Schotland. Het is niet bekend wanneer de vrijmetselarij in Amerika begon. De eerste bewijzen van activiteiten van de vrijmetselarij dateren uit 1730. De kans is groot dat vrijmetselaars als eerder actief waren, maar daar zijn geen documenten van gevonden. Vanaf 1730 zijn verscheidene activiteiten van de vrijmetselarij vastgelegd in verschillende delen van het land. De leden ontmoetten elkaar in de keukens van privéhuizen, gehuurde ruimtes of in een herberg. Geleidelijk aan verschenen er steeds meer vrijmetselarij-tempels.

Filosofie
Over de filosofie van de vrijmetselarij kun je vele pagina’s vullen. Hier volgen enkele belangrijke elementen uit hun denken. De drie grootgrondbeginselen zijn: liefde, hulp en waarheid. Deze waarden staan hoog in het vaandel en alle mannen zijn gelijk binnen de vrijmetselarij. De Bijbel is net als in het christendom erg belangrijk en ze wordt bij alle rituelen gebruikt. Het is voor een ieder verplicht om te geloven in een God. Het maakt niet uit of dat Boeddha, Allah of Yahweh is. Vrijmetselaars refereren naar alle goden als de opperbouwmeester van het heelal. Zij zien zichzelf als ruwe bouwstenen die moeten worden gepolijst om zo een onderdeel te kunnen worden van de tempel van de Grote Architect van het universum. De filosofie is gebaseerd op het streven naar zelfverbetering. Jezelf ontwikkelen en met name verbeteren kan worden gezien als de kern van de maçonnieke filosofie.

Symboliek
De symbolen die hier beschreven worden, worden met regelmaat binnen de organisatie gebruikt. Een bekend symbool is de zwarte en witte vloer, deze staat voor goed en kwaad. De twee pilaren, genaamd Jachin en Boaz, behoorden tot de tempel van Salomo. Beide pilaren hebben een bol: de ene bol staat voor de hemel en de andere voor de wereld. Daarnaast zijn het kompas en de winkelhaak bekend. Beide symboliseren 2de juiste manier van leven. De zon en de maan staan voor dualiteit en het alziend oog staat voor God.Vrijmetselaars hebben al eeuwenlang symbolen gebruikt om met elkaar te communiceren. Ze herkennen elkaar d.m.v. woorden, signalen en fysieke handelingen. De middeleeuwse bouwcoöperaties zijn de bron van de tradities en symbolen van de vrijmetselarij. In die eeuwen kregen kathedralenbouwers geheime symbolen van hun architect, nadat ze goed werk hadden geleverd. Het symbool dat die bouwers kregen, gebruikten ze om aan te kunnen tonen dat ze bekwame bouwlieden waren. Dezelfde symbolen worden binnen de vrijmetselarij gebruikt om vertrouwelijke informatie door te geven. Voor buitenstaanders is het onmogelijk om te begrijpen wat de verborgen boodschap is, omdat dit alleen bij de leden bekend is. Veel van deze symbolen vinden hun oorsprong in de klassieke architectuur. Het is voor vrijmetselaars ten strengste verboden om de geheimen prijs te geven.

Groeien binnen de vrijmetselarij   
Binnen de vrijmetselarij zijn er drie graden van inwijding: leerling, gezel en meester. Iedere kandidaat begint bij de eerste graad en elke graad representeert een stap. Bij iedere stap wordt meer kennis verworven. Er wordt eerst gestemd door de meesters van de betreffende loge alvorens er een verhoging van graad plaatsvindt. De eerste graad wordt gezien als de eerste stap. Na de initiatie wordt de kandidaat benoemd tot leerling. Tijdens deze inwijding wordt er een dolk tegen de borst van de kandidaat gehouden. Indien hij geheimen die de vrijmetselarij toebehoren naar buiten brengt, wordt hij doorboord. Andere dreigementen zoals het doorsnijden van de keel en het verminken van de tong worden daaraan toegevoegd. Tijdens de initiatie van de tweede graad belooft de kandidaat opnieuw zich te zullen houden aan het houden van alle beloften en de consequenties te aanvaarden mocht hij zich verspreken. In deze fase wordt de kandidaat bevorderd tot gezel. In de laatste initiatie staat de dood van Hiram Abiff centraal. De ingewijde speelt Hiram Abiff na die wordt aangevallen door zijn drie belagers . De gespeelde moord op de ingewijde staat symbool voor het sterven aan jezelf. Opnieuw zweert de ingewijde nooit de geheimen te zullen prijsgeven. Als dit is afgerond, is de kandidaat verheven tot meester.

Invloedrijke vrijmetselaars 
Door de eeuwen hebben veel invloedrijke personen deel uitgemaakt van de vrijmetselarij. Benajmin Franklin, George Washington, John Hancock en Alexander Hamilton zijn vier van de zeven Founding Fathers (grondleggers) van Amerika. Deze vier mannen waren allen 3aangesloten bij het geheime genootschap. Gedurende de Amerikaanse revolutie groeide het ledenaantal. Veel prominente figuren uit de Amerikaanse onafhankelijkheidsoorlog waren aangesloten bij de geheime denkrichting. Ze vochten voor de idealen van de verlichting in het Congres en in het leger. Benjamin Franklin was actief in het Congres en was lid van het Comité van Vijf dat verantwoordelijk was voor de inhoud van de onafhankelijkheidsverklaring. Binnen het leger bekleedden vrijmetselaars eveneens een belangrijke positie. George Washington was zelfs generaal van het leger. Na de overwinning op de Britten werd hij in 1789 gekozen als eerste president van Amerika. Hij maakte geen geheim van zijn lidmaatschap bij de vrijmetselarij en trad enkele keren in maçonnieke kleding in de openbaarheid.

De vrijmetselarij is sinds de onafhankelijkheidsoorlog haar macht binnen Amerika nooit meer kwijtgeraakt. Veel Amerikaanse presidenten waren vrijmetselaar en tot op heden heeft de organisatie veel macht in de politiek. Dit is echter niet alleen in Amerika het geval. Markies de La Fayette en Voltaire die beiden een rol hebben gespeeld in zowel de Amerikaanse als de Franse revolutie, waren vrijmetselaars. Markies de La Fayette was tijdens de Franse onafhankelijkheidsoorlog actief in het revolutionaire leger. Voltaire was een Franse filosoof die met zijn werk de basis had gelegd voor de Franse revolutie van 1789. De Franse revolutie heeft geresulteerd in meer macht en leden voor de vrijmetselarij in Frankrijk. Daarnaast heeft het geheime genootschap veel invloed in Groot Brittannië en andere Europese landen.

Christenen en vrijmetselarij[ii]
De beweging klinkt misschien als iets wat ver van ons af staat, maar niets is minder waar. In Nederland zijn veel personen bij de organisatie aangesloten. Onder hen zijn ook christenen. Er is dus een reële kans dat één van uw broeders in uw gemeente of kerk een vrijmetselaar is. Het feit dat de Bijbel een belangrijk onderdeel van de vrijmetselarij is, resulteert in herkenning bij christenen die voor het eerst in aanraking komen met de geheime denkrichting. Christelijke principes vormen immers de rode draad binnen de vrijmetselarij. Kunnen we op basis hiervan concluderen dat je je als christen aan kunt sluiten bij dit genootschap? De Bijbel leert ons dat wij een jaloers God hebben en Hij geen andere goden naast zich duldt. Binnen de vrijmetselarij is er geen verschil tussen God en Allah. Men gelooft in een opperbouwmeester van het heelal en of dat God of Boeddha is, is voor een ieder zelf om te bepalen. Zou God het tolereren dat Hij binnen de vrijmetselarij niet wordt erkend als de enige echte God, maar op hetzelfde voetstuk staat als andere goden? Het feit dat je aan God moet refereren als de opperbouwmeester van het heelal is vreemd. God is immers God. Het moge duidelijk zijn dat er binnen de vrijmetselarij geen plaats is voor de Naam van de Here Jezus. Op basis hiervan kun je stellen dat dit niet de juiste plek is voor een christen. Daarnaast rijst de vraag waarom er zoveel geheimen zijn binnen deze beweging die enkel bekend zijn onder hen die zich hebben aangesloten. Waarom zoveel mysterie? Het is voor een ieder die overweegt om zich bij de broederschap aan te sluiten belangrijk om te toetsen waar de vrijmetselarij voor staat en wat de Bijbel over de achtergronden zegt. Wees kritisch en bid boven alles voor wijsheid.

 J.Timmerman

[i] Een loge is een fysieke ruimte waar vrijmetselaars samenkomen. Voor vrijmetselaars is een loge vooral een vereniging van ‘spirituele bouwvakkers’. Een ieder kan zich aanmelden bij een loge om lid te worden van de vrijmetselarij.

[ii] In het occult zakwoordenboek (zie webshop B&O) staat als Bijbelse duiding bij het onderwerp: Zij zeggen te bouwen aan een nieuwe goede wereld en houden vast dat er geen absolute goddelijke waarheid is. Iedere ingewijde kan daarom putten uit eigen “verheven” en “hogere” waarheden. Joh 14:6 stelt duidelijk: Ik ben de weg, de waarheid en het leven.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

O, wat ben je mooi…

Het zelfbeeld verbeteren… Bevrijding of valstrik?


zelfbeeld illustratie
• “Zowel in tijden van voorspoed als van tegenspoed hebben mensen vaak twijfels over zichzelf. Ze zijn bang niet aan de eisen te voldoen, niet geaccepteerd te worden of ze hebben verborgen schaamtegevoelens. Zowel in religieuze kringen als in de seculiere wereld worstelen mensen met problemen over zichzelf en hun identiteit.”

• “De meesten van onze opvoedkundige experts, psychologen en counselors, zowel seculiere als christelijke, vertellen ons dat de vitale sleutel voor al deze gebieden in het leven de allerbelangrijkste eigenschap EIGENWAARDE is!”

• “Hoe het ook onder woorden gebracht wordt, de gezamenlijke vijand, die bevochten moet worden, is “lage eigenwaarde” en de nadruk ligt altijd op het eigen ik.”

(citaten uit: “Zelfbeeld verbeteren… bevrijding of valstrik?” Anita Simpson; Uitg. Werkgroep “Terug naar de Bijbel”, 2007)

Kort gezegd: De moderne psychologie leidt tot ik-gerichtheid: zelfontplooiing en zelfverwezenlijking en zelfhandhaving: voedsel voor het eigen IK. Zijn we nog bereid om te zeggen: “Niet meer mijn IK maar Christus leeft in mij?” Hoe weten we wat goed is en wat niet? Ook in de christelijke gemeente is de invloed van de psychologie doorgedrongen. Veel ideeën hebben een vroom jasje. Bijvoorbeeld: “Je moet eerst jezelf liefhebben, want anders kun je je naaste niet liefhebben als jezelf”.  “Je bent waardevol voor God, want Hij gaf Zijn Zoon voor jou.” Dat klinkt goed, maar het volgende citaat toont aan waar de schoen wringt: “Jezus Christus stierf niet aan het kruis, omdat je waardevol bent, maar omdat je zondig bent (1 Joh 4:10). … De Vader toonde Zijn liefde door Zijn geliefde Zoon op te offeren voor zondige mensen, zodat zij konden leven…..

In de navolging van Christus is er geen plaats voor zelfontplooiing, zelfverwezenlijking, zelfhandhaving en autonomie. De Here Jezus zegt: “Want een ieder, die zijn leven zal willen behouden, zal het verliezen; maar een ieder, die zijn leven verloren heeft om Mijnentwil, die zal het vinden” (Matth 16:25).

Over dit onderwerp is nog heel veel te zeggen, bijvoorbeeld waar het ontwikkelde gevoel van eigenwaarde in de praktijk toe leidt (aan de hand van onderzoek). Maar ook, hoe kunnen we aan de hand van de Bijbel hulpverlening gestalte geven? Maar ik wil het hierbij laten en verwijzen naar de volgende informatiebronnen:

  • www.backtothebible.nl/Ned31.doc, (1e citaat)
  • Magazine B&O, december 2011, artikel: “De verheerlijking van het individu in de gemeente/kerk”, Siegfried Woudstra. (2e citaat)
  • Lezenswaardig beknopt boekje: “Feiten over Psychologie, zelfverwerkelijking en zelfhulp”, John Ankerberg & John Weldon. Uitgave: Middernachtsroep; 4,– euro.
  • Voor degenen die Engels lezen veel informatie op
  • www.thebereancall.org, bijv. “Psychology and the church”.

 

Nonky Blok-Schutze

 

 

 

 

 

 

door Dr. Nabeel T. Jabbour, uitg. Novapres, ISBN 978-90-76596-05-1, 256 pagina’s, € 17,90.

 

Postmoderne visie

In dit boek wil de schrijver een handleiding geven hoe we als westerse christenen gevoeliger kunnen zijn en meer begrip tonen voor moslims en hun islamitische cultuur. Aan de hand van de fictieve persoon Ahmed, wiens opvattingen een samenvoeging zijn van die van vele echte personen, wordt over een aantal zaken weergegeven hoe de moslims zouden denken over het christendom en de christenen.

Cover Anders leren kijkenJabbour beschrijft zijn aanpak als postmodern. Als postmoderne mens kunnen wij niet meer alleen op het rationalisme leunen en de feiten weergeven, maar nemen het hart en de emoties het over. Jabbour suggereert om diepgaande relaties aan te gaan met moslims en vooral ook goed te luisteren naar hun opvattingen over het christendom. De fictieve Ahmed geeft zijn opvattingen over de boodschap van het christendom en de boodschapper. Helaas is er in deze postmoderne aanpak niet de mogelijkheid om naast het luisteren, uitleg te geven of zelfs de opvattingen te weerleggen.

De christelijke vocabulaire wordt door Ahmed als verwarrend gezien. Om de moslim tegemoet te komen zouden we dus de Arabische vocabulaire moeten gebruiken in onze evangelisatie. Dit geldt dan dus ook voor de namen van Jezus en God. Hier gaat Jabbour helemaal voorbij aan de theologische implicaties hiervan en of Jezus en Isa of God en Allah wel gelijk gesteld kunnen worden aan elkaar.

 

Aanpak auteur

Jabbour wil het christendom losmaken van de westerse cultuur die bij moslims zoveel weerstand oproept. Hij schrijft, dat hij gelooft dat moslims niet beledigd zijn vanwege Christus, maar vooral vanwege onze verpakking. Ook argumenteert hij dat het belangrijk is om een moslim te laten weten dat als hij tot geloof komt in Christus, hij zijn islamitische cultuur niet achter zou hoeven te laten. Of dit überhaupt mogelijk is vanwege de verstoting door de familie of anders vanwege de grote verbondenheid van de islam met die cultuur, daar gaat Jabbour helaas niet op in. In een voorbeeld geeft hij aan dat door voldoende respect te tonen voor de andere cultuur er uiteindelijk zelfs wel acceptatie zou kunnen zijn voor de bekering van een familielid. Hier heb ik grote twijfels over, want de teksten in de Koran over deze “zonde” zijn toch niet veranderd?

 

Waar gaat het om?

De postmoderne aanpak in dit boek laat ons vooral veel respect hebben voor de opvattingen van  anderen. We moeten de moslims leren liefhebben. Toch dwingt de liefde van Christus  om de ander de waarheid te verkondigen. Dat is pas echte liefde. Daarom is het jammer dat dit boek ons de mogelijkheid ontneemt om werkelijk over de theologische inhoud te kunnen discussiëren.