Een vergelijking tussen wat de Bijbel en de Koran zeggen over een viertal actuele onderwerpen. Opgesteld door een Turkse leraar, zoon van een imam, die 30 jaar geleden christen werd.
Introductie
BIJBEL “Zoals geschreven staat: Er is niet één mens die Gods wil doet, niet één, er is niemand die verstandig is, niemand die zich tot God wendt. Iedereen gaat zijn eigen gang, ze zijn allemaal even slecht. Er is niet één mens die iets goeds doet, niet één. Hun keel is een open graf. Hun tong spreekt leugentaal, slangengif ligt op hun lippen. Hun mond is vol van vloek en venijn. Ze zijn snel ter been als er bloed moet vloeien. Waar zij komen, brengen ze verwoesting en afbraak. Ze weten de weg niet die naar vrede leidt. Ontzag voor God kennen ze niet. (Rom. 3:10-18)”
Houding tegenover Joden en Christenen
KORAN “Er zijn onder de Joden, die woorden uit hun verband rukken. En zij zeggen: ” Wij horen en gehoorzamen niet” en “luistert gij, zonder te horen” en “Raainaa”, terwijl zij woorden verdraaien en het geloof zoeken te schenden. En indien zij gezegd hadden: “Wij horen en wij gehoorzamen” en “hoort toe” en ,,Kijk ons aan” zou dit beter en oprechter voor hen zijn geweest. Maar Allah heeft hen wegens hun ongeloof vervloekt, zij geloven dus slechts weinig.” (Soera 4:46)
“O, mensen van het Boek (Christenen), gelooft in hetgeen Wij hebben nedergezonden, vervullende hetgeen bij u is voordat Wij uw leiders vernietigen en neerwerpen of hen vervloeken, zoals Wij het volk van de Sabbath vervloekten. Allah’s gebod zal volbracht worden.” (Soera 4:47)
BIJBEL “Pas op voor de valse profeten. Ze komen in schaapskleren naar u toe, maar in werkelijkheid zijn het roofzuchtige wolven. U kunt hen herkennen aan hun vruchten. Men plukt geen druiven van doornstruiken en geen vijgen van distels. Een goede boom kan geen slechte vruchten voortbrengen en een slechte boom geen goede. Zo kunt u hen herkennen aan hun vruchten.” (Matt. 7:15-18,20)
‘Heilige’ strijd tegen de vijanden
KORAN “Wanneer gij de ongelovigen (in oorlog) ontmoet, treft dan hun nek en wanneer gij overwinnaar zijt, bindt hen dan vast. En wanneer de oorlog opgehouden is, laat hen dan vrij uit gunst of voor een losprijs. Zo zij het. En indien Allah wilde, had Hij hen Zelf kunnen bestraffen. Doch Hij wilde sommigen uwer door anderen op de proef stellen. En degenen die terwille van Allah worden gedood, hun werken zal Hij zeker niet vruchteloos maken.” (Soera 47:4) “O profeet, spoor de gelovigen aan om te vechten. Als er twintig onder u zijn die stand houden, zullen zij tweehonderd overwinnen en als er honderd uwer zijn zullen zij duizend der ongelovigen verslaan, omdat zij een volk zijn dat niet wil begrijpen.” (Soera 8:65)
BIJBEL “Heb uw vijanden lief en bid voor wie u vervolgen. Dan zult gij kinderen zijn van uw Vader in de hemel. Hoe kunt u verwachten dat God u zal belonen, als u alleen uw vrienden liefhebt? Zelfs de tollenaars doen dat! U moet volmaakt zijn, zoals uw hemelse Vader volmaakt is.” (Matt. 5:44,46,48) “De Zoon des mensen is niet gekomen om de zielen der mensen te verderven, maar om te behouden.” (Luk. 9:56 SV)
KORAN “Wanneer de heilige maanden voorbij zijn, doodt dan de afgodendienaren waar gij hen ook vindt en grijpt hen en belegert hen en loert op hen uit elke hinderlaag.” (Soera 9:5) “Zij (de gelovigen) zullen strijden op de weg van Allah en doden en worden gedood – een onfeilbare belofte in de Torah en het Evangelie en de Koran.” (Soera 9:111)
BIJBEL Daarop zeiden zij (de joodse leiders): “Wij hebben maar één vader: God! Jezus zei: Als God uw vader was, zou u mij liefhebben. Want Ik ben van God gekomen en Ik ben nu hier. Ik ben niet op mijn eigen gezag gekomen, maar Hij heeft mij gezonden. Weet u waarom u niet begrijpt wat Ik zeg? Omdat u niet kunt luisteren naar mijn woorden! De duivel is uw vader en wat uw vader wil, wilt u ook graag doen. Hij is vanaf het begin een moordenaar geweest. Hij heeft ook nooit aan de kant van de waarheid gestaan omdat er geen waarheid in hem is. Wanneer hij leugentaal spreekt, spreekt hij zoals hij is, want hij is een aartsleugenaar, hij is de vader van de leugen.” (Joh. 8:41-45)
KORAN “Zij vragen u (o Mohammed) omtrent de oorlogsbuit. Antwoord: De oorlogsbuit behoort aan Allah en de boodschapper.” (Soera 8:1) “Eet van de buit die gij ontvangt als wettig en goed en vreest Allah.” (Soera 8:69)
BIJBEL “Want de zonde betaalt een loon uit: de dood. Maar God geeft een geschenk: eeuwig leven in eenheid met Christus Jezus, onze Heer.” (Rom. 6:23) “In Hem alleen is redding, er is op aarde de mensen geen andere naam gegeven waardoor we gered zullen worden.” (Hand. 4:12) “Johannes zei: Daar is het Lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt!” (Joh. 1:29)
De positie van vrouwen (moslima’s)
KORAN “Mannen zijn voogden over de vrouwen omdat Allah de enen boven de anderen heeft doen uitmunten en omdat zij van hun rijkdommen besteden. Deugdzame vrouwen zijn dus zij, die gehoorzaam zijn en heimelijk bewaren, hetgeen Allah onder haar hoede heeft gesteld. En degenen, van wie gij ongehoorzaamheid vreest, wijst haar terecht en laat haar in haar bedden alleen en tuchtigt haar. Als zij u dan daarna gehoorzamen, zoekt geen weg tegen haar. Waarlijk, Allah is Verheven. Groot.” (Soera 4:34)
“Gij kunt geen volkomen gelijkheid tussen (uw) vrouwen handhaven, hoe gaarne gij het ook zoudt wensen. Maar neigt niet geheel tot één, zodat gij de andere in onzekerheid laat. En als gij u betert en vroom zijt, dan is Allah voorzeker Vergevensgezind, Genadevol. En als zij scheiden, dan zal Allah hen beiden door Zijn overvloed onafhankelijk maken; Allah is Milddadig, Alwijs.” (Soera 4:129-130)
BIJBEL “Mannen, hebt uw vrouw lief, zoals Christus zijn gemeente heeft liefgehad: hij heeft zijn leven voor haar gegeven. Zo moeten ook de mannen hun vrouw liefhebben als hun eigen lichaam.” (Ef. 5:22-23; 25,28) “Mannen, hebt uw vrouw lief en reageer uw ergernis niet af op haar.” (Col. 3:18-19).
KORAN “O profeet, Wij hebben voor u uw vrouwen wettig gemaakt, aan wie gij haar huwelijksgiften hebt gegeven, en degenen die uw rechterhand bezit van haar, die Allah u als een oorlogsbuit heeft gegeven en de dochters van uw ooms en tantes van vaderszijde en de dochters van uw ooms en tantes van moederszijde die met u emigreerden, en elke gelovige vrouw indien zij zich aan de profeet toevertrouwt als de profeet haar wenst te huwen; dit is slechts voor u en niet voor de gelovigen. Gij moogt verlaten wie gij wilt en tot u nemen wie gij wilt, er rust geen blaam op u wanneer gij haar terugneemt van wie gij u afzijdig hebt gehouden.” (Soera 33:50-51)
BIJBEL “Wat God heeft samengevoegd, mag een mens dus niet scheiden. Een man die zijn vrouw wegstuurt en met een ander trouwt, begaat echtbreuk, behalve in het geval van ontucht.” (Matt. 19:6, 9)
“Op iemand die leiding geeft, mag niets zijn aan te merken. Hij moet trouw zijn aan zijn vrouw, matig zijn, verstandig, beschaafd, gastvrij en een goed leraar; niet aan de drank verslaafd; niet opvliegend, maar redelijk, afkerig van ruzie en vrij van geldzucht.” (1 Tim. 3:2-3)
“Beheers je daarom en laat niemand van jullie ontrouw zijn aan zijn vrouw. De almachtige Heer, de God van Israël, zegt: Ik verafschuw het wanneer iemand zijn vrouw verstoot. Het is even erg als moord. Beheers je en blijf je vrouw trouw.” (Mal. 2:15c-16)
Verstaan moslims ook wat zij opzeggen?
KORAN In de Arabische en niet-Arabische wereld worden de Koran en zijn gebeden opgedreund als in de tijd van Mohammed. Vaak zonder dat men de betekenis ervan begrijpt. Bijvoorbeeld:
“Tabbat yadaa Ebie Lahabin va tobb. Maaegnaa anhu maaluhuuvama kasab. Sayaslaa naaran a zaatalahab. Vamraatuhuu hammalaata’l-hatabie, fiegiedeha hablun min-mesed.”(Soera 111:1-5)
Dit betekent: “De macht van Aboe Lahab en hijzelf zullen vergaan. Zijn rijkdommen en daden zullen hem niet baten. Weldra zal hij in een laaiend vuur branden. Ook zijn vrouw, de draagster van brandstof,
Om haar hals zal een koord van palmvezels hangen.”
BIJBEL In het boek Handelingen lezen wij van een Ethiopische man die in Jeruzalem een boek had gekocht dat hij op de terugweg naar zijn land zat te lezen. Een dienaar van God, Filippus, ging op aanwijzing van een engel van de Heer naast de wagen lopen en hoorde de man uit de profeet Jesaja lezen. “Begrijpt u wat u daar leest?” vroeg Filippus hem. “Hoe zou ik?” antwoordde de man, “als niemand mij daarin de weg wijst?” Hij verzocht Filippus in te stappen en naast hem te komen zitten. Het schriftgedeelte dat hij las, luidde:
“Als een lam werd hij naar de slachtbank gebracht en geen woord kwam over zijn lippen; hij hield zich stil als een schaap in de handen van de scheerder. Hij werd vernederd en het vonnis werd voltrokken. Wie kan over zijn nakomelingen spreken? Want hij werd uit het leven weggerukt.”
“Vertel me,” vroeg de kamerheer aan Filippus, “over wie zegt de profeet dit? Over zichzelf of over een ander?” En Filippus begon te spreken. Uitgaande van die woorden uit de Schrift verkondigde hij hem het goede nieuws over Jezus. (Hand. 8:30-35)
KORAN Ook voor moslims is de Koran een moeilijk boek. Daarom wijzen wij op de volgende uitspraak van de profeet: “En als gij over hetgeen Wij tot u hebben neergezonden twijfelt, vraagt dan degenen die het Boek vóór u hebben gelezen. Inderdaad, de waarheid is van uw Heer tot u gekomen; behoor daarom niet tot de twijfelaars.” (Soera 10:94)
In deze tekst wordt verwezen naar het Boek dat er was vóór de Koran, de Bijbel. Joden en christenen als raadgevers van moslims en als uitleggers van de Koran, een interessant gezichtspunt!
Wie is deze Allah, de God van de Moslims? (recensie)
Bespreking van het boek ‘Wie is deze Allah?’, van de Nigeriaanse islamoloog G.J.O. Moshay. Door een vergelijking van Gods openbaring in de Bijbel en Allah’s ‘openbaring’ in de Koran stelt hij zijn lezers in staat hun eigen conclusies te trekken.
Recensie door R.H. Matzken.
Wie is deze Allah? Door G.J.O. Moshay, uitg. Moria Hilversum, 200 pag.
Geloven de moslims in dezelfde God als de christenen (en de joden)? Meer dan ooit houdt deze vraag de mensen bezig. Voor christenen is het antwoord van essentieel belang voor de manier waarop moslims benaderd moeten worden. Voor niet-christenen ligt hierin de oplossing voor de ideologische en politieke aanpak van het conflict. Voor moslims is het geen vraag, want de Koran is hierin duidelijk; zij verwijzen naar Soera 29 vers 46 van de Koran waar staat: “Onze God en uw God zijn één.”
Dr. Moshay is christen-islamoloog aan de universiteit van Ibadan, Nigeria. Zijn boek is opgedragen aan alle christenen in Noord-Nigeria die in maart 1987 en tijdens de Maitatsine crisis door dienaren van Allah zijn vermoord. In het bijzonder is het geschreven ter nagedachtenis van Kaduzu Shebuka, oudste van de ECWA gemeente te Tundun Wada, Kaduna, die bij een van de islamitische aanvallen voor zijn kerk met benzine werd overgoten en levend verbrandde.
Moshay’s boek getuigt van een diepgaande kennis van de moslimgeschriften, naast de Koran ook de Hadith en de Sjaria, getuige de uitgebreide Literatuurlijst. Van de elf hoofdstukken citeren wij enkele kernachtige uitspraken uit het eerste hoofdstuk: Allah en geweld.
“Elke moslim die niet gewelddadig is, is nauwelijks een echte moslim te noemen” (p. 32)
“Zwaarden zijn de sleutels tot het Paradijs”; “Het Paradijs ligt in de schaduw van zwaarden”
(uit de Hadith van Kanz AlMuttaqi deel II pp. 252-286)
“Hij die vlucht (wegrent van het gevecht) hoort niet bij ons” (de profeet Mohammed, p. 43)
“Als ik door het geloven en volgen van het evangelie van Jezus Christus een vijand van Allah word, wie zou die Allah dan zijn?” (p. 47)
Het aantrekkelijke van dit boek is niet alleen Moshay’s grote belezenheid, maar vooral zijn mededogen jegens de misleide moslims. Daarom willen wij dit boek bij alle Nederlanders en Vlamingen krachtig aanbevelen, niet alleen bij de autochtonen maar ook bij de allochtonen. Het boek is academisch van niveau en laat zich toch makkelijk lezen door de leraren, schoolbesturen, leerlingen, studenten en ouders, die nu eindelijk wel eens willen weten hoe het toch zit met die islam.
Verklaar moslims de vrede – (kritische) recensie
Bij haar actie tegen het vijandbeeld jegens moslims maakt de schrijfster geen verschil tussen individuele moslims en de leer van de islam. Bovendien roept een uitgesproken vijandbeeld op tegen de joden en Israël. Recensie door drs. J van Barneveld in De Oogst, jan. 2003
De Australische Christine Mallouhi is getrouwd met de Syrische ‘moslim-volgeling-van-Jezus’ Mazhar Mallouhi. Het echtpaar heeft jarenlang in diverse Arabische landen gewoond, onder en met moslims geleefd. De echtgenote van Yasser Arafat, Souha Arafat, behoort tot haar vriendenkring.
Er zijn goede dingen te zeggen over haar boek. Zij stelt belangrijke zaken aan de orde: om moslims met het Evangelie te bereiken, moet eerst het eeuwenoude vijandsbeeld, dat o.a. door de kruistochten is ontstaan, worden afgebroken. Afkraken van de koran en van Mohammed werkt niets uit. Net als Franciscus van Assisi moeten we de moslims met de vrede en in de liefde Christus tegemoet treden. Die vier of vijf hoofdstukken over Franciscus en zijn ontmoeting met kalief Kaalim zijn zeer interessant.
Verder worden moslimgebruiken, zoals vasten, gebed, ramadan, de geloofsbelijdenis, jihad en de pelgrimsreis positief tegen het geloof van de schrijfster aangelegd en ook uitgelegd. In dit boek maken we kennis met een groot aantal vriendelijke, vredelievende, en zeer gelovige moslims.
De wijze waarop het bedreigende en momenteel bijna alomtegenwoordige moslimterrorisme als een randverschijnsel gebagatelliseerd wordt, komt op mij niet overtuigend over, maar is blijkbaar nodig om het vijandsbeeld af te vlakken. Als het ons maar niet in slaap sust!
Een predikant schreef mij over dit boek: “Het is een afschuwelijk, antisemitisch boek in een kleed van ‘christelijke liefde’, een boek dat veel kwaad kan doen.” Waarom deze felle kritiek? Het gaat voornamelijk om hoofdstuk vier, ‘Het Palestijnse probleem’. Dit hoofdstuk had overgeschreven kunnen zijn uit anti-Israël pamfletten van het Palestijnse ministerie van propaganda. Geschiedvervalsing, leugenverhalen, een felle anti-Joodse toonzetting, kortom de Palestijnse visie op het conflict vindt u in dit anti-Israël schotschrift. In het licht van de doelstellingen van het boek is dit hoofdstuk niet eens functioneel. Het had gewoon weggelaten kunnen worden. Afgezien van een paar anti-Israël sneren in andere hoofdstukken zou het boek niet eens zo slecht zijn. Nu wordt de ‘vrede aan de moslims’ verklaard door een oorlogsverklaring aan Israël en aan het joodse volk.
Om een vijandsbeeld tegen de moslims op te heffen moet blijkbaar een vijandsbeeld tegen de joden, dus antisemitisme worden opgewekt. Een zoet Arabisch-christelijk gebak met een giftige kern.
Waarom geven twee goede uitgeverijen, die toch beter moeten weten en de schijfster hadden kunnen adviseren hoofdstuk vier weg te laten, het boek uit? Vanwaar de aanbevelingen van de broeders Herman Takken en Anne van der Bijl? Zij kennen de Bijbel voldoende om te weten dat dergelijk anti-Israël gif niets bijdraagt aan het bereiken van onze moslimmedemens maar alleen maar ellende en narigheid brengt. Dit te moeten schrijven is voor mij een verdrietige plicht.
Sultana boekbespreking
‘Sultana’, het waargebeurde,schokkende levensverhaal van een Arabische prinses.
Jean P. Sasson, die van 1978 tot1991 inRiad verbleef en werkzaam was in het King Faisal Hospital en Research Centre, is de spreekbuis van Sultana, prinses van het huis Al Sa’oed, de koninklijke familie van Saudi-Arabië.
Prinses Sultana geeft haar dagboek aan haar Amerikaanse vriendin Jean Sasson, die dit verslag bewerkt tot drie boeken:
Deze boeken geven inzicht in het leven van moslimvouwen, die leven in een land waarin de sjaria geldt.
Prinses Sultana, die haar werkelijke identiteit niet kan onthullen, omdat ze daarmee haar leven op het spel zet, strijdt tegen de onmenselijke vrouwenonderdrukking.
Ondanks het leven in immense rijkdom wordt de geboorte van een meisje niet geregistreerd en wordt ze vaak op dertienjarige leeftijd uitgehuwelijkt aan een veel oudere man.
De aantekeningen van Sultana zijn een aanklacht tegen de gewelddadigheid van de Arabische mannenwereld met zijn ongekende vormen van seksueel misbruik.
Omdat meisjes door hun vaders genegeerd, door hun broers geminacht en door hun echtgenoten misbruikt worden, worden mannen evengoed ongelukkig als vrouwen, omdat liefde en echte kameraadschap onbereikbaar zijn geworden.
Ondanks de vele teleurstellingen verliest deze zelfstandig denkende vrouw haar strijdlust niet en sluiten zelfs een aantal van haar zusters zich bij haar aan.
Uitg. Bruna, 246 blz.
Register van Arabische termen
Ahmad
Ayatollah
Boerka
Chador
Dar al-Harb
Dar al-Islam
Dar al-Salam
Dar al-Kufr
Da’wa
Dhimmies
Djahannam
Djannah
Djizja
Djinn
Djihad
Euro-islam &
Euro-moslims
Fatwa
Fiqh
Fitna
Fitr
Hadieth
Hadj
Halal
Haram
Harem
Hidjaab
Hoeri’s
Hidjra
Hudna
Imam
Indjil
Insjallah
Isa
Islam
Islamisten
Janitsaren
Kaäbah
Kafir
Kaliefen
Kismet
Koran, Qur’an
Koeraisj
Masjid
Medina-model
Minaret
Moedzjin
Moetawa
Mohammed
Moskee
Moslim
Moslima’s
Moellah
Niqaab
Oemma Islam
Oerkoran
Ottomanen
Ramadan
Salaat
Salam
Sjahada
Sjahied
Sjaria
Sjirk
Sji’ieten
Soefi’s
Soera’s
Soenna
Soennieten
Tanzil
Taqija
Taurat
Zaboer
Zakaat
Zina
Wijd en zijd vermaard
Sji’itische leider
Gezichtsmasker voor vrouwen; ogen zijn bedekt door gaas
Vrouwengewaad met hoofddoek; gezicht is zichtbaar
Huis van Oorlog, gebied buiten islam
Huis van Islam, gebied onder islam
Huis van Vrede
Huis van Ongeloof
‘Uitnodiging’, verovering
Getolereerde tweederangsburgers
Hel, eeuwige pijniging
Paradijs voor de moslims
Verplichte ‘beschermbelasting’ voor niet-moslims
(Boze) geesten
Inspanning, heilige strijd
Islam volgens het Medina-model,
een typische vorm van hudna en taqija
Islamitisch vonnis, ook: doodsoordeel
Plichtenleer bij de islam
Verzoeking (tot afgodendienst)
Verbreking van vasten; Id al-fitr: suikerfeest
Mededeling, geschreven overlevering van Mohammed
Bedevaart naar Mekka
Wat toegestaan is (handelingen en producten)
Wat verboden is (handelingen en producten)
1. Alle vrouwen van een moslim; 2 hun verblijfplaats
Hoofdbedekking voor de vrouw, ter bescherming
Grootogige maagden in het paradijs
Uitwijking, emigratie (van Mekka naar Medina)
Tijdelijk vredesaanbod
Geestelijk moslimleider
Evangelie van de profeet Isa (Jezus)
Moge Allah het willen of toestaan
Arabisch voor Esau; naam in de Koran voor Jezus
(godsdienst van) Onderwerping, overgave
Fundamentalisten, strijdbare moslims
Geroofde christenkinderen, opgeleid tot moslimstrijders
Heiligdom in Mekka met zwarte steen
Niet-moslim, ongelovige
Opvolgers van Mohammed, rechters
Voor eeuwig voorbestemd (nood)lot
Heilig boek van de moslims; letterlijk ‘Reciet’
Stam van Mohammed
Kleine moskee, koranschool
Vreedzame co-existentie van alle ‘mensen van het boek’
Slanke ronde toren van moskee die oproept tot salaat
Tempelbeambte die vanuit de minaret oproept tot salaat
Godsdienstpolitie (in Arabië)
Profeet van Allah, “zegel der profeten”
Huis van gebed en instructie
Die zich onderwerpt aan islam en neerbuigt voor Allah
Vrouwelijke moslims
Islamitisch schriftgeleerde
Gewaad en sluier voor vrouwen met een uitsparing voor de ogen;
Gemeenschap van alle moslims
In de hemel bewaarde Koran, in Mohammed neergedaald
Eeuwenlange, uitgestrekte Turkse rijk
Vastenmaand
Ritueel gebed, vijf maal per dag
Staat van Dar al-Islam, moslim-vrede
Geloofsbelijdenis in Allah en zijn profeet
Martelaar die sterft in de djihad, helper van Allah
Rechtsregels van de islam
Heiligschennis, doodzonde
Tweede stroming binnen de islam, ongeveer 10%
Mystieke stroming binnen de islam
(114) hoofdstukken van de Koran
Overlevering, de weg van Mohammed
90 procent van de moslims; die de Soenna onderhouden
Aan Mohammed geopenbaard, ‘neergezonden’
(Bedrieglijke) aanpassing; huichelarij
Boeken van Mozes, Torah
Psalmen van David + historische en profetische Bijbelboeken
‘Reiniging’ door het geven van aalmoezen aan de armen
Overspel of seks buiten het huwelijk
Mohammed, hij kwam uit de woestijn
In ons land leven inmiddels 1 miljoen moslims en we zijn met de neus op de feiten gedrukt, dat het ons land veel zorgen baart. De moord op Theo van Gogh heeft heel wat gevoelens losgemaakt in de samenleving. De intuïtieve angst voor de islam die al lang sluimerend aanwezig was onder ons volk, is bevestigd.
Op christelijke scholen zijn inmiddels veel islamitische leerlingen aanwezig en dit vraagt om bezinning, want we moeten eerlijk onder ogen zien dat de islam en het christendom niet bij elkaar passen, vanwege lijnrechte verschillen op essentiële punten. De laatste jaren is er een algemeen geluid ontstaan, ook in de kerken, dat Allah en de God van Abraham, Isaak en Jacob dezelfde zouden zijn Ook op christelijke scholen zijn er leerkrachten die dit leren aan de kinderen. Dit is echter een totale misvatting en dit is een zeer ernstige ontwikkeling.
Er heerst bij velen inmiddels een gebrek aan bijbelkennis, terwijl de koran voor de meesten een volkomen onbekend boek is uit een andere wereld. Het is ook bekend dat ons volk veel minder leest. Het ligt dus niet voor de hand dat de keus dan ooit op de koran zou vallen. Dat is wel het laatste boek wat je ter hand zal nemen.
Het is echter van levensbelang voor het voortbestaan van de kerk en het christelijk onderwijs in ons land, dat de vraag of Allah en de God van Abraham, Isaak en Jacob dezelfde zouden zijn, beantwoord wordt. Dat antwoord komt uit de Bijbel en de koran zelf. Deze beide boeken moeten open en dat gebeurt tot op heden nagenoeg niet, als het om deze vraag gaat. Je kunt je afvragen of men deze boeken niet welbewust gesloten houdt. De koran openen betekent huiveringwekkende denkbeelden onder ogen zien.
De profeet Hosea waarschuwde: “Mijn volk gaat verloren door gebrek aan kennis (Hos 4:6).” In de eerste plaats is er gebrek aan kennis van het Woord van God zelf, maar daarnaast moet een christen ook enorm alert zijn op wereldse ideologieën die op hem afkomen.
Als we de Bijbel openen, dan lezen we in het Nieuwe Testament veel waarschuwingen die we zeker nodig hebben om de islam te kunnen beoordelen. Allereerst waarschuwt de Here Jezus Christus ons voor de komst van valse christussen en valse profeten (Matt. 24). De Here Jezus zegt ook dat veel mensen hierdoor misleid zullen worden. De apostel Paulus waarschuwt ons voor lieden die het evangelie willen verdraaien. En Paulus waarschuwt dat een ieder die een evangelie verkondigt afwijkend van wat hij ontvangen heeft, vervloekt is (Gal. 1). De apostel Johannes waarschuwt voor de komst van de antichrist. De antichrist is te herkennen aan de loochening van het God zijn van Jezus Christus (1 Joh. 2: 4 en 2 Joh. 1).
Als we de koran openen, dan komen we tot de ontdekking dat we profetisch gewaarschuwd zijn voor de komst van de islam. De islam is ontstaan uit de volgende Arabische bronnen: de koran, het heilige boek van de islam en de hadith, de opgetekende uitspraken en handelingen van Mohammed. De koran is een mengeling van het Oude Testament, Joodse overleveringen, het Nieuwe Testament, christelijke geschriften, apocriefe boeken, Arabisch, heidense overleveringen en Mohammeds eigen fantasie en leringen die hij volgens eigen zeggen ontving vanuit geestelijke ervaringen. En dat alles is een door elkaar gegooide rommelige warboel, waarin iedere chronologische volgorde ontbreekt. Gedeelten uit het Oude en Nieuwe Testament aan elkaar geplakt, halve waarheden en hele leugens en verdraaiingen. Het is dan ook voor een westerling heel moeilijk de discipline op te brengen om de koran uit te lezen. De hadith vertelt dat Mohammed 20 jaar lang van zijn leven visioenen ontving uit een geestelijke wereld. Deze ervaringen gingen gepaard met uiterlijke kenmerken, zoals op de grond vallen, hevig transpireren, ogen sluiten en schuim op de lippen. Soms hoorde hij een bel in zijn oor rinkelen. Ook had Mohammed het gevoel dat hij gewurgd werd door een wezen. Dat alles werd opgevolgd door zware hoofdpijnen. Mohammed heeft aangegeven dat hij mogelijk bezeten was, maar zijn vrouw Chadidja heeft hem ervan weten te overtuigen dat dit wel de engel Gabriël moest zijn. Zijn vrouw Chadidja heeft dus voor de verwarring gezorgd.
Mohammed heeft zichzelf uitgeroepen tot profeet en wel tot de allergrootste profeet, verheven boven Mozes en Jezus Christus. Hij noemt zichzelf het zegel der profeten. Mohammed eiste overgave van christenen en Joden. Maar de Joden en de christenen hebben Mohammed ernstig beledigd door hem als profeet af te wijzen. Deze woede en pijn van afwijzing die toen een aanvang heeft genomen duurt voort tot op de dag van vandaag. Christenen en Joden worden in de koran elkanders verbondenen genoemd, waarmee een moslim geen vriendschap mag sluiten. Er zijn enkele tientallen plaatsen in de koran aan te wijzen waarin moslims opdracht krijgen de ongelovigen en schriftbezitters (Joden en christenen) te onthoofden. Jezus Christus is in de koran slechts een profeet, lager dan Mohammed. De Godheid van Jezus wordt in de koran meerdere malen volledig ontkend. En de christenen worden vervloekt door Allah, omdat ze in de Godheid van Jezus Christus geloven.
In de Arabisch Joods /christelijke wereld doen van oudsher twee geruchten de ronde omtrent het ontstaan van de koran en dat is dat een Joodse rabbijn de koran onder dwang heeft moeten schrijven. Het andere gerucht is dat een Koptische, Armeense of Syrisch-orthodoxe priester de koran heeft geschreven. De islam berust dus op leugen en bedrog. Dit te doorzien zal niet moeilijk moeten zijn voor christenen die geleid worden door de Heilige Geest.
De islam roept op tot wereldverovering, door middel van de jihad, dit blijkt overduidelijk uit de koran en de hadith.
Als we de islamitische geschriften zouden moeten samenvatten, dan is de conclusie eenvoudig, de islam bestrijdt:
• het Woord van God,
• Jezus Christus en zijn volgelingen,
• het uitverkoren volk van God en het hun toebedeelde land Israël.Dat is de optelsom van wat de islam is. Deze optelsom treffen we aan bij het ontstaan van de islam en die wordt ook zichtbaar in de geschiedenis van de islam, tot op de dag van vandaag. Dat de islam een religie van vrede zou zijn, is een leugen van onze tijd. De kerk wordt in veel islamitische landen verdrukt en vervolgd en is in de geschiedenis zelfs vaak onder de voet gelopen en overwonnen door de islam. Miljoenen christenen zijn door de eeuwen heen vermoord, vervolgd, of op de vlucht geslagen voor de islam. Het land Israël voert al sinds zijn bestaansrecht een strijd op leven en dood met de islamitische landen rondom hen.
Mohammed kwam uit de woestijn en overal waar zijn gecreëerde godsdienst kwam, ontstond er een geestelijke woestijn. De islam verraadt zichzelf ook door de halve maan op de top van iedere moskee. Dit is een verwijzing naar de maangod Hubal , de god van de oorlog en het zwaard, afkomstig uit het pre-islamitisch veelgodendom.
Het is dan ook zeer verontrustend om te bemerken dat gerenommeerde geestelijke leiders ons willen voorgaan in de gedachte dat we dezelfde god zouden dienen en dat er als het ware wel te onderhandelen zou zijn met deze geestelijke macht door middel van de dialoog. Er wordt gezocht naar zogenaamde overeenkomsten. De Bijbel is er heel duidelijk over dat er machten en krachten uit de afgrond tegen de God van Abraham, Isaak en Jacob op zullen opstaan. En de apostel Paulus stelt dat dit de strijd is in de hemelse gewesten (Ef. 6). Dit zal tot de wederkomst van Jezus Christus in hevigheid toenemen.
Miljoenen zielen zitten op dit moment verstrikt in de leugen van de islam en er is maar een ding nodig en dat is dat de islam ontmaskerd wordt. Inmiddels weten we dat kritiek op de islam je het leven kan kosten.
De wereld heeft te maken gehad met veel misleidingen, bijvoorbeeld het rooms-katholicisme. De reformatie heeft deze valse leringen ontmaskerd en ten val gebracht. Luther was daarvoor een werktuig in Gods hand. Ook het nazisme en het communisme waren misleidingen die ten val gebracht en ontmaskerd moesten worden. Deze tijd vraagt van ons om de islam te ontmaskeren en te bidden dat nog veel zielen gered mogen worden uit de leugen.
Het is opmerkelijk om te zien dat ons land inmiddels verschillende dissidente allochtonen uit de islamitische wereld kent die ons volk waarschuwen voor de islam, zoals Ayaan Hirsi Ali, Afshin Ellian, , Hafid Bouaza. Laatst werd aan Afshin Ellian gevraagd of hij zich nog durfde uit te spreken tegen de islam. Zijn antwoord heeft ons christenen wat te zeggen: ,,Of ik nog durf? Ik heb liever dat velen het durven. Nu voel ik mij onbeschermd.”
Ook nemen we kennis van ex-moslims die christen geworden zijn en ons vertellen dat ze eigenlijk niet op de hoogte waren van de verschrikkingen van hun eigen godsdienst Ze voelen zich verraden en diep gekwetst door de leugens van de islam. Het ergste wat we nu als bijbelgetrouwe christenen kunnen doen is, de islam in bescherming nemen en zwijgen, terwijl anderen wel durven te spreken (politieke correctheid in de kerk). Juist de kerk is er verantwoordelijk voor om de duisternis te ontmaskeren. De Bijbel vertelt ons dat God aan de gemeente de gaven geeft om de geesten te kunnen onderscheiden.
Avi Lipkin, een Israëliër, houdt lezingen over de islam voor christelijke kerken in Europa en Amerika. Acht maanden per jaar reist deze man overal heen om de volle waarheid over de islam bekend te maken. Vaak zijn bij zijn lezingen moslims onder zijn gehoor en hij vertelt hun openlijk en onomwonden: “Ik haat jullie niet, ik hou van jullie, maar ik moet jullie één ding zeggen, jullie zijn slachtoffer van een ziek en krankzinnig systeem.”
Ooit was daar de opkomst van het nazisme en de geschiedenis vertelt ons dat de Duitse kerk en christelijke politici massaal door de knieën gingen voor het nazisme. Kerk, christelijke scholen en christelijke politici worden nu bedreigd door een knieval t.o.v. de islam. Als de kerk niet wil inzien en er niet duidelijk voor uit wil of durft te komen dat de islam een levensgevaarlijke godsdienst is die waarheid en vrijheid bestrijdt, dan is het een verloren zaak. Dan kunnen we stellen dat we al monddood en gegijzeld zijn in ons eigen land door de islam en dan kan het zijn dat de Blinkende Morgenster die eeuwenlang straalde boven onze natie, uitdooft.
Veel landen in het Midden-Oosten waren ooit christelijk, de islam heeft daar de christelijke kerk overwonnen en deze is tot op de dag van vandaag nooit meer opgestaan.
En Luther heeft ooit gewaarschuwd dat waar de christenheid dwaalt, de islam de overwinning behaalt.
E. Bezemer-de Jong.
Geraadpleegde literatuur o.a.
The trouble with islam Irshad Manji
Winning the war against radical islam Robert A Morey
Wie is deze Allah G.J.O. Moshay
Binnenin Islam Reza F. Safa
Mohammed en Jezus
Sinds de aanval op Mohammed door Ayaan Hirsi Ali is er een taboe doorbroken. Eindelijk wordt er geschreven over de lelijke karaktertrekken van Mohammed. Goedwillende moslims nemen het natuurlijk voor Mohammed op en benadrukken zijn goede kanten. Zijn lelijke kanten worden dan verzwegen. Wat de discussie zo pikant maakt is dat het leven van Mohammed ten voorbeeld gesteld wordt aan alle moslims, zoals christenen Jezus als voorbeeld nemen: wat zou Jezus doen in mijn geval?
Over dat ten voorbeeld nemen van Mohammed spreekt de Nederlandse moslim Ayhan Tonca duidelijke taal in Trouw van 31 jan. 2003. Zijn getuigenis over Mohammed doet niets onder voor dat van een goede evangelisch christen over Jezus. “Ik houd van Mohammed met heel mijn hart. Hij is mijn leider, mijn idool,” zegt hij. Dag en nacht is Mohammed in zijn gedachten. “Wat moet ik doen, en wat niet: Mohammeds leven geeft het antwoord. En als ik het niet meer weet, dan vraag ik aan God: laat mij leven zoals het grote voorbeeld dat U ons gegeven hebt. Ik wil zijn zoals hij.” Ayhan Tonca is niet zomaar een moslim. Hij is de voorzitter van de TICF, de grootste moskeekoepel in Nederland, waarbij 143 gematigde moskeeën zijn aangesloten die door de Turkse overheid worden gecontroleerd.
Tonca is dus een gematigde moslim en hij heeft een heel selectief beeld van zijn profeet. Hij benadrukt de edelmoedigheid en barmhartigheid van Mohammed en zijn overige goede kanten. Van zijn zwarte kanten, bijvoorbeeld het feit dat Mohammed 700 joodse mannen heeft laten afslachten, blijkt hij niet af te weten.
Een andere moslim, drs. Bahaediddin Budak, imam en islamoloog, doet er in Trouw van 1 febr. 2003 nog een schepje bovenop. In een open brief aan Hirsi Ali prijst hij Mohammed regelrecht de hemel in. “Weet je hoe de profeet heeft gereageerd op de dag dat hij uit Mekka moest omdat hij de vrijheid niet meer had te zeggen wat hij dacht? Hij ging naar Taïf, een stad dicht bij Mekka, hij werd daar gestenigd en uitgescholden. Het bloed liep van zijn hoofd tot zijn tenen. De engel kwam naar hem toe en zei: ‘als je wilt, zorg ik ervoor dat de stad door de grond wordt opgeslokt.’ De profeet zei: ‘nee, het zijn mensen die niet weten.’”
De imam verhaalt ook hoe Mohammed barmhartigheid betoonde aan Mekka, nadat hij deze stad zonder slag of stoot veroverd had. Hij had het volste recht gehad om bloedig wraak te nemen, want ongeveer vijf jaar daarvoor had “Hind, de vrouw van Aboe Soefyaan, een van de leiders in Mekka, de oom van de profeet laten vermoorden, vervolgens at ze zijn hart op uit woede en wraakzucht.” Mohammed heeft geen wraak genomen.
Hadieths
Het is maar goed dat de meeste moslims de lelijke kant van Mohammed niet kennen. Hoewel ze dat wel behoren, want ze staan onverbloemd in de hadieths, dat zijn de overleveringen van de profeet Mohammed. Uitgeverij Bulaaq heeft in 1995 voor een bloemlezing in Nederlandse vertaling gezorgd: Leidraad voor het leven. Ik kan dit boek iedereen aanbevelen die wat meer over de islam wil weten. Het geeft een levendig beeld van de situatie in het Arabië van de zevende eeuw en het leven van Mohammed. Het is een onverdachte bron, want de hadieths staan in hoog aanzien bij de moslims; ze hebben bijna net zoveel gezag als de Koran, die veel moeilijker te lezen is. Je kunt daarin lezen dat Mohammed een echt kind van zijn tijd was, die strooptochten hield om karavanen en andere stammen te plunderen, die de ene keer een genotshuwelijk toestond (gelegitimeerde prostitutie) en het de andere keer weer verbood, die verdragen schond, tegenstanders liet vermoorden, maar die ook heel veel goeds heeft gedaan en waarschijnlijk niet ten onrechte Al-Amien (de Betrouwbare) werd genoemd. Waarschijnlijk heeft Hirsi Ali de voor Mohammed beledigende anekdotes van haar eigen koranleraar geleerd.
De hadieths zijn bedoeld als voorbeeld ter navolging, vandaar ook de titel van het boek: Leidraad voor het leven. Als alle moslims het leven van Mohammed ten voorbeeld nemen zoals de Taliban en andere fundamentalistische moslims doen, dan kunnen ze beter maar niet meepraten in het normen- en waardendebat. Fundamentalistische moslims proberen Mohammed tot in de puntjes na te volgen. Zij laten hun baard groeien zoals ze denken dat Mohammed hem liet groeien (Bin Laden), ze poetsen hun tanden met een stokje omdat Mohammed dat ook deed, ze knippen hun nagels op de manier van Mohammed en ze plassen gehurkt omdat Mohammed dat ook deed. De Taliban hebben alle vormen van muziek verboden omdat Mohammed daar niet van hield. Helaas krijgen de fundamentalistische moslims steeds meer macht en invloed.
Liberale moslims
Liberale moslims benadrukken de hervormingen die Mohammed heeft doorgevoerd, bijvoorbeeld op het gebied van de vrouwen. Hij beperkte het aantal vrouwen dat een man mocht hebben tot vier (de slavinnen niet meegerekend), en dan moest hij ze ook nog goed kunnen onderhouden. (Voor hemzelf gold die regel niet, hij had een harem van minstens negen vrouwen, plus de nodige slavinnen als bijvrouwen. Een hadieth die aan Katada wordt toegeschreven verhaalt: “Anas ibn Malik heeft ons verteld: De Profeet was gewoon in één keer de ronde te maken langs zijn vrouwen, ’s nachts of overdag, en hij had er elf! Ik vroeg Anas: ‘Kon hij dat aan?’ Hij zei: ‘Jazeker; wij zeiden altijd: hem is de kracht van dertig mannen gegeven.’) Mohammed maakte het voor een man ook moeilijker om z’n vrouw weg te zenden. Hij verbood het doden van meisjesbaby’s. Die werden in zijn tijd soms levend begraven. Hij gaf de vrouw erfrecht. De vrouwen zijn er onder Mohammed dus sterk op vooruitgegaan, maar gelijke rechten als de man hadden zij nog lang niet. Liberale moslims, zoals Aboe Zaid, pleiten ervoor dat de islam doorgaat op de weg die Mohammed heeft ingeslagen. Geheel in de geest van Mohammed wil hij de vrouwen nog meer vrijheid en rechten geven. Aboe Zaid was professor aan de gezaghebbende Al Azar universiteit in Cairo. Maar vanwege zijn vooruitstrevende ideeën werd hij als afvallig beschouwd, waardoor hij z’n baan verloor en van z’n vrouw moest scheiden. Hij woont nu met z’n vrouw in ballingschap in het gastvrije Nederland, waar hem een leerstoel is aangeboden aan de universiteit van Leiden. Zo gaat het met liberale moslims. We moeten ons dus niet te veel voorstellen van een normen en waardendebat met moslims.
Het leven van Mohammed
Als we het leven van Mohammed bestuderen dan valt op dat hij twee geheel verschillende karaktertrekken vertoont. Zolang hij nog in Mekka optrad, de eerste tien jaar van zijn bediening, preekte hij met vuur de ene God. Hij dreigde met het oordeel van de jongste dag en schilderde de straffen van de hel in de felste kleuren, maar zelf gedroeg hij zich zachtmoedig. Hij werd vervolgd, met stenen bekogeld, maar sloeg niet terug. Dat zou ook niet verstandig geweest zijn, want de moslims vormden in Mekka slechts een kleine minderheid. Dat hij het zolang in Mekka kon uithouden, kwam doordat hij onder bescherming stond van machtige clanoudsten. In Mekka was hij slechts profeet en prediker.
Maar het werd hem te heet onder de voeten en Mohammed vluchtte naar Jathrib, wat hij omdoopte tot Medina. Hier aanvaardde Mohammed politieke macht. Hij kreeg de staatkundige leiding over de joodse en heidense stammen die in Medina woonden. Vanaf dat moment sloeg hij om als een blad aan de boom. Hier dringt zich een vergelijking met Jezus op. Ook Jezus kreeg op zeker moment politieke macht aangeboden, door Satan tijdens de verzoeking in de woestijn. Jezus moest daarvoor wel de satan aanbidden. Jezus is niet voor deze verleiding gezwicht. Is iets dergelijks soms ook met Mohammed gebeurd? Feit is dat Mohammed vanaf het moment dat hij politieke macht kreeg een heel ander mens werd. Hij maakte voortdurend ruzie met de Joden. Als een ware Ali Baba ging hij op strooptocht om karavanen en heidense stammen te overvallen. Dit alles rechtvaardigde hij met openbaringen uit de hemel, die in de Koran terug te vinden zijn. Hij ontpopte zich als een goed veldheer, en de overwonnen vijanden kregen de keus tussen de dood of moslim worden. (Joden en christenen mochten hun geloof blijven uitoefenen, maar moesten wel een vernederend capitulatieverdrag tekenen dat de praktisering van hun geloof sterk aan banden legde.) Uiteraard kozen de meesten ervoor om moslim te worden, daarmee redden ze niet alleen hun leven, maar ze vochten voortaan aan de kant van de onoverwinnelijke Mohammed en mochten dus delen in de buit. Zo kon Mohammed in tien jaar het hele Arabische schiereiland bekeren.
Kritiek
Sinds Medina wordt Mohammeds leven gekenmerkt door wraakzucht, moord en doodslag, en het verbreken van verdragen als het hem uitkwam. Hierin deed hij niet onder voor zijn tijdgenoten. Het plunderen van karavanen was een soort folklore waar iedereen aan meedeed, maar het was wel aan spelregels gebonden. Acht maanden van het jaar mochten de Arabieren op strooptocht, maar vier maanden niet. Dat waren heilige maanden, waarop men op bedevaart naar Mekka ging. Deze ongeschreven wet werd door Mohammed geschonden. Toen de moslims in Medina honger leden, stuurde Mohammed tijdens een van de heilige maanden een groep moslims erop uit om een karavaan uit Mekka te overvallen. Dat leverde hem niet alleen een rijke buit op, maar ook veel kritiek, en niet alleen bij z’n tegenstanders, maar zelfs bij z’n medemoslims. Aanvankelijk ontkende Mohammed dat hij opdracht had gegeven tot de overval, en verbood hij z’n mannen om de buit aan te raken. Maar de honger werd sterker en na een aantal dagen kreeg hij een openbaring uit de hemel (Koran 2:217), waarin zijn gedrag werd goedgekeurd. Voortaan zou alleen de maand ramadan heilig zijn.
Mohammed kreeg wel vaker kritiek van zijn eigen metgezellen. Op een keer, toen hij zijn adoptiefzoon Zaïd ging opzoeken, trof hij diens vrouw Zainab alleen thuis. Ze zag er zo lieflijk uit dat hij mompelde: “Lof zij Allah, de Verhevene, lof zij Allah, die de harten wendt.” Hij vertrok onmiddellijk. Maar Zainab had zijn woorden gehoord en vertelde het aan haar man. Die liet zich subiet van zijn vrouw scheiden, zodat Mohammed haar tot vrouw kon nemen. Dit zou voor ons geen bloedschande zijn, maar in de Arabische cultuur van die tijd gold een huwelijk met de vrouw van een aangenomen zoon als bloedschande. Aanvankelijk weigerde Mohammed dus met haar te trouwen, maar toen kreeg hij weer eens een openbaring. Die is te vinden in Koran 33:4 en 36-40. “… En Hij heeft jullie aangenomen zonen niet [werkelijk] tot jullie zonen gemaakt. … Toen Zaïd de omgang met haar had beëindigd, hebben Wij haar tot jouw echtgenote gemaakt, opdat er voor de gelovigen geen belemmering zou zijn met betrekking tot de echtgenotes van hun aangenomen zonen, als dezen de omgang met haar beëindigd hebben.” Dus kon Mohammed trouwen met de mooie Zainab. Dat was in het Arabië van die tijd ongehoord. Aïsja, zijn lievelingsvrouw, reageerde hierop heel opmerkelijk. Een moderne vrouw zou iets sarcastisch gezegd hebben in de trant van: “Je openbaringen komen je wel altijd goed van pas.” Zo niet Aïsja. Zij zei: “Nu weet ik dat je geen openbaring achterhoudt, want als je er één had moeten verbergen, dan was het deze geweest.”
Mohammed en de Joden
Zo barmhartig als Mohammed door sommigen wordt afgeschilderd was hij zeker niet. Je kunt hem eerder wraakzuchtig noemen. De dichtkunst stond in Arabië hoog aangeschreven. Mohammed was zelf een begenadigd dichter. Dichters gebruikten hun talent om wantoestanden aan de kaak te stellen en om hun leiders te hekelen. Zoals in onze tijd columnisten een politicus op de korrel nemen, zo deden in Mohammeds tijd de dichters dat. Hoewel Mohammed zelf ook geen blad voor de mond hield in zijn hekeldichten kon hijzelf geen kritiek verdragen. Zo liet hij de joodse dichter Ka’b ibn Asjraf vermoorden omdat hij spotdichten op Mohammed had gemaakt.
En Asjraf was niet de enige tegenstander die Mohammed uit de weg liet ruimen. Hij gaf ook opdracht tot moord op een rijke Jood. De broer van de moordenaar, die ongelovig was, nam het de moordenaar kwalijk, omdat de Jood veel voor hem betekend had. Waarop de moordenaar antwoordde: “Als hij, die mij dit bevel gaf, mij zou bevelen om jou ook te vermoorden, dan zou ik geen ogenblik aarzelen om dat bevel uit te voeren.” Hierop raakte de broer zo onder de indruk van de macht van Mohammed, dat hij zelf ook moslim werd.
Er woonden drie joodse ‘stammen’ in Medina, met wie Mohammed voortdurend overhoop lag. De eerste stam werd al in het tweede jaar dat hij de baas was in Medina, door Mohammed naar Syrië verbannen, met achterlating van al hun bezittingen.
Toen Mohammed in de strijd gewond was geraakt, waagden Joden van de tweede stam het met hem te spotten. Zij vroegen of er ooit een profeet in de strijd gewond was geraakt. (Profeten vochten namelijk niet.) Mohammed besloot deze stam hiervoor te straffen. Hij belegerde hun nederzetting en liet alle dadelpalmen omhakken. Dat leverde weer gemor op onder de moslims, want dit ging regelrecht in tegen de Arabische traditie (en tegen de Joodse wet). Maar Mohammed kreeg weer een openbaring, Koran 59:5 “Dat jullie dadelpalmen hebben omgehakt en op hun wortels hebben laten staan, gebeurde met Gods toestemming en opdat Hij de verdorvenen te schande maakte.” Deze stam gaf zich tenslotte over en mocht vertrekken, met achterlating van hun kostbaarheden.
Van de derde Joodse stam werden alle mannen uitgemoord, de vrouwen en kinderen gingen in slavernij.
Iedere moslim weet dat Aïsja Mohammeds lievelingsvrouw was. Talloze overleveringen (hadieths) worden aan haar toegeschreven. Mohammed trouwde met Aïsja toen ze zes jaar oud was, en had gemeenschap met haar toen ze negen was, ook dat is algemeen bekend, bijvoorbeeld uit een hadieth die in Nederlandse vertaling te vinden is in het boek Leidraad voor het leven. Aïsja zou gezegd hebben: “De Profeet is met mij getrouwd toen ik zes jaar oud was, en hij had gemeenschap met mij toen ik negen was.”
Wat wij weten over het leven van Mohammed, zoals de hierboven ge geven voorbeelden, is bijna allemaal afkomstig uit de hadieths. Zoals de titel, Leidraad voor het leven, al aangeeft zijn de hadieths bedoeld als voorbeeld voor de moslims van vandaag. Gelukkig nemen de meeste moslims ze niet allemaal even letterlijk tot leidraad. Maar helaas beroepen Marokkaanse moslims die hun tienerdochter uithuwelijken zich wel op het voorbeeld van Mohammed.
Godsdienstvrijheid
God is liefde en wil liefgehad worden door de mensen. Hiervoor is een vrije wil nodig. Je kunt een mens wel dwingen om lief te dóen, je kunt een kind dwingen om lief te zíjn, maar je kunt niemand dwingen om lief te hébben. Daarom kan het christendom niet zonder godsdienstvrijheid. De islam geeft zijn onderworpenen (moslim betekent onderworpene) geen keuzevrijheid. Moslims dienen Allah meestal niet uit vrije wil, maar uit angst of dwang. Op afval van de islam staat de doodstraf. Laten wij de moslims Jezus voorhouden en voorleven, die niet de doodstraf uitdeelde aan degenen die Hem verwierpen, maar die zijn leven gaf voor degenen die Hem liefhebben, en die het eeuwige leven geeft aan wie op Hem vertrouwen. Helaas hebben de moslims die vrijheid niet, anders konden zij kiezen wie zij volgen willen, Mohammed of Jezus. Ik maak me sterk dat miljoenen voor Jezus zouden kiezen, als ze maar mochten of durfden.
Bijschrift:
Taïf. Op deze plaats werd Mohammed met stenen bekogeld door zijn tegenstanders. De plek werd tot bedevaartsoord. Er is een moskee gebouwd, die onder het wahabitische bewind in verval is geraakt. De wahabieten verafschuwen heiligenverering.
Kies dan heden wie gij volgen wilt
Mohammed:
Terecht zegt imam El Moumni: “De islam is de meest natuurlijke godsdienst.” (Waarom ben ik moslim?)
Jezus:
Terecht zegt de apostel Paulus: “Het evangelie is niet naar de mens.” (Galaten 1:11)
Deze twee artikelen van Wilmos Oosterhoff zijn in april 2003 in ‘De Oogst’ gepubliceerd.
Laat iedereen het verstaan
Een vergelijking tussen wat de Bijbel en de Koran zeggen over een viertal actuele onderwerpen. Opgesteld door een Turkse leraar, zoon van een imam, die 30 jaar geleden christen werd.
Introductie
BIJBEL “Zoals geschreven staat: Er is niet één mens die Gods wil doet, niet één, er is niemand die verstandig is, niemand die zich tot God wendt. Iedereen gaat zijn eigen gang, ze zijn allemaal even slecht. Er is niet één mens die iets goeds doet, niet één. Hun keel is een open graf. Hun tong spreekt leugentaal, slangengif ligt op hun lippen. Hun mond is vol van vloek en venijn. Ze zijn snel ter been als er bloed moet vloeien. Waar zij komen, brengen ze verwoesting en afbraak. Ze weten de weg niet die naar vrede leidt. Ontzag voor God kennen ze niet. (Rom. 3:10-18)”
Houding tegenover Joden en Christenen
KORAN “Er zijn onder de Joden, die woorden uit hun verband rukken. En zij zeggen: ” Wij horen en gehoorzamen niet” en “luistert gij, zonder te horen” en “Raainaa”, terwijl zij woorden verdraaien en het geloof zoeken te schenden. En indien zij gezegd hadden: “Wij horen en wij gehoorzamen” en “hoort toe” en ,,Kijk ons aan” zou dit beter en oprechter voor hen zijn geweest. Maar Allah heeft hen wegens hun ongeloof vervloekt, zij geloven dus slechts weinig.” (Soera 4:46)
“O, mensen van het Boek (Christenen), gelooft in hetgeen Wij hebben nedergezonden, vervullende hetgeen bij u is voordat Wij uw leiders vernietigen en neerwerpen of hen vervloeken, zoals Wij het volk van de Sabbath vervloekten. Allah’s gebod zal volbracht worden.” (Soera 4:47)
BIJBEL “Pas op voor de valse profeten. Ze komen in schaapskleren naar u toe, maar in werkelijkheid zijn het roofzuchtige wolven. U kunt hen herkennen aan hun vruchten. Men plukt geen druiven van doornstruiken en geen vijgen van distels. Een goede boom kan geen slechte vruchten voortbrengen en een slechte boom geen goede. Zo kunt u hen herkennen aan hun vruchten.” (Matt. 7:15-18,20)
‘Heilige’ strijd tegen de vijanden
KORAN “Wanneer gij de ongelovigen (in oorlog) ontmoet, treft dan hun nek en wanneer gij overwinnaar zijt, bindt hen dan vast. En wanneer de oorlog opgehouden is, laat hen dan vrij uit gunst of voor een losprijs. Zo zij het. En indien Allah wilde, had Hij hen Zelf kunnen bestraffen. Doch Hij wilde sommigen uwer door anderen op de proef stellen. En degenen die terwille van Allah worden gedood, hun werken zal Hij zeker niet vruchteloos maken.” (Soera 47:4) “O profeet, spoor de gelovigen aan om te vechten. Als er twintig onder u zijn die stand houden, zullen zij tweehonderd overwinnen en als er honderd uwer zijn zullen zij duizend der ongelovigen verslaan, omdat zij een volk zijn dat niet wil begrijpen.” (Soera 8:65)
BIJBEL “Heb uw vijanden lief en bid voor wie u vervolgen. Dan zult gij kinderen zijn van uw Vader in de hemel. Hoe kunt u verwachten dat God u zal belonen, als u alleen uw vrienden liefhebt? Zelfs de tollenaars doen dat! U moet volmaakt zijn, zoals uw hemelse Vader volmaakt is.” (Matt. 5:44,46,48) “De Zoon des mensen is niet gekomen om de zielen der mensen te verderven, maar om te behouden.” (Luk. 9:56 SV)
KORAN “Wanneer de heilige maanden voorbij zijn, doodt dan de afgodendienaren waar gij hen ook vindt en grijpt hen en belegert hen en loert op hen uit elke hinderlaag.” (Soera 9:5) “Zij (de gelovigen) zullen strijden op de weg van Allah en doden en worden gedood – een onfeilbare belofte in de Torah en het Evangelie en de Koran.” (Soera 9:111)
BIJBEL Daarop zeiden zij (de joodse leiders): “Wij hebben maar één vader: God! Jezus zei: Als God uw vader was, zou u mij liefhebben. Want Ik ben van God gekomen en Ik ben nu hier. Ik ben niet op mijn eigen gezag gekomen, maar Hij heeft mij gezonden. Weet u waarom u niet begrijpt wat Ik zeg? Omdat u niet kunt luisteren naar mijn woorden! De duivel is uw vader en wat uw vader wil, wilt u ook graag doen. Hij is vanaf het begin een moordenaar geweest. Hij heeft ook nooit aan de kant van de waarheid gestaan omdat er geen waarheid in hem is. Wanneer hij leugentaal spreekt, spreekt hij zoals hij is, want hij is een aartsleugenaar, hij is de vader van de leugen.” (Joh. 8:41-45)
KORAN “Zij vragen u (o Mohammed) omtrent de oorlogsbuit. Antwoord: De oorlogsbuit behoort aan Allah en de boodschapper.” (Soera 8:1) “Eet van de buit die gij ontvangt als wettig en goed en vreest Allah.” (Soera 8:69)
BIJBEL “Want de zonde betaalt een loon uit: de dood. Maar God geeft een geschenk: eeuwig leven in eenheid met Christus Jezus, onze Heer.” (Rom. 6:23) “In Hem alleen is redding, er is op aarde de mensen geen andere naam gegeven waardoor we gered zullen worden.” (Hand. 4:12) “Johannes zei: Daar is het Lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt!” (Joh. 1:29)
De positie van vrouwen (moslima’s)
KORAN “Mannen zijn voogden over de vrouwen omdat Allah de enen boven de anderen heeft doen uitmunten en omdat zij van hun rijkdommen besteden. Deugdzame vrouwen zijn dus zij, die gehoorzaam zijn en heimelijk bewaren, hetgeen Allah onder haar hoede heeft gesteld. En degenen, van wie gij ongehoorzaamheid vreest, wijst haar terecht en laat haar in haar bedden alleen en tuchtigt haar. Als zij u dan daarna gehoorzamen, zoekt geen weg tegen haar. Waarlijk, Allah is Verheven. Groot.” (Soera 4:34)
“Gij kunt geen volkomen gelijkheid tussen (uw) vrouwen handhaven, hoe gaarne gij het ook zoudt wensen. Maar neigt niet geheel tot één, zodat gij de andere in onzekerheid laat. En als gij u betert en vroom zijt, dan is Allah voorzeker Vergevensgezind, Genadevol. En als zij scheiden, dan zal Allah hen beiden door Zijn overvloed onafhankelijk maken; Allah is Milddadig, Alwijs.” (Soera 4:129-130)
BIJBEL “Mannen, hebt uw vrouw lief, zoals Christus zijn gemeente heeft liefgehad: hij heeft zijn leven voor haar gegeven. Zo moeten ook de mannen hun vrouw liefhebben als hun eigen lichaam.” (Ef. 5:22-23; 25,28) “Mannen, hebt uw vrouw lief en reageer uw ergernis niet af op haar.” (Col. 3:18-19).
KORAN “O profeet, Wij hebben voor u uw vrouwen wettig gemaakt, aan wie gij haar huwelijksgiften hebt gegeven, en degenen die uw rechterhand bezit van haar, die Allah u als een oorlogsbuit heeft gegeven en de dochters van uw ooms en tantes van vaderszijde en de dochters van uw ooms en tantes van moederszijde die met u emigreerden, en elke gelovige vrouw indien zij zich aan de profeet toevertrouwt als de profeet haar wenst te huwen; dit is slechts voor u en niet voor de gelovigen. Gij moogt verlaten wie gij wilt en tot u nemen wie gij wilt, er rust geen blaam op u wanneer gij haar terugneemt van wie gij u afzijdig hebt gehouden.” (Soera 33:50-51)
BIJBEL “Wat God heeft samengevoegd, mag een mens dus niet scheiden. Een man die zijn vrouw wegstuurt en met een ander trouwt, begaat echtbreuk, behalve in het geval van ontucht.” (Matt. 19:6, 9)
“Op iemand die leiding geeft, mag niets zijn aan te merken. Hij moet trouw zijn aan zijn vrouw, matig zijn, verstandig, beschaafd, gastvrij en een goed leraar; niet aan de drank verslaafd; niet opvliegend, maar redelijk, afkerig van ruzie en vrij van geldzucht.” (1 Tim. 3:2-3)
“Beheers je daarom en laat niemand van jullie ontrouw zijn aan zijn vrouw. De almachtige Heer, de God van Israël, zegt: Ik verafschuw het wanneer iemand zijn vrouw verstoot. Het is even erg als moord. Beheers je en blijf je vrouw trouw.” (Mal. 2:15c-16)
Verstaan moslims ook wat zij opzeggen?
KORAN In de Arabische en niet-Arabische wereld worden de Koran en zijn gebeden opgedreund als in de tijd van Mohammed. Vaak zonder dat men de betekenis ervan begrijpt. Bijvoorbeeld:
“Tabbat yadaa Ebie Lahabin va tobb. Maaegnaa anhu maaluhuuvama kasab. Sayaslaa naaran a zaatalahab. Vamraatuhuu hammalaata’l-hatabie, fiegiedeha hablun min-mesed.”(Soera 111:1-5)
Dit betekent: “De macht van Aboe Lahab en hijzelf zullen vergaan. Zijn rijkdommen en daden zullen hem niet baten. Weldra zal hij in een laaiend vuur branden. Ook zijn vrouw, de draagster van brandstof,
Om haar hals zal een koord van palmvezels hangen.”
BIJBEL In het boek Handelingen lezen wij van een Ethiopische man die in Jeruzalem een boek had gekocht dat hij op de terugweg naar zijn land zat te lezen. Een dienaar van God, Filippus, ging op aanwijzing van een engel van de Heer naast de wagen lopen en hoorde de man uit de profeet Jesaja lezen. “Begrijpt u wat u daar leest?” vroeg Filippus hem. “Hoe zou ik?” antwoordde de man, “als niemand mij daarin de weg wijst?” Hij verzocht Filippus in te stappen en naast hem te komen zitten. Het schriftgedeelte dat hij las, luidde:
“Als een lam werd hij naar de slachtbank gebracht en geen woord kwam over zijn lippen; hij hield zich stil als een schaap in de handen van de scheerder. Hij werd vernederd en het vonnis werd voltrokken. Wie kan over zijn nakomelingen spreken? Want hij werd uit het leven weggerukt.”
“Vertel me,” vroeg de kamerheer aan Filippus, “over wie zegt de profeet dit? Over zichzelf of over een ander?” En Filippus begon te spreken. Uitgaande van die woorden uit de Schrift verkondigde hij hem het goede nieuws over Jezus. (Hand. 8:30-35)
KORAN Ook voor moslims is de Koran een moeilijk boek. Daarom wijzen wij op de volgende uitspraak van de profeet: “En als gij over hetgeen Wij tot u hebben neergezonden twijfelt, vraagt dan degenen die het Boek vóór u hebben gelezen. Inderdaad, de waarheid is van uw Heer tot u gekomen; behoor daarom niet tot de twijfelaars.” (Soera 10:94)
In deze tekst wordt verwezen naar het Boek dat er was vóór de Koran, de Bijbel. Joden en christenen als raadgevers van moslims en als uitleggers van de Koran, een interessant gezichtspunt!
Islamitische en Westerse waarden
Vullen ze elkaar aan . . . of sluiten ze elkaar uit?
Eind januari 2004 verscheen het rapport van de commissie-Blok ‘Bruggen bouwen’ over 30 jaar integratiebeleid in Nederland. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen geslaagde integratie en niet-geslaagde integratie. Ook wordt een aantal factoren vermeld die echte integratie moeilijk of onmogelijk maken, zoals het handhaven van de eigen – op moslimwaarden en sjaria-ethiek – gebaseerde cultuur.
Bezwaren tegen het rapport waren gebrek aan duidelijkheid en aanbevolen maatregelen. Het Platform voor islamvragen heeft nu een studie gemaakt om aan deze onvoldoende geachte duidelijkheid bij te dragen, waaruit wij alvast enkele gevens noemen.
Onze Europese (Westerse) culturen dragen het stempel van een joods-christelijk en humanistisch erfgoed. Tegenwoordig is men in onze Westerse landen eerder geneigd te zwijgen over het joods-christelijke erfgoed (Europese Grondwet en WRR rapport) en zich te beperken tot de humanistische waarden, die voortkomen uit de Renaissance en Verlichting. Daarmee doen wij echter onszelf tekort en zijn wij onvoldoende opgewassen tegen de uitdagingen waarmee de islam ons confronteert.
De islamitische ethiek is allereerst religieus in de betekenis van onderworpenheid aan Allah en geloof in de laatste dag, engelen, het Boek en de profeten.
Volgens Westerse maatstaven gaat deislamitische ethiek uit van een dubbele moraal:
Het gaat in wezen om enkele basisbegrippen zoals Recht en Gerechtigheid; Vrijheid van godsdienst en Democratie (zie bijv. www.jamaat.org/islam/HumanRightsPolitical.html).
Het kan geen uitstel velen dat de samenleving zich gaat bezinnen op de te nemen maatregelen. Dit om te voorkomen dat door gebrek aan voldoende kennis en inzicht het probleem van de integratie alleen maar groter wordt.
Islam verhalenderwijs, een kritische boekbespreking
auteur: prof. dr. Anton Wessels, Amsterdam 2001, uitg. Nieuwezijds, 286 pag. € 22,–
‘Verhalen’ zijn tegenwoordig ‘in’: Wanneer het niet lukt om door logisch redeneren het gewilde resultaat te bereiken omdat de dogma’s als vastgeroeste uitgangspunten in de weg staan, probeert men het met ‘verhalen’. Zo tracht ds Nico ter Linden met zijn boeken ‘Het verhaal gaat’ de Bijbel weer toegankelijk te maken voor intellectuele twijfelaars en wordt in veel godsdienstlessen de bijbelse boodschap doorgegeven als ‘Op verhaal komen’. Niet woordelijk natuurlijk, niet historisch of wetenschappelijk, maar als nieuw ‘verhalenboek voor religieuze mensen’.
In zijn boek ‘Islam verhalenderwijs’ heeft ook dr. Anton Wessels, hoogleraar godsdienstwetenschap aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, het verhaal gekozen om voor niet-moslims de islam verstaanbaar te maken en karikatuurbeelden neer te halen. Maar . . . met zijn visie op de ‘Abrahamitische oecumene’ van de drie monotheïstische religies: jodendom, christendom en islam, gaat hij daarbij lijnrecht in tegen onder meer:
“In de communicatie van het evangelie met moslims kunnen we niet volstaan met de opmerking dat christenen en moslims en talmoedische joden allen in één God geloven en dat ze allen op de een of andere manier monotheïsten zijn en dat daarom hun godsconcepties vrijwel gelijk zijn. Zulke opmerkingen getuigen van grote oppervlakkigheid”
(J. Verkuyl, Met moslims in gesprek over het evangelie, p.47/48)
“Wie knielt voor Jezus, de Gekruisigde en Verrezene, kan niet meer zeggen dat het er niet toe doet wat je gelooft en in wie je gelooft. Wie knielt voor Jezus kan niet meer zeggen: Ik zie tussen de boodschap van Jezus, Boeddha, Mohammed e.a. slechts relatieve verschillen”
(J. Verkuyl, Zijn alle godsdiensten gelijk? p.98)
Wat moeten wij, ouders, leraren en besturen van christelijke scholen hier nu mee? Lopen wij met opvattingen zoals prof. Verkuyl die eenmaal heeft geformuleerd, niet tientallen jaren op de ontwikkelingen achter? Wij menen van niet, want als wij goed om ons heen zien, blijken de tijden opnieuw te zijn veranderd, mogelijk ten goede! Dit blijkt bijvoorbeeld wanneer wij letten op de reactie in het studentenblad ‘Ad Valvas’ op de recente lezing ‘Moslims in Mokum’, waarin Wessels nadrukkelijk JA zegt op de vraag: “Is Mohammed onder de profeten?” Of wanneer wij zien en horen hoe ongeloofwaardig een centrale uitspraak in ‘Islam verhalenderwijs’ overkomt op moslims die tot het geloof in Jezus Christus zijn gekomen.
“Het is goed om de Godsnaam Allah met God te vertalen, om zo de suggestie te vermijden dat met Allah een andere god bedoeld zou worden.” (pag. 93)
Het boek zelf geeft blijk van een grote belezenheid en ‘missionaire gedrevenheid’, waarbij de vele ‘verhalen’ in een tiental pakkende hoofdstukken zijn ingedeeld. Die verhalen zijn niet alleen vaak boeiend (met soms een verhelderende uitleg erbij) en brengen de lezer in een wereld die zij hooguit kennen vanuit Sindbad de Zeeman of Sprookjes van Duizend en één nacht. Tegelijk zijn deze verhalen dragers van verwarrende boodschappen zoals:
1. Islam en salam wil zeggen: vrede
2. De verhalen uit de joodse, de christelijke en de islamitische traditie dragen – ondanks de verschillen – bij tot het bewust worden van een gemeenschappelijke bron (op pag. 241-248 wordt zelfs het Babylonische Gilgamesj-epos als oertekst voor veel verhalen genoemd!)
Het behoeft geen betoog dat wij hierin grondig met Wessels van mening verschillen. Dat geldt niet alleen in theologisch opzicht, maar ook wetenschappelijk gezien vragen wij ons af hoe een geleerde een belangrijk verschijnsel als de islam zo eenzijdig met een roze bril kan benaderen.
Zo is de uitspraak ‘Islam en salam wil zeggen vrede’ ronduit misleidend. Islam betekent onderwerping, en wel in slaafse zin en met uitschakeling van het kritisch vermogen (waarvan hij overigens zelf een sprekend voorbeeld geeft). Hij vermijdt te zeggen wat een vernederende positie (als getolereerde dhimmie) de niet-moslim inneemt in Dar al-Islam alias Dar al-Salam (Huis van Vrede).
Sharia betekent voor de moslim ‘de weg’ en zou volgens pag. 91-92 dezelfde functie hebben als de thora, namelijk leefregels. Daarbij wordt niet ingegaan op de verstillende en verkillende gevolgen ervan voor degenen (moslims en niet-moslims) die eronder moeten leven.
Ook over de djihad wordt op pag. 32 vergoelijkend gesproken: de meeste moslims zouden die zien als de ‘inspanning op de weg van Allah’ in het beteugelen van hun driften. De djihad met het zwaard is iets voor fundamentalisten, waar niet verder op wordt ingegaan. Voor het verschil tussen kleine en grote djihad wordt zelfs verwezen naar Spreuken 18:32!
Dat ook de islam geworsteld heeft met de spanning tussen uitverkiezing/lotsbestemming en eigen verantwoordelijkheid, blijkt wel uit het volgende, door P.N. van Eijck bewerkte gedicht:
Een Perzisch Edelman:
Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: “Heer, Heer, één ogenblik!
Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.
Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.
Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!” –
Van middag (lang reeds was hij heengespoed)
Heb ik in ’t cederpark de Dood ontmoet.
“Waarom,” zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
“Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?”
Glimlachend antwoordt hij: “Geen dreiging was ’t,
Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,
Toen ‘k ’s morgens hier nog stil aan ’t werk zag staan,
Die ‘k ’s avonds halen moest in Ispahaan.”
Samenvatting. Dit boek is te beschouwen als een verrijking voor iedereen die over de grenzen van de eigen cultuur wil heenzien naar de uitgebreide verhaaltraditie uit de moslimculturen. Onze bezwaren richten zich op het sterk relativeren van de eigen christelijke godsdienst, met name van het unieke van de Bijbelse openbaring van de Persoon van Jezus Christus. Bovendien missen wij het kritisch vermogen om de islam als ‘politieke religie’ te toetsen aan zowel de Bijbel als aan de fundamenten van onze Westerse samenleving. Daarmee voldoet dit boek niet aan de eis van het Woord van God, dat als “een tweesnijdend scherp zwaard onderscheid maakt tussen ziel en geest, gewrichten en merg, het schiften van overleggingen en gedachten des harten,” Hebr. 4:12.
Islam en Christendom met elkaar vergeleken
Islam
Christendom
Er bestaat geen brug tussen hem en de schepping.
De begrippen zondeval en erfzonde zijn in de islam onbekend.
Verzoening met God is slechts mogelijk door de dood van Jezus. (2 Corinthiers 5:18-19)
Hij moet als moslim voor het goede kiezen en het kwade mijden. Mocht hij dan toch zondigen, dan raakt hij God daar niet mee. Hij zondigt in eerste instantie tegen zichzelf.
De mens is niet wezenlijk van God gescheiden.
Jezus mag niet als God vereerd worden.
Het geloof in drie goden is heidens en veelgoderij. Meerdere goden te vereren is de ergste zonde in de islam, waarvoor geen vergeving is.
Vader, Zoon en Heilige Geest zijn één God in drie Personen. (Johannes 1:1-2)
Het is principieel onmogelijk om voor een ander verlossing te bewerken. Over Jezus’ dood vermeldt de Koran niets. Waarschijnlijk heeft God hem aan zijn vijanden ontrukt en werd een ander in zijn plaats gekruisigd.
Door de kruisiging heeft Hij voor de mensen de straf op de zonde gedragen. Door zijn opstanding heeft Hij zonde en dood overwonnen. Zo heeft Hij de verlossing bewerkt voor iedereen die gelooft (1. Petrus 1:18-19).
Het Oude en Nieuwe Testament is in de loop van de tijd vervalst en daarom niet meer betrouwbaar. De Koran corrigeert het Oude en Nieuwe Testament.
Daarmee is elke vervalsing uitgesloten
Daarbij werd de persoonlijkheid van de bijbelschrijver niet uitgeschakeld, maar deze komt zich duidelijk in de verschillende bijbelboeken tot uiting. (2 Timotheus 3:16).